H.J.A. Hofland

De Kissinger van Bush

Gemompel uit de krochten van het verleden. De ene staatsman vindt dat de zaak groot moet worden aangepakt, met de atoombom. De andere maakt zich zorgen over burgerslachtoffers. «Ik wil niet dat de wereld u als een slager ziet en daarom tegen u te hoop loopt. We kunnen het probleem oplossen zonder burgers te doden.» Dat is in 1972. De oorlog in Vietnam is voor Amerika al uitzichtloos geworden. Kissinger heeft dat beter begrepen dan zijn president. Een jaar later beginnen de onderhandelingen. Met Le Duc Tho bereikt hij het vredes akkoord. Samen krijgen ze dan de Nobelprijs.

Gelukkig heeft Nixon toen praktisch dag en nacht de band recorder laten draaien. Gelukkig heeft het televisiejournaal van de NOS een paar fragmenten laten horen. Daar zitten ze aan een tafeltje in het Oval Office de wereld te leiden. Zou het anders hebben geklonken als ze het over de sportuitslagen hadden gehad? Is er een bepaalde toon waarop je over het lot van de wereld moet praten? Dat mag de wereld hopen. Hier klinkt in de woorden van de president de absurde achteloosheid van iemand die weet waarover hij praat, behalve dat het hem aan het vermogen mankeert om zich de gevolgen van zijn beslissingen te kunnen voorstellen. Je hebt dat meer bij de zeer machtigen. Ronald Reagan vond al in zijn Californische tijd dat Noord-Vietnam desnoods moest worden geasfalteerd. Als president maakte hij wel eens een grapje. De Sovjet-Unie is zojuist als misdadige natie ontmaskerd. Het bombarderen kan beginnen.

Waarom klinken de stemmen op dat oude bandje zo actueel? Waarom doet George W. nu plotseling aan Richard M. denken? Weinig hebben ze gemeen, de welbespraakte jurist en de omhooggevallen gouverneur van Texas. Nixon maakte carrière in binnenlandse en buitenlandse politiek, maar kon in tijd van crisis de natie niet bij elkaar houden. Bush heeft precies op tijd begrepen wat er nodig is om in een noodtoestand de nationale leider te worden. Nixon dronk stevig door tijdens zijn presidentschap; Bush heeft de alcohol lang geleden afgezworen. Nixon heeft alles laten vastleggen en weinig goed opgeborgen. Het Witte Huis van Bush is gesloten als een brandkast. Zijn speechwriter, David Frum, wiens vrouw met gepaste trots had laten lekken dat hij de auteur van «de as van het kwaad» is, heeft zijn congé gekregen.

Wat mag dan dit déjà-vu veroorzaken? Ik denk dat het wordt veroorzaakt door het onverbiddelijke eenrichtingsverkeer van de hypermacht, met een leiding die overtuigd is van haar absoluut gelijk, zonder duidelijk te beseffen welke kant het opgaat — met de natie en de rest van de wereld. En dan zonder dat de rest van de wereld dit bewind een bijzondere zorg zal zijn. Het is de onbewijsbare sfeer van paranoia die dit Washington uitstraalt.

In bomvrije gewelven zit een schaduwregering waarvan de Democraten maanden later op de hoogte zijn gesteld. Het defensiebudget bereikt een nieuw record. CAN WE STOP THE NEXT 9/11? vraagt Time zich deze week af. Een half jaar na de aanval begint het land een new normalicy te bereiken, maar Washington beweegt zich van de ene alarm toestand naar de andere. Geen wonder, zal men zeggen. Met deze ervaring zou een regering gek zijn als ze zich niet op nog erger voorbereidde.

Natuurlijk. Maar dat is het niet. Ervan afgezien dat we niet weten hoe Osama het maakt, en waar, is deze oorlog tot nu toe van goed tot redelijk verlopen. Maar het probleem van het begin is nog niet opgelost. Niemand weet precies waar de vijand is, heeft geen idee van zijn plannen en resterende kracht. Hoe zullen Bush c.s. op een volgende aanval reageren? Met een gigantische overkill van het soort dat Nixon zich had voorgesteld? Heeft Bush een Kissinger?