Italië

De jaren van lood

ROME - Op 19 maart werd regerings adviseur Marco Biagi voor zijn huis in Bologne geliquideerd door de nieuwe BR-PCC, een afsplitsing van de linkse terreurgroep Rode Brigade uit de jaren zeventig. De BR-PCC heeft inmiddels twee politieke moorden op zijn conto. Een collega van Biagi was in 1999 het eerste slachtoffer.

Hoewel Italië vreest voor een terugkeer van de ‘jaren van lood’, toen honderden mensen het slachtoffer werden van linkse of rechtse terreuraanslagen, is die angst niet helemaal gegrond. Terwijl in de jaren zeventig de linkse Rode Brigade enigszins kon rekenen op morele steun van arbeiders en studenten, en de rechtse aanslagen werden gefinancierd en gecoördineerd door binnenlandse en buitenlandse geheime diensten, is de aanleiding van de ‘strategie van spanning’ nu verdwenen. De Koude Oorlog is voorbij.

De strategie van spanning, die inmiddels door een onderzoekscommissie is vastgesteld, was erop gericht om door chaos en verwarring de politieke status quo (de macht van de christen-democraten) te verstevigen en het communisme geen kans te geven. Zo werden de verantwoordelijken van terreuraanslagen, die mede werden georganiseerd door de CIA, lange tijd gezocht in anarchistische kringen. De – uitgelokte – reactie van links bleef niet uit. Zwarte terreur werd met rode terreur beantwoord.

De jaren van lood begonnen met de aanslag, eind 1969, op Piazza Fontana in Milaan, waarbij zestien mensen om het leven kwamen. Vorig jaar, 32 jaar na dato, drong voor het eerst de waarheid door tot de rechtszaal. Drie neofascisten van de Ordine Nuovo werden in eerste graad veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf. Ook werd duidelijk dat de CIA via infiltraties deze fascistische terreurgroep voorzag van informatie.

De reactie kwam van de Rode Brigade, die in 1970 voor het eerst van zich liet horen met sabotageaanslagen. Na snelle arrestaties in de top richtte de groep zich steeds meer op het liquideren van militairen, vakbondsleiders, professoren en politici.

Het dieptepunt werd bereikt in 1978, toen ex-premier Aldo Moro, na een gijzeling van anderhalve maand, werd vermoord. Twee jaar later kwamen 85 mensen om het leven bij een bomaanslag van extreem rechts op het station van Bologne.

Na de val van de Muur en nadat het oude politieke bestel begin jaren negentig aan zijn eigen partijcratie en corruptie ten onder was gegaan, veranderde het klimaat. De hervormde communisten kwamen onder leiding van Romano Prodi zelfs in de regering.

De strategie van spanning bestaat niet meer, maar het (incidentele) politieke geweld zal in Italië niet snel verdwijnen. Daarvoor zijn de littekens te vers. Te veel aanslagen zijn onopgelost gebleven en te veel verantwoordelijken onbestraft. Het land is nog niet klaar voor een waarheidscommissie zoals die in Zuid-Afrika, al vinden velen dat nodig.

De samenleving is nog altijd geradicaliseerd, verdeeld tussen rood en zwart, links en rechts. De vele escortes, bodyguards, zware ordediensten en geheime diensten worden geaccepteerd als een noodzakelijk kwaad. Ondertussen heeft minister- president Silvio Berlusconi zich handig weten te nestelen in het veilige en sterke politieke centrum, waar ooit de christen-democraten zetelden en waar de Italiaanse burgers hun zekerheid zoeken.