De klimaattop is ook een vredesconferentie

De Democratische presidentskandidaat Bernie Sanders hield voet bij stuk toen hem in een debat, een dag na de aanslagen in Parijs, werd gevraagd of hij klimaatverandering nog altijd beschouwt als de grootste bedreiging voor de nationale veiligheid.

Medium ihn

‘Absoluut’, antwoordde Sanders zonder blikken of blozen. ‘Klimaatverandering is zelfs direct verbonden met de opkomst van terrorisme.’ Er viel Sanders de nodige hoon ten deel. Deels terecht, want de stelling dat klimaatverandering een rechtstreekse oorzaak is van terrorisme is onhoudbaar. Daarvoor is de causale keten simpelweg te complex.

Niemand zal ook beweren dat IS het resultaat is van hoge CO2-waarden in de atmosfeer, maar dat de opwarming van de aarde heeft bijgedragen aan de escalerende chaos in Syrië blijkt uit verschillende onderzoeken. Dit is niet zomaar een wild hersenspinsel van een stel wetenschappers: ook het Pentagon waarschuwt dat klimaatverandering een threat multiplier is. Vooral in staten die al kwetsbaar zijn kunnen de gevolgen funest zijn.

Is het ‘klimaatmomentum’ weggevaagd door de terreurdaden in Parijs?

Vorige week herhaalde prins Charles dit inzicht in een interview met Sky News: de burgeroorlog in Syrië werd mede aangewakkerd door een niet-aflatende droogte tussen 2006 en 2010. Door constante misoogsten schoten de voedselprijzen omhoog. Tot wanhoop gedreven boeren trokken naar de toch al overbevolkte steden. Het verscherpte de etnische en politieke fricties die onder de oppervlakte sluimerden en in 2011 tot uitbarsting kwamen. Het aanhoudende geweld en de vluchtelingenstroom naar Europa valt niet los te zien van klimaatverandering, aldus de Britse kroonprins: ‘De vluchtelingencrisis is nu al erg genoeg. Stel je voor wat er gebeurt als we het probleem dat het helpt veroorzaken niet aanpakken.’

Bij klimaatvluchtelingen denken we aan ontheemde eilandbewoners die hun leefgebied onder de zeespiegel zien verdwijnen. Hollywood-films proberen onze verbeeldingskracht te prikkelen met apocalyptisch natuurgeweld. De rauwe werkelijkheid leent zich minder goed voor simpele symbolen of spectaculaire special effects. Oprukkende woestijnen of ontregelde regenseizoenen voeden lokale spanningen, die een mondiale impact kunnen hebben – de oorlog in Syrië is daarvan het meest schrijnende voorbeeld.

Michael Klare, auteur van Resource Wars, stelde dat we de top in Parijs moeten zien als een vredesconferentie. Die gedachte is zo gek nog niet. Zolang we door het verstoken van fossiele brandstoffen blijven bijdragen aan de ontwrichting van het klimaat laten we een van de wortels van (toekomstige) conflicten onaangeroerd. ‘Klimaat en vrede zijn nauw met elkaar verbonden’, zei minister Koenders onlangs. Erkenning is de eerste stap.

De link tussen klimaatverandering en conflict dringt zich sterk op nu de stad die recent het slachtoffer werd van bloedige aanslagen het toneel vormt voor de klimaattop. Is het ‘klimaatmomentum’ weggevaagd door de terreurdaden in Parijs? De aangescherpte veiligheidsmaatregelen zijn een hard gelag voor de klimaatbeweging, die met massale demonstraties haar kracht wilde etaleren. De noodtoestand verstomt de stem van de burger in Parijs. Tegelijkertijd beseffen wereldleiders dat een teken van eenheid juist nu cruciaal is. Klimaatverandering kan dienen als gemeenschappelijke vijand. Maar dat zegt nog niets over de inhoud van een eventueel akkoord. Alleen als daadwerkelijk het besef doordringt dat een stabiel klimaat een conditio sine qua non is voor een stabiele wereldorde kan de uitkomst van de top een serieuze stap in de goede richting zijn.