Wat vinden de partijleden van de nieuwe VVD-leider?

De kloof binnen de VVD

Voor het partijbestuur en veel andere prominenten is de plotselinge directe democratie in de VVD moeilijk. Maar de leden weten er wel raad mee. Hoe meer de bovenbazen zich roeren, des te meer de basis geniet. Een rondje VVD.

Een paniekreactie kun je het niet noemen, maar de top van de VVD was duidelijk niet voorbereid op een echte strijd om het leiderschap van de partij. In de partijspelregels staat weliswaar voor het eerst dat de leider rechtstreeks gekozen moet worden door alle leden, maar papier is geduldig. Aanvankelijk was er immers nog Jozias van Aartsen en de inschatting dat ondanks alles niemand van naam en faam het tegen hem op zou durven nemen. Toen Van Aartsen na de gemeenteraadsverkiezingen terugtrad, was er een dag later al Mark Rutte, een kandidaat waar de top mee kan lezen en schrijven. Dat Tweede-Kamerlid Jelleke Veenendaal zich meldde als tegenkandidaat was nog leuk. Pas toen minister Rita Verdonk zich opwierp als kandidaat-lijsttrekker bleek dat de spelregels van de partij wel eens tot een uitkomst zouden kunnen leiden waarmee het partijbestuur geen rekening had gehouden. Toen ook pas drong het door dat er voor een echte verkiezingsstrijd niets was geregeld: hoe vaak gaan de kandidaten met elkaar in debat en waar, wie betaalt hun campagne, hoe zit het met het tellen van de stemmen? Maar bovenal realiseerde het bestuur zich ineens dat echte partijdemocratie betekent dat de top geen grip heeft op de uitkomst. Dat was in het verleden wel zo. Voor het Eindhovense VVD-lid Frans Liebregts zou het afscheidsfeestje van drie Haagse wethouders vorige week in muziekcentrum het Paard van Troje hét bewijs zijn geweest voor zijn stelling dat de baantjesjagers in de partij voor Mark Rutte kiezen. Het feestje had iets dat buiten Den Haag als typisch Haags wordt gezien: veel regenten onder elkaar, mannen en vrouwen die altijd goed voor elkaar zorgen. Verder was dat afscheid overigens erg on-Haags: geen saaie speeches en lange rijen braaf wachtende burgers die de vertrekkende bestuurders een handje willen schudden, maar veel bier, geanimeerde gesprekken, harde muziek en luidkeels meezingen. Op het afscheidsfeestje waren ook de twee kersverse VVD-wethouders in Den Haag, Frits Huffnagel en Sander Dekker. Inderdaad beiden vóór Rutte. Huffnagel regelt de publiciteit in de campagne voor het lijsttrekkerschap. Dekker, lijsttrekker bij de afgelopen verkiezingen, heeft Huffnagel naar Den Haag gehaald, vanuit Amsterdam, waar hij als wethouder vanwege een persoonlijke geldaffaire moest aftreden. Daarvoor heeft Dekker zijn nummer 2 op de lijst en tot vorige week nog wethouder gepasseerd, tot woede bij vele gewone afdelingsleden. Ook een VVD-burgemeester in de zaal bleek aanhanger van Rutte. Hij spuugde bijna vuur toen de naam van Rutte’s grootste tegenkandidaat viel: «Rita Verdonk plaatst zich buiten de VVD.» Liebregts was die avond zelf niet in Den Haag, maar weet hoe het werkt: «Iedereen die een baantje wil via de VVD stelde zich tot nu toe altijd netjes op. Wie een beetje om zich heen heeft gekeken, zag aankomen dat Rutte de nieuwe partijleider moest worden als het aan de partijtop had gelegen. Rutte werd altijd naar voren geschoven als er zaken moesten worden gladgestreken of uitgelegd op een congres. Maar wie over straat loopt, ziet een heel ander soort samenleving dan het coterietje van de VVD-leden. We hebben in de partij iemand nodig die helder en kort kan samenvatten wat er leeft. Rita Verdonk kan dat veel beter dan Rutte. De betrokkenheid van de burger en het opkomstpercentage bij de verkiezingen verhoog je niet met al dat hoog-Hollands.» Door de bril van Liebregts werken de uitlatingen van de partijtop en enkele VVD-coryfeeën averechts. Hoe meer de partijtop laat merken zich te ergeren aan Verdonks optreden en hoe harder voormalig partijleider Ed Nijpels roept dat het Rutte moet worden en vooral niet Verdonk, des te sterker krijgen veel gewone partijleden het gevoel dat het toch weer allemaal in achterkamertjes wordt bekokstoofd. Nu alle partijleden voor het eerst de eigen leider mogen kiezen, willen ze daar ook ten volle gebruik van maken. De regenten moeten niet hinderlijk voor de camera gaan lopen. Dat wordt gezien als bangig, alsof het huidige partijkader als puntje bij paaltje komt angst heeft voor echte democratie. In de afdelingen is men daar juist helemaal niet bang voor, of ze nu voor Rutte of voor Verdonk zijn. Daar is men enthousiast. Johan van der Weide uit Bolsward, aanvankelijk helemaal voor Verdonk, maar nu weer zwevend partijlid, vindt het prachtig: «Hoe meer herrie, hoe beter. Van mij mag die campagne best hard worden, dat zou meer moeten in Den Haag. Dat de meningen verdeeld zijn, is toch juist politiek.» Zijn partijgenoot René Suiker uit Helmond vindt de interne strijd van kracht en openheid getuigen, zeker nu er zulke goede kandidaten zijn waardoor er echt wat te kiezen valt: «We zijn daardoor geen stemvee meer.» Jan Martin van Rees uit Enschede, wiens hart bij Rutte ligt, is eveneens positief: «Ik merk dat er onderling veel over wordt gepraat, we vinden het leuk dat er wat te kiezen valt. Ik denk ook dat het goed is voor de partij. Volgens mij zijn er de laatste jaren in de politiek juist allerlei afsplitsingen geweest of nieuwe partijen ontstaan, omdat mensen niet hun eigen mening konden geven.» Net als voor Van der Weide is er in de campagnestrijd voor Van Rees wel één grens: «De kandidaten moeten elkaar niet zoals Berlusconi en Prodi in de haren gaan vliegen.» Ook Henk Kox uit Zaanstad, nog twijfelend tussen Rutte en Verdonk, zit daar niet op te wachten. Maar spreekt uit het verzoek van Verdonk om een waarnemer te stationeren op het partijbureau als de stemmen worden geteld geen on-Hollands wantrouwen? Kox: «We leven niet meer in een land waar alle conventies van VVD-voorman Oud nog opgeld doen. We moeten erkennen dat in heel de maatschappij de oude vertrouwensbasis enigszins erodeert, kijk maar hoe nu naar justitie en politie wordt gekeken. Voor deze verkiezingsstrijd komt daar bij dat onze interne stemmachine daar helemaal niet op toegesneden is. Dus is het misschien goed dat we een nieuwe basis voor vertrouwen regelen.» De in Groningen woonachtige Hein Groothuis denkt daar net zo over: «Ik vind dat Rita Verdonk met die opmerking over een waarnemer doet voorkomen alsof ze het partijbestuur niet vertrouwt, maar ik vind ook dat nu de stemprocedures in de partij veranderen en iedereen zijn stem kan uitbrengen de partijtop moet regelen dat het controleerbaar is. We moeten weten dat het goed zit.» Groothuis is een aanhanger van Rutte. Aanvankelijk had hij er niets tegen gehad als die het na het terugtreden van Van Aartsen zonder meer geworden was: «Maar nu ervaar ik het als heel positief dat er meer kandidaten zijn.» Zijn keuze voor Rutte motiveert Groothuis zo: «Het liberalisme heeft te lijden onder vooroordelen. Mensen denken dat liberalisme is voor rijke mensen en voor ondernemers. Mark Rutte kan goed uitleggen wat liberalisme echt is. Daar heb ik bewondering voor. Rita Verdonk heb ik daar nog nooit over gehoord.» Michel Korte uit Hengelo is ook om precies die reden een aanhanger van Rutte: «Ik wil de VVD volkser maken. Ik ben zelf eenvoudig en ik zou graag zien dat meer gewone burgers lid worden van de partij. Ik denk dat Rutte aan juist dat volksere imago van de VVD kan bijdragen.» De opmerkingen van Groothuis en Korte druisen finaal in tegen het beeld dat een VVD onder Verdonk het juist beter doet bij het volk. Dat is dé reden voor veel Verdonk-aanhangers in de partij om op haar te stemmen. Ook Henk Kox zal de invloed van de partijleider op de geschatte grootte bij de landelijke verkiezingen een grote rol laten spelen: «Ik heb nog geen definitieve keuze gemaakt. Maar omvang en kracht van de partij zullen voor mij de doorslaggevende criteria zijn. Oppositie voeren is leuk, maar de kans dat je je politieke doelen bereikt is dan klein.» Groothuis en Korte zijn niet alleen uit op het binnenhalen van de meeste stemmen voor de VVD bij landelijke verkiezingen. Zij willen, net als Wytze Russchen uit Brussel, wat het beste is voor de partij. Volgens Russchen moeten zijn collega-partijgenoten niet naar de peilingen kijken: «We moeten eerst intern kijken. Rita Verdonk is geen partijmens, ze is erg individualistisch en haar sociaal-economische agenda lijkt me beperkt.» Volgens Russchen scoort Verdonk nu weliswaar hoog in de peilingen, maar zullen zijn partijgenoten daar doorheen gaan prikken. Hij durft niet te beweren dat Verdonk zich bewust een slachtofferrol aanmeet om daarmee op Fortuyn te lijken, maar een slachtoffer vindt hij haar allerminst: «Ze klaagt over media-aandacht, maar ze heeft helemaal niets te klagen. Alles wat ze doet is op dit moment nieuws.» Ook Jan Weijers van de Rutte-fanclub vindt het belangrijker naar de partij te kijken dan naar de peilingen: «Die Maurice de Hond zou van mij best een maandje op vakantie mogen. Ik vind hoge peilingen een zwak argument om op iemand te stemmen. Dan maak je niet zelf een keuze. Kijk toch eens kritisch, zou ik willen zeggen. Dan kom je uit bij Rutte. Die weet mensen echt voor zich te winnen. Ook als ze het niet met hem eens zijn. Dat lijkt me belangrijk in een land waar je voor een regering altijd coalities moet smeden.» Niemand van de ondervraagden is bang voor een scheuring in de partij als gevolg van de interne leidersstrijd. Volgens Groothuis is er helemaal geen sprake van kampen: «Dat suggereren de media.» Russchen deelt de angst evenmin: «Het mooie van dit systeem is juist dat elk lid zelf kan stemmen. Met een stemadvies vervallen we toch weer in dat oude systeem en krijgen de huidige bestuurders de meeste invloed.» Weijers van de Rutte-fanclub, in de ogen van Liebregts toch de club van de baantjesjagers, vindt dat de prominenten zich moeten inhouden: «Die mensen moeten elke suggestie van partijdigheid vermijden.» Ook wethouder Robert Blom uit Alphen aan den Rijn, die met het oog op de peilingen op Verdonk gaat stemmen, is niet bang voor een scheuring. Wel denkt hij dat het door de harde verkiezingsstrijd niet meer mogelijk is dat de verliezer running mate wordt van de winnaar. Liebregts denkt te weten waarom de partij niet uit elkaar zal spatten als de baantjesjagers straks hun man, Rutte, zien verliezen: «Welnee, juist die mensen hebben er alle belang bij zich dan achter Verdonk op te stellen.» Het sterkste argument dat tegen een mogelijke scheuring wordt aangedragen, is het verkiezingsprogramma. Dat moet nog geschreven worden. Niet door de winnende lijsttrekker, maar door een commissie. De hele partij mag daarna over dat programma stemmen. Oftewel, zoals een van de ondervraagden zegt: de lijsttrekker zal zich toch echt moeten houden aan de koers die de leden willen en niet andersom.