De leeuw van vlaanderen

Op een blauwe maandag besloot Arnon Grunberg, althans zijn literaire alter ego, met een klasgenote op reis te gaan. ‘Eerst wilden we naar Madrid en later naar Stockholm en ook naar Parijs en Boedapest, en naar Napels.’

Maar omdat die kinderen natuurlijk geen geld hadden, werd het uiteindelijk twee daagjes Antwerpen, het uitgaansdoel van de Nederlander met veel dorst en een beperkt budget. Ik heb wel eens de indruk dat er over de Keyserlei evenveel Nederlanders sjokken als in de Kalverstraat. Want Antwerpen hoort tot het buitenland waar je je niettemin van je moers taal kunt bedienen, terwijl je er bovendien - aldus het gebruikelijke argument - zo smakelijk kunt eten en drinken.
Ohne mich! Mij is het risico te groot dat je daar in het cafe, boven een bolleke Koninck, met een van die ratten van het Vlaams Blok in aanraking komt. Het schandaal-in-permanentie van die snaakse Sinjorenstad is het cafe De Leeuw van Vlaanderen in de Jezuitenrui, in de volksmond De Beest geheten.
Daar heeft de volksmond dit keer geen ongelijk in. Het is al decennia lang een trefpunt van al het rechts-extremistische geteisem dat God verboden heeft, in tegenstelling tot het college van burgemeester & schepenen.
Ik ben er, in een aanval van onbegrijpelijke heldenmoed, een keer geweest. Mijn gesprekspartner heette Kamiel, zoals het de Vlaming past, en hij had in zijn glorietijd gediend bij het Nationalsozialistischer Kraftfahrer Korps. De aamborstige uitbaatster heette Phine en had het borstbeeld van Adolf Hitler, gaf zij zonder omwegen toe, in een hoek van de huiskamer staan, in haar etage boven de tapkast. In de jukebox zat het Horst Wessellied en andere nationaal-socialistische klassieken.
Gebiologeerd door dit soort slechtigheden informeerde ik naief of er nooit moeilijkheden met de burgemeester, immers verantwoordelijk voor rust en orde in de stad, waren geweest. Nee, zei Kamiel, de burgemeester had hen nooit een strobreed in de weg gelegd. Die had trouwens net een affaire achter de rug, omdat hij publiekelijk had verklaard dat de joden… ‘Of had hij soms geen gelijk? Ik zeg altijd maar: joden zijn net wandluizen. Je zou ze eigenlijk gewoon moeten doodslaan.’ Die burgemeester is inmiddels dood, terwijl Kamiel en Phine waarschijnlijk allang in het bejaardentehuis zitten te sidderen.
De 'herberguitbater’ heet inmiddels Stefan en zijn kroeg geldt tegenwoordig, ontleen ik aan het dagblad De Morgen, als 'de uitvalsbasis voor rellen tegen anti-fascisten en migranten’. De man ligt op het ogenblik in het ziekenhuis, gewond bij een recente aanval van plaatselijke 'punkers’, waarbij het interieur (hopelijk inclusief die jukebox) voor vele tienduizenden frankskes werd beschadigd.
Ik ben een man des vredes die in de dialoog gelooft, maar ik kan niet ontkennen dat ik bij het lezen van dit bericht door zoiets als 'klammheimliche Freude’ werd bevangen.