De konijnepootprijs

Uiteindelijk werd het toch een wat overdadige Kerst. Niet vanwege het eten - al ben ik haast gestikt in een konijnepoot die ik, na drie keer beslist weigeren, toch op mijn bord kreeg, en ook niet vanwege de drank, omdat we besloten hadden dit jaar voor kwaliteit te gaan en nu eens níet voor kwantiteit, zodat we alles bij elkaar twee flessen rood, twee wit en één fles cognac hebben gedronken, wat werkelijk niet veel is gezien het aantal kerstdagen en het aantal gasten. Die waren het niettemin roerend met ons eens dat het een goed streven was om het niet langer in de overdaad te zoeken, en zo dwaalden onze gedachten af naar de overdaad aan boeken van het afgelopen jaar, naar de overvloed aan loze uitgeversbeloften, en naar de overdaad aan recensenten bij Vrij Nederland.

Waarom moesten wij, met onze geliefden verenigd, denken aan de recensenten van Vrij Nederland? Omdat wij geen idee hadden dat het er zo krankzinnig véél waren. In VN’s kerstbijlage leek het of een nest was opengebroken; een vloed van besprekers zwermde kwetterend over de pagina’s. Allemaal hadden ze hun favoriete boeken. Wij voelden ons danig in het nauw gedreven, omdat we van driekwart nog nooit gehoord hadden. De titels schemerden ons voor de ogen, de ene zei ons nog minder dan de andere. Wat zou precies het idee zijn achter deze titellawine? Zouden er lezers geïnspireerd aan het lezen slaan door de keuze van Piet de Rooy (We Are All Multiculturalists Now van Nathan Glazer)? Of, pak ’m beet, door het favoriete boek van Paul Aarts (Islam et politique. La modernité trahie)? Wij kwamen tot de conclusie dat wij ons niet beschaamd hoefden te voelen: het ging de VN'ers erom zichzelf te feliciteren met hun uitnemende smaak, en wij als lezers hadden daar niets mee van doen. Wij boerden een stukje konijn op.
Ook bij uitgeverij Van Oorschot klonk oorverdovend schouderkloppen. Het gaat zo goed met het werk van J.J. Voskuil, naar het schijnt, dat mensen vanaf hun doodsbed opbellen naar de uitgeverij om te vragen of zij de nog uit te komen delen alvast mogen lezen, voor het geval zij de publicatiedatum niet zullen halen. Wij likten de laatste druppels wijn uit ons glas. Wij probeerden ons de mens voor te stellen die als laatste wens deel 7 van Het bureau wil uitlezen, de sukkelaar die alleen kan sterven met een pil van een kilo dundruk op de zwoegende borst. Wij dachten: dit zou wel eens buitengewoon slap gelul kunnen zijn. Maar toch, stel dat die ene mens bestaat, dan is het echt een uitgeverskerstgedachte om een doodwens te gebruiken ter meerdere eer en glorie van je sterauteur.
Maar het warmste gevoel in deze rillerige maand kregen wij toch van uitgeverij Querido. Zij stuurden ons een montere kaart met de kerstwens ‘Een jaar in prijzen’ en daaronder een lijstje van al hun auteurs die afgelopen jaar een prijs wonnen of ervoor genomineerd werden. Het was een mooi gebaar. Zo leerden wij niet alleen van het bestaan van de Gouden Zoen-prijs, van de Boekenwelp en de A. Roland Holstpenning, maar ook dat konijnen buitengewoon taaie dieren zijn; nog urenlang konden wij diep in onze warme ingewanden het beest voelen schurken en draaien.
Een belangrijke invloed op de vroege libertarische beweging was het boek Atlas Shrugged (1957) van de in Rusland geboren en naar Amerika geëmigreerde schrijfster en filosofe Ayn Rand. Rands denkbeelden in Atlas Shrugged zijn gebaseerd op het zogenaamde 'ethisch egoïsme’: het voorop stellen van eigenbelang, het afzweren van altruïsme, en het maximaliseren van het Superman-potentieel in elke mens.