De koerdische aanval op fort europa

Kwade tongen beweren dat de Turkse autoriteiten achter de Koerdische ‘exodus’ zitten, als een wraakactie voor hun afwijzing door de EU. De Turkse woede is er groot genoeg voor, de banden met de maffia zijn er, en bovenal is Turkije de Koerden liever kwijt dan rijk. Toch is het niet waarschijnlijk, omdat Turkije in het geheel niet zit te wachten op internationale aandacht voor de Koerdische kwestie, zoals de oorlog in zuidoost-Turkije eufemistisch heet.

Juist om die reden wordt ook wel gesuggereerd dat de PKK, de Koerdische guerrillabeweging, de organisator van de boottochtjes is. De PKK zou de vluchtelingen gebruiken om de Koerdische problemen opnieuw in de publiciteit te krijgen. Begin november voorspelde een PKK-vertegenwoordiger in Rome de uittocht al, onder verwijzing naar de acties van het Turkse leger in de grensstreek met Irak. Als het een actie is, is die geslaagd.
Waarschijnlijk is de aanleiding voor de komst van de bootvluchtelingen simpeler: er is een gelegenheid. Italië is net lid geworden van het Schengen-verdrag en bevindt zich in een overgangsfase. De grenscontroles zijn verminderd, terwijl de wetgeving nog niet aan Schengen is aangepast. Zo krijgen vluchtelingen na aankomst en onmiddellijke uitwijzing vijftien dagen de tijd het land weer te verlaten in welke tijd ze door kunnen trekken naar elders. De steeds professioneler wordende mensensmokkel speelt handig in op dit soort gaten in Fort Europa, met als gevolg dat ineens hele groepen op de stoep staan. De volgepakte boten schreeuwen om aanpak van de mensensmokkelmaffia, maar het is ijdel daar iets van te verwachten. Zolang er aan de ene kant mensen in politieke of economische nood zijn en aan de andere kant Europa de poorten dicht houdt, is er emplooi voor smokkelaars.
Met name in Duitsland grenst de reactie op de komst van de Koerden aan hysterie. Het gaat om nog geen tweeduizend vluchtelingen in twee maanden. Italië heeft laten weten dat ze politiek asiel kunnen krijgen, maar is daarover ernstig gekapitteld door de overige EU-landen. Dat Duitsland, Frankrijk en Nederland deze Koerden niet met open armen ontvangen is zonder meer hypocriet. In december is Turkije door de EU de deur gewezen vanwege schendingen van de mensenrechten, met name waar het gaat om Koerden, maar als deze Koerden politiek asiel aanvragen mogen ze niet komen. Een prachtig staaltje van die christelijke Europese traditie waar islamitische landen niet in zouden passen.
Het is overigens haast komisch te zien hoe een paar honderd Koerden op een bootje erin slagen het zwaarbevochten Schengen-verdrag op te blazen: Oostenrijk wist niet hoe snel ze haar grenscontroles weer moest instellen en Duitsland en Frankrijk hebben laten weten grootschalig te gaan patrouilleren langs de grens. Duitse deelstaatministers roepen om ouderwetse sluiting van de grenzen. Wat de affaire duidelijk maakt, is dat Europa nog geen fort is maar dat wel wil worden. Nieuwkomer Italië krijgt van de oude Schengen-landen botweg te horen dat die boten buitengehouden moeten worden. De volgende stap is niet ver meer: asielzoekers die toch binnen komen, zullen half buiten gehouden worden door ze op te sluiten zolang de aanvraag in behandeling is.
Klinkt dat onwaarschijnlijk? In Nederland heeft de VVD hier al vaker voor gepleit. Staatssecretaris voor Asielzaken Schmitz heeft onlangs de Nederlandse regelgeving in die richting aangepast waardoor justitie nu ‘in voorkomende gevallen’ de mogelijkheid heeft de bewegingsruimte van asielzoekers te beperken. Als één land hier mee begint zullen de anderen snel volgen. Fort-Europa is een droom, maar er zijn politici die er aan werken.