Toneel

De kwellingen van Meneer Hámus

TONEEL Zekket

In het begin speelt de acteur Meneer Hamus en zijn twee verhoorders, een man en een vrouw. Een tikje pesterig noemen die hem steeds Meneer Hámus. Onderwerp aanvankelijk: een reeks psychosomatische klachten (hoofdpijnen, nachtmerries) waarover wordt verondersteld dat Meneer Hámus op eigen kracht – en met een beetje hulp van buiten (hypnose, medicijnen) – maar zo’n beetje moet uitzoeken hoe het komt dat hij van van alles last heeft. Een sleutelzin waarmee de tekst opeens kantelt van een medisch onderzoek naar een verhoor: ‘De kans dat je beschadigd raakt, hier, is groter dan waar u geboren bent. U besloot hier te komen.’ Langzaam maar zeker sluipt er dan een soort vileine ironie in de monoloog naar binnen. Meneer Hamus had in zijn geboorteland Egypte het existentialisme én de dandy in hemzelf ontdekt. Dat werd niet gepikt en in zijn kop stond het woord Europa opeens in neonletters. Het was 1978, het jaar waarin de terroristen van de Rode Brigades in Italië premier Aldo Moro ontvoerden en vermoordden en het jaar waarin Mohammed B. werd geboren.

Schrijver Ko van den Bosch licht een beetje de hand met de geschiedenis: in hetzelfde jaar laat hij de raf in Duitsland werkgeversvoorzitter Hans Martin Schleyer ontvoeren en vermoorden en hij situeert in 1978 de gewelddadig beëindigde treinkaping van de Molukkers bij De Punt; beide gebeurtenissen vonden plaats in 1977. Een schoolfrik als ondergetekende valt dat op, verder is het kniesoorderig om erover te vallen, want het bijtend sarcasme is duidelijk: Europa staat in de hens en in hetzelfde jaar kiest u ervoor om uitgerekend van Egypte naar Europa te verhuizen. Dat is vragen om moeilijkheden, meneer Hámus. Vanaf dat moment verschuift de thematiek van de monoloog geleidelijk naar het beroep van Meneer Hamus, toneelspeler, en naar overal thuis zijn en toch ook nergens echt thuis.

De krachtige, beeldrijke tekst van Ko van den Bosch kent vele lagen die onmerkbaar in elkaar overgaan, als inktvlekken op een vloeiblad. Ze is geen seconde hinderlijk expliciet of politiek opdringerig. De keuze van Oliver Provily als regisseur is in de roos: hij nagelt Sabri Saad El Hamus het overgrote deel van het ruime uur dat de monoloog duurt als het ware vast aan een witte stoel achter een witte tafel in een witte ruimte. Die ene keer dat Hamus zijn stem verheft is het ook meteen een orkaan, de spaarzame keren dat hij beweegt kijk je ademloos toe: wat gaat-ie nú doen? Ik heb misschien niet alles van de toneelspeler Hamus gezien, maar zo ingetogen, zo stil lepelend in zijn innerlijk naar motieven, verhalen, raadsels, herinneringen heb ik hem nog nooit zien spelen.

Zekket, het derde deel in de serie Pax Islamica, gebaseerd op de vijf zuilen van de islam, handelt over zakat, de plicht tot het geven van aalmoezen. De voorstelling lijkt het omgekeerde te vertellen: Meneer Hamus geeft geen aalmoezen meer zolang hem niet is teruggegeven wat hem is ontstolen: zijn identiteit, zijn trots.

Een belangrijke voorstelling!

Zekket, Productiehuis Frascati en Theatergroep De Nieuw Amsterdam (DNA). Tournee t/m 28 februari. www.theaterfrascati.nlen www.denieuwamsterdam.nl