Opheffer

De intellectuele vormcrisis van Nederland

Nog even over de intellectuele crisis waarin Nederland zit.

Crisis? Er is helemaal geen crisis?

Niet?

Welke schrijver heeft hier enige invloed? Mulisch? Van der Heijden? Giphart? Zwagerman? Wie heeft er statuur en allure? Hoe zit het met onze intellectuelen? Wil de Nederlandse Sartre opstaan? Bolkestein? Schuijt? Blokker? Van Dam? Wie maakt de Nederlandse Le Monde? NRC Handelsblad? Parool? Volkskrant?

Wie is de Nederlandse Tony Blair? Wouter Bos? Rutte? Wie is dan de Nederlandse Mitterrand? Dittrich? Ayaan Hirsi Ali?

Hebben we invloedrijke satirici? Ik zou niet weten wie. Hebben we gezaghebbende televisiepersoonlijkheden?

Nederland verkeert in een intellectuele vormcrisis.

Laatst zat ik er weer met mijn neus bovenop. Ik was op het filmproductiebedrijf van Theo van Gogh toen hij hoorde dat de Vara en de NPS geen beelden van Pim Fortuyn aan hem beschikbaar wilden stellen.

De Vara en de NPS, dat waren toch twee progressieve omroepen? Omroepen waar iets kon. Bij de Vara kun je ongeveer elk uur van de dag horen hoe geweldig ze daar Michael Moore vinden met Fahrenheit 9/11, maar als Van Gogh 06/05 wil maken, verlenen ze geen medewerking. Het zal allemaal wel met de beste bedoelingen zijn, maar het geeft de vormcrisis aan.

Maar er wordt toch in Nederland wel helder gedacht? De Paulen Scheffers vertellen ons toch voortdurend wat er aan de hand is?

Tja, vast. Maar vervolgens gebeurt er niets. Of er gebeurt wel van alles, maar niet iets wat de moeite waard is.

Bij de kranten komt, hup, de volgende rubriek waarin we kunnen lezen wat een politicus in zijn koelkast heeft staan, en hup, weer een rubriek met de mooiste zwembaden in Nederland, en hup weer een rubriek over de duurste restaurants. Atkinsdieet of geen Atkinsdieet. Pagina 1. Tweede opening. Ondertussen krijgen twee adviseurs die hebben geadviseerd dat de Perscombinatie in handen moet komen van een uitgever die gespecialiseerd is in telefoonboeken een «fee» die groter is dan de winst van diezelfde Perscombinatie!

Ongetwijfeld weer met de beste intenties, maar het is opnieuw een exponent van de vormcrisis. Een intellectuele vormcrisis. We weten niet wat we met ons land aanmoeten. Sterker, we weten niet wie «we» zijn. We loeren naar elkaar, en zien zo niet dat de Endemollen — het zij ze gegund — de weinige ruimte die er voor een uitwisseling van gedachten nog zou kunnen zijn, innemen en bezetten.

Waar zijn de literaire bladen? Waar zijn de grote, belangrijke opiniestukken? Waar zijn de invloedrijke boeken? Waar zijn de intellectuelen? Waar zijn de politici met iets meer diepgang? Waar zijn de grote gekken? Waar zijn de excentriekelingen? Waar zijn de monomanen? En waar zijn de bohémiens? Het is niet erg dat het er niet is, maar het geeft de vormcrisis aan.

Belangrijke Musea voor de Moderne Kunst? Niet hier. Niet echt hier.

Een Nederlandse Michael Moore? Kan niet, want je krijgt geen beelden van de Vara en de NPS, waarvan de directie trouwens zelf wel wil inbreken als ze maar een klein videobeeldje aan Moore zouden mogen geven.

Ik ruik overal de geur van de jaren zestig. De geur van truttigheid. De geur van verholen taboes. Ik hoor weer het klagende gegrom van de gewone man. De gewone man die trouwens weer bestaat. De gewone man die, als je er niets aan doet, de vorm krijgt van een rat.