Appeltjes van Oranje

De keizerin der Inca’s

Een vorstelijk huwelijk dient van oudsher eben gebürtig te zijn. Dat wil zeggen dat de echtelieden qua stamboom tegen elkaar op moeten kunnen. De aan te trouwen partner dient gelijkwaardig te zijn in titel, maar moet de boel ook weer niet overvleugelen. De huizen van Mecklenburg, Lippe-Biesterfeld en Von Amsberg waren daarom eerder geschikte hofleveranciers van ebengebürtige prinsen, aristocratisch maar niet te hoog, net van hetzelfde slag tweede garnituur landadel als de Oranjes. Het vorstelijke gehalte van de oranje bloedlijn bleef er in elk geval door intact.

Emily Bremers was indertijd natuurlijk beslist niet ebengebürtig. Deze dochter van een fiscaal vluchteling te België beschikte over niet één druppel blauw bloed en werd daarom ook al snel uit het paleis verjaagd. In het geval van Máxima Zorreguieta Cerruti lijkt Oranje echter weer veel te hoog te hebben gegrepen.

In het geruchtmakende boek van Jan Thielen gaf pa Zorreguieta al aan dat zijn dochter bepaald geen Hollandse prins nodig heeft om zich enigszins koninklijk te kunnen voelen. De Zorreguie ta’s, zo gaf de wraakzuchtige schoonvader aan, stammen regelrecht af van de keizers van de Inca’s, een van de machtigste dynastieën die de mondiale royalty ooit heeft voortgebracht, heersers die werden aanbeden als goden, en via mensenoffers aan hun mysterieuze zonne-orakels ook niet nalieten die absolute macht te onderstrepen.

Máxima heeft haar Inca-achtergrond te danken aan haar voormoeder Jesus Hernández Cor nejo, die in 1856 in het huwelijk trad met Mariano Zorreguieta, een invloedrijke politicus uit de Argentijnse provincie Salta die de grootvader van Jorge Zorreguieta was. Oma Jesus Hernández Cornejo was een prinses uit Peru. Ze stamde van moederszijde af van Paucar Ocllo, een van de meest gevreesde heersers van het Inca-rijk. De Ocllo’s behoorden tot de allereerste Inca-dynastie. Volgens de legende werd het eerste Inca-keizerskoppel gevormd door Ayar Manco (alias Manco Capac) en zijn zuster Mama Ocllo, die in de twaalfde eeuw als kinderen van de oppergod Viracocha vanuit La Isla del Sol, een eiland in het Titicaca-meer in het midden van Peru, zouden zijn vertrokken om in het noorden een civilisatie op te bouwen in naam van de zonnegod Inti.

Manco Capac, zo wil de legende, onderrichte het volk in de landbouwtechnieken, terwijl zijn gade Mama Ocllo de vrouwen bekendmaakte met de weefkunst. Deze stam stichtte uiteindelijk de Zonnetempel van Cuzco, die door de trotse en heerszuchtige Inca’s werd beschouwd als het middelpunt van de aardse beschaving. Zowel Manco als Mama Ocllon liet een eigen dynastieke lijn achter, die beide werden aangeduid als Inca’s, de priestergoden.

Ze leefden in grootse stijl, deze Inca’s. Hardvochtig waren ze ook. Ze troonden over een verzameling autonoom functionerende agrarische gemeenschappen, ayllu genaamd, communes die bij tijd en wijle werden bezocht door vertegenwoordigers van de keizer, op wiens last de mooiste meisjes verplicht mee moesten naar de Zonnetempel om daar te leven als accla cuna, oftewel Maagd van de Zon. Deze hogepriesteressen vonden óf hun einde op het offerblok óf werden opgenomen in de keizerlijke harem, die kon uitdijen tot vijftienduizend meisjes per keizer, opgesloten in heilige tempelcomplexen. Een «Gekozen Vrouw» die het waagde het heiligdom te ontvluchten of werd betrapt op een liaison met een omwonende werd gewoonlijk levend begraven, terwijl haar minnaar werd gewurgd en het dorp waar ze vandaan kwam met de grond gelijk werd gemaakt.

De macht van de Inca’s was rond 1500 op zijn hoogtepunt. Niet alleen heel Peru, maar ook wat tegenwoordig Chili wordt genoemd was in hun handen gekomen. Hun grote heiligdommen zouden zijn geplaveid met goud, hetgeen het oor bereikte van Fransisco Pizarro, de Spanjaard die in 1527 op zoek ging naar de mythische rijkdommen van de Inca’s. Het was Máxima’s verre voorvader Manco Capac II die in 1536 met behulp van Pizarro de troon der Inca’s besteeg, nadat keizer Atahualpo door Pizarro was vermoord. Deze Manco Capac werd in 1545 op zijn beurt ook weer vermoord, net als diens nakomeling Tupac Amaro, de laatste Inca, die na eerst te zijn gedoopt werd onthoofd door de nieuwe koloniale machthebbers.

Bijna vijfhonderd jaar later is het Máxima Zorreguieta die als Gekozen Vrouw van Oranje iets van de glorie van de Inca’s moet herstellen, zij het in een afgelegen oord als Nederland, waar niet eens zon is om te aanbidden. Oranje gaat zo ongetwijfeld een stipnotering omhoog in de almanak van de internationale royalty. Maar de vraag blijft of het niet te hoog gegrepen is. De obscure Friese nevenlinie van de Oranje-Nassaus die het sinds de val van Napoleon voor het zeggen heeft in Nederland, steekt wel héél bleek af tegen zo'n imposante stamboom.