De kleur van het kabinet is grijs

Is invoering van een basisstelsel in de sociale zekerheid nog te vermijden? Dat lijkt de hamvraag in de onderhandelingen over een paarse regeringscoalitie de komende weken.
De VVD heeft van een ministelsel inmiddels haar sociaal-economisch handelsmerk gemaakt. Een grotere afstand tussen lonen en uitkeringen levert de beste bijdrage aan de werkgelegenheid, zo wordt een breed lachende Bolkestein niet moe te roepen. Daarbij zwaait hij met de beoordeling van het Centraal Planbureau, dat uitrekende dat het VVD-programma de meeste banen zal opleveren.

De PvdA heeft haar zinnen gezet op het behoud van het huidige stelsel. Hoewel Kok in een tweegesprek met Van Mierlo al eerder toegaf dat er bij nog meer economische tegenwind wellicht toch een beetje op dat standpunt ingeleverd zou kunnen moeten gaan worden.
Dan Van Mierlo, de vleesgeworden paarse gedachte. Bij zijn partij leven noch het behoud van het bestaande, noch de invoering van het ministelsel. Wat er precies wel leeft, is niet helemaal helder. Op een punt na: Van Mierlo en de zijnen hebben het WAO-voorstel van de commissie-Buurmeyer overgenomen, een voorstel dat wil dat alleen mensen die voor 75 procent of meer worden afgekeurd, een volledige WAO-uitkering krijgen van 70 procent van het laatstverdiende loon. Dat zou voor een beperkte groep herstel van de ‘oude’ WAO-regeling opleveren en voor alle anderen WW en vervolgens bijstand. Overname van dat voorstel zou een zeer forse daling van het aantal WAO'ers betekenen. Omdat invoering van een ministelsel in de praktijk vooral gevolgen heeft voor twee soorten uitkeringen, de WW en de WAO, zou het D66-voornemen dus op het punt van de WAO coalitiepartner VVD tevreden kunnen stellen.
Wat de WW betreft, daarover ligt een wetsvoorstel om de toegang tot de wet verder te beperken. Tot dusver kon iemand die 26 weken had gewerkt in het jaar voor hij werkloos werd, een WW-uitkering krijgen. Dat wordt 35 weken. Wil je na een half jaar WW nog een vervolguitkering krijgen, dan moet je van de laatste vijf jaar voor je werkloosheid vier jaar hebben gewerkt. Nu is dat drie jaar. Het gevolg hiervan is dat twintig procent van de ontslagen werknemers geen WW meer zal krijgen, maar rechtstreeks door kan gaan naar de sociale dienst. Van de resterende tachtig procent krijgt drie kwart een uitkering van een half jaar, waarna zij zich tot diezelfde uitkerende instelling kunnen wenden.
Het voorstel had eigenlijk al door de oude Kamer moeten zijn behandeld, maar is door Wallage zodanig vertraagd dat dat niet meer lukte. Het staat immers niet leuk om als partij die roept dat de sociale zekerheid intact moet blijven, vlak voor de verkiezingen nog even een dergelijke maatregel door te voeren. De bezuinigingen op de WW-uitkeringen zijn naar alle waarschijnlijkheid echter niet het laatste woord. Minister Kok heeft in het kader van de begrotingsdiscipline vastgesteld dat overschrijdingen van begrotingsposten via bezuinigingen op diezelfde posten moeten worden terugverdiend. Met andere woorden: meer werklozen betekenen na verloop van tijd meer uitkeringen en dus begrotingsoverschrijding, waarna deze tegenvaller de volgende bezuinigingsmaatregel oproept. Het is een systematiek die leidt tot minder sociale zekerheid, ofte wel: minder van een duurder soort uitkeringen en meer van het goedkoopste soort.
De andere kant van de discussie over de toekomst van de sociale zekerheid is die over de toekomst van de werkgelegenheid. Ook daarover hebben we de afgelopen weken even wat roerende woorden gehoord toen halverwege de campagneonderonsjes de partijen ineens werden opgeschrikt door de enorme werkloosheidsexplosie van dit moment. Grootste probleem volgens de gangbare analyse is dat arbeid te 'duur’ is. Dat wil zeggen: de laaggeschoolde werknemer levert te weinig waar voor zijn geld. Door de arbeid goedkoper te maken wordt dat verschil weggewerkt, waardoor de vraag naar ongeschoolde arbeid weer kan toenemen. De VVD wil daartoe eenvoudig het minimumloon fors verlagen. De anderen zien meer in verlaging van belastingen en premies, de zogeheten wig, waardoor het nettoloon buiten schot blijft.
Het ei van Columbus in dezen zou inmiddels zijn gelegd door een commissie onder leiding van ex-EG-commissaris Frans Andriessen. Die gaf de afgelopen week het eenvoudige advies alle werkenden in Nederland tweehonderd gulden per maand minder belasting te laten betalen. Netto resultaat: 100.000 banen in vier jaar tijd. Kosten voor de schatkist: 14 miljard gulden, ofte wel 140.000 gulden per baan, te betalen uit meer bezuinigingen op, u raadt het al, de sociale zekerheid en de collectieve sector. Fantastisch idee dus. Daar kan Bolkestein nog een puntje aan zuigen.
Probleem is natuurlijk dat het aanbod van het opgemelde miljoen werklozen vooral laaggeschoold is. Nu al staan tegenover elke vacature enige tientallen werknemers. Voor laaggeschoolde arbeid is die verhouding een baan op twaalf werklozen, voor ongeschoold werk zelfs een op vijfenveertig. Verder zullen de voor Andriessens voorstel noodzakelijke bezuinigingen de komst van meer conducteurs, verplegend personeel, concierges en stadswachten bepaald niet bevorderen. Comissievoorzitter Andriessen was ook niet te beroerd om te 'erkennen dat ook met ons voorstel een aanzienlijke groep mensen aan de kant blijft staan. De massaliteit van het probleem is enorm.’
En dat vraagt dus kennelijk om enormiteiten.
Werkelijke werkloosheidsbestrijding - en behoud van de sociale zekerheid - vraagt om een trendbreuk. Er zijn wat voorstellen in de markt. U kent ze wel. Herverdeling van werk. Invoering van een basisinkomen. Overheveling van belasting en premieheffing naar vervuilende activiteiten. Een probleem is dat dergelijke zaken de kassa van het Centraal Planbureau niet laten rinkelen. Een ander dat ze de verbeelding van politici niet aan het werk krijgen. Los van de kleur van coalities.
Zoals de discussies nu lopen, is de vraag niet zozeer of er een ministelsel komt, alswel wanneer. De samenstelling van de coalitie is daarbij minder van belang, al lijkt het voor Bolkestein verstandiger vanuit de oppositie toe te zien hoe de anderen zijn gelijk langzaam maar zeker gestalte geven dan zelf mee te gaan modderen. Alle potentie"le coalitiepartijen zitten immers op dezelfde glijbaan en wat voor een verhaal je er ook bij houdt, ieder weldenkend mens weet dat je van een glijbaan alleen naar beneden kunt.
De kleur van het nieuwe kabinet lijkt bij voorbaat al grijs.