Bananenrepubliek in wording

De lelijke ‘smoel’ van het nieuwe Brazilië

Sinds 1 januari is Jair Bolsonaro president van Brazilië. Zijn extreem-rechtse regering zal meer militairen tellen dan welke voorbije junta dan ook. Vrouwen, homo’s en indianen gaan rechteloze tijden tegemoet en de Amazone zal verder worden kaalgeslagen. Met hartelijke steun van de christelijke kerk.

Jair Bolsonaro, zijn vrouw Michelle Bolsonaro, vice-president Hamilton Mouro en zijn vrouw Paula Mourao arriveren na de installatieceremonie in het congres bij het Planalto presidentieel paleis in Brasilia, Brazilië, 1 januari 2019. © Sergio Lima / AFP / ANP

Die avond van 28 oktober is de verkiezingsoverwinning van Jair Bolsonaro nog niet bekend of een prediker van de ultra-rechtse pinksterkerken bidt al samen met Bolsonaro tot de Heer. De pastor dankt de Almachtige luidruchtig voor het ‘wonder’ dat Hij deze Messias heeft uitverkoren om Brazilië ‘te bevrijden uit de tentakels van links’. Tegelijk gaat aan de overkant van de baai van Rio de Janeiro het leger de straat op. In de houding, hun automatische geweren voor zich uit, rollen ze boven op hun gepantserde voertuigen door de stad. De militairen maken overwinnings- en fuck you-gebaren, toegejuicht door een uitzinnige menigte. ‘Dit zal de hele wereld jaloers op ons maken’, joelt een van de filmende aanhangers. ‘Prachtig! Zo zal ons land vanaf 1 januari zijn.’

Die eerste periode na de overwinning is als een onwerkelijke mist. Te vergelijken met de ‘eerste fase van ontkenning’, in de vijf fases van rouwverwerking volgens de beroemde psychiater Elisabeth Kübler-Ross. Meteen al de tweede dag na zijn overwinning twittert Bolsonaro dat hij de populaire rechter Sérgio Moro benoemt tot ‘superminister’ van Justitie. Hè? Moro? Staat dat er echt? Hij is de baas van ‘Wasstraat’, de grootste anticorruptie-operatie uit de Braziliaanse geschiedenis. Hij is ook de rechter die bedenkelijk veel haast aan de dag legde om de linkse ex-president Luiz Inácio Lula tot negen jaar cel te veroordelen. De meeste verdachten van andere politieke partijen lopen nog vrij rond. Het bewijsmateriaal tegen de leider van de Arbeiderspartij (PT) was bovendien flinterdun.

De uitspraak van Moro zorgde ervoor dat Lula achter de tralies kwam en uit de presidentiële race werd gehaald. Tot het laatste moment stond Lula bovenaan in de peilingen. Door het vonnis van Moro kwam de weg voor Bolsonaro open te liggen. Het mensenrechtencomité van de Verenigde Naties protesteerde. Maar rechter Moro verdedigde zich met het argument dat hij ‘niets met politiek te maken’ heeft, ‘nooit de politiek in zal gaan’ en dat hij zijn uitspraak tegen Lula ‘louter op juridische gronden’ deed. ‘Het masker is gevallen’, concluderen sommige van mijn vrienden. Anderen gokken dat Moro denkt Bolsonaro voor zijn strijd tegen de corruptie te kunnen gebruiken. Maar waarom is het eerste wat Moro doet Bolsonaro’s kabinetschef ‘vergeven’ voor het illegaal werven van verkiezingsfondsen?

Intussen trouwen om mij heen homostellen in haastige ceremonies. Bang dat het straks niet meer kan. Vrienden ‘reinigen’ hun Facebook- en Instagram-accounts, nadat Bolsonaro beloofde ‘al het rode uitschot’ te verbannen of in de gevangenis te zetten. Het leven lijkt onwerkelijk. Hoe kunnen mensen normaal blijven doorgaan met hun dagelijkse beslommeringen? Hoe kunnen reguliere kranten, die Bolsonaro de ‘ergste vijanden van het volk’ noemt, zo gewoontjes over Bolsonaro’s ministersbenoemingen berichten?

Bolsonaro dient ons de ene na de andere legergeneraal op. Eerst generaal Augusto Heleno, de belangrijkste militair achter zijn verkiezingscampagne. De man is een bewonderaar van de Chileense ex-dictator Pinochet en hij is van mening dat ‘mensenrechten alleen gelden voor correcte, rechtse mensen’. Al op de kadettenschool was Heleno Bolsonaro’s leermeester. ‘Ze hebben een band als van vader en zoon’, vertellen collega’s. Het is dan ook Heleno die Bolsonaro het campagnedevies aanreikt voor toekomstige politieoptredens in de sloppenwijken: ‘Eerst schieten, dan kijken wie je gedood hebt.’ Het ‘elimineren’ van ‘elk element dat een vijandige intentie uitstraalt’ was precies wat Augusto Heleno in 2004/2005 deed in het doodarme Haïti. Hij was daar tijdens een VN-vredesmissie aanvoerder van de Braziliaanse troepen in mega-sloppenwijken als Cité Soleil. Uit diplomatieke berichten die later via WikiLeaks naar buiten kwamen, bleek dat de Amerikanen zware druk op de toenmalige president Lula zetten om de schietgrage generaal zo snel mogelijk van het eiland te gooien. Zijn ‘excessen’ zouden ‘ontoelaatbaar’ zijn.

Bolsonaro presenteerde de generaal tijdens zijn verkiezingscampagne nog als de gedroomde minister van Defensie. Maar nu wil hij zijn oude meester toch liever onder handbereik houden. Dus twittert Bolsonaro begin november dat hij Heleno tot ‘kabinetschef institutionele zekerheid’ benoemt. Hij installeert de ijzervreter in een kantoor naast zijn eigen trappenhuis. Op het verderop gelegen Defensie zet hij een andere generaal en Haïti-veteraan neer. Een derde generaal moet de rechtse politicus op de vingers kijken die Bolsonaro vanwege campagnetrouw tot eerste minister moest benoemen. Ook deze generaal is een hardliner. Een Haïti- en tevens Congo-veteraan die door zijn mannen ‘mes in de schedel’ wordt genoemd.

Maar de militairen marcheren nog veel dieper het kabinet in. In een heftige strijd die ze winnen van de politici uit Bolsonaro’s entourage lukt het de militairen de strategische ministeries van Energie en Infrastructuur te veroveren. Grote nationale projecten zijn een oude hobby van de militairen. In de tijd van de militaire dictatuur (1964-1985) smeet het regime met waterkrachtcentrales en snelwegen door de Amazone. Duizenden indianen werden in naam van Vaderland en Vooruitgang vermoord. De nieuwe militaire minister van Infrastructuur is zijn mouwen al aan het opstropen. Geholpen door Bolsonaro’s anti-indianencampagne die hen uitmaakt voor ‘klaplopers’ en ‘beesten in een dierentuin’ worden de grondrechten van de inheemse volken weggesneden als plakjes van een salami.

De ‘excessen’ van de schietgrage generaal zouden ‘ontoelaatbaar’ zijn

Inmiddels telt de regering-Bolsonaro meer militairen dan er waren tijdens de diverse junta’s van de dictatuur zelf. Eén op de drie ministers is een militair. Dan is er nog ex-kapitein en ex-paratrooper Jair Bolsonaro zelf. Plus zijn vicepresident, generaal Hamilton Mourão. De generaal noemt zichzelf ‘het zwaard en het schild’ van de nieuwe regering. Volgens weekblad Época is Mourão daar speciaal door de legertop neergezet om de ideologisch zwak begaafde en opvliegende Bolsonaro in de gaten te houden.

Wat gaan al die militairen doen als het beleid straks niet uitpakt zoals ze willen? Als het parlement dwarsligt? Of als het hooggerechtshof gedroomde wetswijzigingen tegenhoudt? Twee jaar geleden dreigde Mourão al op Twitter: ‘We zetten de hele shit af en leggen onze eigen oplossing op’, toen justitie de linkse Lula naar de smaak van de legertop niet snel genoeg gevangen zette. ‘Onze plannen liggen klaar.’

Opnieuw de vervreemding. ‘Wat is er mis met veel militairen in de regering’, schrijft de machtige rechts-liberale krant Globo in zijn commentaar. ‘Behoren onze strijdkrachten niet tot de meest democratische instituties van het land?’ Opvallend hoe snel de krant vergeet. In september nog schoffeerde generaal Mourão in een tv-interview hun eigen topjournalist Miriam Leitão. ‘Bevrijdingsbeweging, Miriam. Niet dictatuur’, verbeterde de generaal haar minzaam toen ze hem naar de martelingen tijdens de dictatuur vroeg. ‘Het was oorlog, Miriam.’ De journalist vroeg Mourão waarom hij kolonel Ustra zijn ‘grootste held’ noemde. Ustra beheerde het heftigste martelcentrum van de militaire dictatuur. Tientallen mensen bezweken aan zijn folteringen. Hij was berucht om zijn sadisme. Ook Miriam Leitão werd als achttienjarige gemarteld. Daarna werd ze zwanger en naakt in een donkere cel opgesloten met een boa constrictor. ‘Het slangenmeisje’, noemde Bolsonaro haar ooit lachend. ‘Ik begrijp dat jij je slangenmomentje hebt gehad’, grinnikte nu ook Mourão. ‘Maar helden dienen te moorden, Miriam. Anders zijn het geen helden.’

Toch noemt Leitão’s werkgever mensen als Mourão nu een ‘enorme vooruitgang’. ‘Waar de ratten van de politiek en het bedrijfsleven zich volvreten met steekpenningen en openbare aanbestedingen is een generaal met een ijzeren vuist op zijn plaats’, schrijft Globo. ‘Zij dienen de principes van discipline, ethiek en vaderlandsliefde.’ Alsof de dictatuur niet ook van corruptie aan elkaar hing, en alsof ‘ijzeren vuisten’ een probleem dat veel dieper ligt kunnen oplossen.

‘Ik wacht al sinds vanmorgen vroeg’, zegt de vrouw terwijl ze naar haar been kijkt. Het is dik als een olifantenpoot, vol open zweren, pus en bloed. Tientallen andere mensen met wonden, wit weggetrokken, zitten in de kokende hitte bij elkaar. Het is vijf uur ’s middags, in een gezondheidspost in de grootste sloppenwijk van Rio. Een paar dagen eerder zijn in één klap meer dan achtduizend Cubaanse dokters teruggehaald naar hun land. Bolsonaro beschuldigde Cuba ervan zijn dokters in Brazilië uit te buiten omdat ze een groot deel van hun salaris moeten afstaan aan de Cubaanse staat. ‘Slavenarbeid’, riep hij. Bovendien: ‘Die Cubanen zijn niet gekwalificeerd’, en hij eiste dat ze examen zouden doen. Zo zitten van de ene op de andere dag 24 miljoen arme Brazilianen zonder enige medische bijstand. In 2013 haalde de linkse president Dilma Rousseff de Cubanen juist binnen, omdat Braziliaanse dokters weigeren te werken in sloppenwijken of in afgelegen of indiaanse gebieden.

In het gezondheidscentrum is de spanning om te snijden. De Braziliaanse staf zit in een kamertje koffie te drinken. Ze weigeren naar iemand te kijken of nummertjes uit te delen. De patiënten zijn wanhopig. ‘Bolsonaro kan wel zeggen dat het communisten zijn, maar één Cubaanse dokter is meer waard dan twintig Braziliaanse’, zegt een man. Hij heeft een groot gezwel onder aan zijn rug. ‘De Cubaanse dokter ontdekte dat het kanker was. Ze behandelde me nadat ik jaren met een aspirientje naar huis was gestuurd.’ In de hitte van de container tuimelen de verhalen over elkaar. ‘Die Cubanen komen allemaal thuis bij je langs.’ ‘Heb je dat een Braziliaanse dokter ooit zien doen?’ ‘Ze vertellen je hoe je haarden van de dengue-mug moet voorkomen.’ ‘Hoezo moeten zij opnieuw examen doen?’ ‘Moet het niet andersom?’

Het bezoek verjaagt de mist van onwerkelijkheid van de eerste paar weken na de verkiezing van Jair Bolsonaro. Het is alsof de gevolgen van de verkiezing nu pas echt tot me doordringen. Dit is dus wat het gaat worden. Nog minder voorzieningen. Nog meer ongelijkheid.

Een ‘moraalpolitie’ moet de lessen op school op linkse ongerechtigheden controleren

Intussen is ook Bolsonaro’s ‘superminister van Economie’ Paulo Guedes aan het het werk gegaan. ‘Mijn hulpstation’ noemt Bolsonaro de 69-jarige investeringsbankier. ‘Want van economie heb ik geen verstand.’ De eerste zet van het hulpstation is het opheffen van het ministerie van Arbeid. Tachtig jaar opgebouwde werknemersrechten door de papierversnipperaar. Misstanden als slavenarbeid worden niet meer vervolgd. Guedes studeerde aan de Chicago School van Milton Friedman, de goeroe van het spijkerharde neoliberalisme. In de jaren zeventig en tachtig was die school de leverancier van de zogeheten ‘Chicago-boys’ aan dictator Pinochet van Chili. Zonder de bemoeienis van vakbonden of linkse partijen was het dictatoriale Chili een ideale proeftuin voor de rabiate vrije-markteconomen. Ook Guedes was in Chili van de partij.

Nu, dertig jaar later, wil hij met Bolsonaro het experiment in Brazilië kopiëren. Guedes benoemt zijn eigen Braziliaanse Chicago-boys op alle cruciale financiële posten, zoals de Centrale Bank, de Ontwikkelingsbank en staatsoliebedrijf Petrobras. Het is een hecht clubje van in Chicago afgestudeerde economen die elkaar al decennialang baantjes in de financiële wereld toespelen. Bolsonaro en zijn drie zonen zijn weg van Guedes. Als een soort Kwik, Kwek en Kwak drentelen die jongens om hun vader heen. Na Guedes’ benoeming reisde de jongste, parlementslid Eduardo (Kwek), onmiddellijk af naar Chili om Pinochet te eren. ‘In Brazilië gaan wij doen wat echte Chicago-boys dienen te doen’, kwekte Eduardo tegen een Chileens gehoor van extreem-rechtse partijleden.

Generaal Luiz Eduardo Ramos Baptista Pereira spreekt met Jair Bolsonaro tijdens de diploma-uitreiking van nieuwe parachutisten van het Braziliaanse leger. Rio de Janeiro, Brazilië, 24 november 2018. © Fernando Souza / AFP / ANP

Het junioren-trio vormt een permanente stoorzender in de formatie. Als Bolsonaro even zijn best doet zijn imago op te poetsen door ‘trouw aan de grondwet’ te beloven, flapt Kwek eruit dat het ‘geen enkele moeite kost het hooggerechtshof te sluiten’. Je hebt er niet eens tanks voor nodig: ‘Een soldaat met zijn korporaal is genoeg om er een eind aan te maken.’ En als zijn vader de invoering van de doodstraf voor later wil bewaren, maakt Kwek snel een reisje naar Indonesië waar eerder twee Brazilianen voor drugssmokkel zijn geëxecuteerd. ‘Geweldig systeem’, twitterde hij en stelde een volksraadpleging voor de invoering van de doodstraf voor, omdat de doodstraf in de Braziliaanse grondwet verboden is.

Bolsonaro’s middelste en meest geliefde zoon Carlos is een teruggetrokken met wapens behangen woesteling die menige bondgenoot van zijn vader de stuipen op het lijf jaagt. Nu eens duikt hij in camouflagepak op achter een deur, zijn doorgeladen geweer op het bezoek gericht. Dan weer zit hij aan tafel in een Mossad-T-shirt met pistolen en messen aan zijn armen en benen gegord. Sinds zijn zeventiende zit Kwik in de gemeenteraad van Rio. Maar hij werkt voornamelijk achter de schermen. Hij filmt zijn vader en beheert zijn Facebook- en Twitter-accounts. Hij is het brein achter de agressieve sociale-mediastrategie tegen links, vrouwen, zwarten en homo’s.

Uiteindelijk waren het Kwik, Kwek en Kwak die de twee meest dolzinnige ministers van het kabinet binnenhaalden. Er was al een tijdje een impasse over de benoeming op onderwijs. Pa Bolsonaro had de directeur van een gematigde onderwijsinstelling op het oog, maar de fundamentalistische pinksterkerken blokkeerden de benoeming. Zij willen een verbod op seksuele voorlichting en op woorden als ‘homoseksueel’ en ‘diversiteit’ op scholen. Liefst ook zien ze de evolutieleer verboden. Daarop gingen Kwik en Kwek te rade bij hun heksenmeester. De 72-jarige Olavo de Carvalho is een astroloog die Einstein een ‘farce’ en Newton een ‘ezel’ noemt. Toch beweert hij dat er ‘geen intellectueel bestaat die aan mijn niveau kan tippen’.

Olavo is van mening dat de mensheid ten prooi is gevallen aan een totalitaire samenzwering van links: het ‘globalisme’, een ‘communistisch complot dat erop uit is de mens zelf uit te roeien om aan de macht te blijven’. Met hun ‘moorddadige’ aandacht voor het rationele, het milieu, vrouwen- en homorechten ‘hersenspoelen’ ze mensen tot een ‘wereld waarin geen enkele baby meer geboren mag worden. Laat staan het kindje Jezus.’

‘Het woord dictatuur is een mening’, luidde het oordeel van het schoolbestuur

Ergens in zijn alt-rechtse kaartenbak vond Olavo een obscure Colombiaan, tevens docent aan de militaire academie. ‘De ideale man om dit varkentje te wassen’, meende Olavo. Kwik, Kwek en Kwak overtuigden hun vader. En zie. Een revolutie in het Braziliaanse onderwijs is geboren. De minister wil niet alleen meisjesvoetbal verbieden, de militaire coup van 1964 laten vieren en het Braziliaanse slavernijverleden herzien – ‘alsof het niet de Afrikanen zelf waren die hun mensen tot slaaf maakten’. Zijn hogere missie is ‘het marxistische vuilnis de stal uit te vegen’. Daartoe moeten op alle scholen ‘ethische raden’ worden ingesteld, een soort moraalpolitie die de lessen van elke leraar op linkse en antichristelijke ongerechtigheden controleert.

Zo is er al een geschiedenislerares ontslagen die over de militaire dictatuur onderwees. ‘Het woord dictatuur is een mening’, luidde het oordeel van het schoolbestuur. Een leraar die voorlichting over gebruik van pil en condoom gaf is door zijn eigen leerlingen gefilmd en aangegeven. ‘Twaalf van mijn minderjarige leerlingen zijn zwanger. En ik word verondersteld niet over seksualiteit te praten?’ zei hij. Overal zijn leraren in paniek. Aan de muren van ieder klaslolaal hangen binnenkort lijsten met de ‘plichten van de leraar’. Van de minister moeten ze de waarden van ‘gezin, godsdienst en patriottisme’ uitdragen. Maar hij rept met geen woord over het feit dat bijna de helft van de Braziliaanse kinderen als analfabeet van de lagere school komt. Dat de meesten maar vier uur per dag les hebben. Dat er te weinig scholen en leraren zijn.

En heeft de heksenmeester misschien nog iets leuks voor Buitenlandse Zaken? Iemand die het nieuwe Brazilië een ‘smoel’ kan geven? Ja hoor. Daar graaft Olavo een tweederangs diplomaat uit zijn kaartenbak. Een man met tomeloze ambitie, blijkt. ‘Ik zal God en de Natie terug op aarde brengen’, belooft Ernesto Araújo. In zijn bizarre blogs schildert hij hoe de mensheid zwoegt onder het juk van ‘cultuurmarxisten’. Daartegenover zet hij de ‘kleurige wereld’ van de nieuwe rechtse landen: de VS, Hongarije, de Filipijnen en nu dus Brazilië. ‘Knetterend van verlangen, zinderend van toewijding’, zouden de mensen daar zijn. ‘Hier heerst God en stroomt de creatieve energie van het nationalisme.’

Zijn eigen ‘creatieve energie’ gaat uiteraard niet uit naar het klimaatverdrag van Parijs, de milieu-afspraken van de VN of Latijns-Amerikaanse samenwerking. Stuk voor stuk ‘verzinsels van het globalisme die een bende apathische en gedomesticeerde staten zonder grootsheid geschapen hebben’. Het globalisme criminaliseert nu eenmaal ‘alles wat mooi en puur is’, zoals rood vlees, de heteroliefde, airco’s, baby’s en God.

Helaas heeft Araújo nu al een probleem met rood vlees op zijn bord liggen. In navolging van Donald Trump willen Araújo en Bolsonaro & Zonen de Braziliaanse ambassade in Israël naar Jeruzalem verhuizen. De Arabische Liga waarschuwde dat dit Brazilië zal komen te staan op een boycot van zijn belangrijkste exportproduct naar de Arabische wereld: vlees. De Chicago-boys in de regering zijn razend en ook de generaals in het kabinet zien deze knieval voor ‘broeder’ Netanyahu niet zitten.

‘Ik onderhandel niet met politieke partijen’, zei Bolsonaro vanaf het begin. Hij gaat ervan uit dat koehandel met politieke partijen de oorzaak is van alle corruptie. Dus zette hij op het ministerie van Landbouw eenvoudig de bazin van de Koe (de grootgrondbezitterslobby) neer, bijgenaamd de ‘gifkoningin’. Het ministerie van Milieu wilde hij afschaffen, maar toen hierover een storm van internationale kritiek opstak, maakte hij Milieu een wormvormig aanhangsel van Landbouw, met bijpassende anti-milieuminister. En wat blijkt? Allebei de ministers zijn betrokken bij corruptieschandalen. De gifkoningin zelfs bij de ontvoering, marteling en moord op twee indiaanse leiders.

‘Het jachtseizoen op ons is geopend’, stellen de woordvoerders van de indiaanse volken terecht. Bolsonaro heeft de indianenbescherming weggehaald bij Justitie en overgedaan aan een van de ministeries die de pinksterkerken hebben binnengesleept: het ministerie van Vrouw, Gezin en Mensenrechten. Een benoeming die velen regelrecht de rouwfase van de ‘boosheid’ in duwde. ‘De vrouw wordt geboren om moeder te zijn’, stelt deze minister die tevens de vrouwelijke pastor is van de ultraconservatieve ‘vierhoekige kerk’. ‘De man is beschermer en kostwinner’, zegt ze in een land waar vrouwen de helft van de arbeidsmarkt uitmaken, 25 procent minder verdienen, maar als kostwinner wel de helft van de huishoudens draaiende houden.

‘Hier heerst God en stroomt de creatieve energie van het nationalisme’

Afgelopen woensdag maakte deze minister het schokkende nieuws bekend dat homo’s, transseksuelen en transgenders, die in Brazilië bij bosjes vermoord worden, bij haar geen bescherming zullen krijgen. Geen enkel ministerie, geen enkele overheidsinstantie zal de rechten van de lgbt-gemeenschap nog beschermen. Integendeel. De haatpraat van Jair Bolsonaro en de zijnen verklaart hen vogelvrij.

Zo wordt de rechtsstaat gedemonteerd, plakje voor plakje, nog voor de regering is aangetreden. Steeds een nieuwe groep mensen wordt de rechten ontnomen. Zo weten de achthonderdduizend Braziliaanse indianen al dat zij het volgende slachtoffer zijn. De toch al uitgeklede indianenbescherming die deze minister van Mensenrechten erfde, is haar belangrijkste functies ontnomen: het recht om indiaanse gebieden te markeren en het recht om land- en mijnbouw op inheemse grond te verbieden. Die beslissingen gaan naar het ministerie van Landbouw. De minister van Mensenrechten vindt het prima: ‘Wat moeten die indianen alleen in zo’n groot gebied’, zegt de vrouw die puur voor haar eigen plezier al eerder een lief klein indiaantje uit haar stam trok en bekeerde.

Het eerste interne probleem waar de regering-Bolsonaro nu voor staat is de pensioenhervorming. Wil Brazilië niet op de fles gaan, dan zal in de pensioenen moeten worden gesneden. Maar het is de lobby’s van de Koe, de Kerk (pinkstergemeente) en de Kogel (geweldsverheerlijkers) worst of die hervorming er komt. De Koe heeft gekregen wat hij wilde: een doodvonnis voor de Amazone. De Kerk is tevreden met zijn onmenselijke minister van Mensenrechten en de doldwaze middeleeuwers op Onderwijs en Buitenlandse Zaken. Ook de Kogel krijgt wat hij wil: de eerste daad van Bolsonaro deze week zal de verruiming van de wet op wapenbezit zijn. Het vermoorden van burgers zonder dat politie en leger zich daarvoor hoeven te verantwoorden staat ook al op de rol.

Maar de nieuwe president zal toch koehandel moeten drijven met de door hem zo gehate politieke partijen. Zijn eigen extreem-rechtse partij heeft maar tien procent van de zetels. Bovendien rollen zijn parlementariërs nu al vechtend met elkaar over de vloer, bijvoorbeeld over de vraag wie fractievoorzitter mag worden. Zoon Kwek meent dat het ambt hem bij geboorterecht toekomt. ‘Je gedraagt je als een baby’, riposteert zijn tegenstreefster. Waarna de presidentiële telg weer terugtwittert: ‘Iedereen weet dat je een hysterische gekkin bent.’

Zo vormen de zonen intern een steeds groter probleem. Kwak, de oudste en tot nu toe de rustigste, is sinds kort het middelpunt van een schandaal. Zijn chauffeur, een afgezwaaide politieagent, was bevriend met de Bolsonaro’s. Kwak en pa Bolsonaro voorzagen zowat zijn hele familie van parlementaire baantjes. Nu blijkt de chauffeur twee jaar lang grote bedragen op zijn bankrekening te hebben ontvangen. Hij stortte ook een flink bedrag op de rekening van Bolsonaro’s echtgenote. Corruptiegeld? ‘Nee’, verklaarde Bolsonaro na een paar dagen krampachtig zwijgen. ‘Hij betaalde een lening aan mij terug.’

Al twee weken lang weigert de chauffeur door de politie verhoord te worden. Vlak voor nieuwjaar dook hij plotseling op bij een bevriende tv-zender. ‘Ik doe in tweedehands auto’s’, probeerde hij Kwak uit de wind te houden. ‘Je weet wel. Kopen en verkopen.’ De militairen hebben Bolsonaro inmiddels een waarschuwing gegeven: ‘Toom die jongens in en maak dat ze opgroeien.’ Lastig met ‘jongens’ van in de dertig.

Intussen schermutselen de militairen met de Chicago-boys. Om te beginnen over hun eigen pensioen. De militairen hebben de meest gepriviligeerde regelingen van Brazilië. Zo ontvangen alle ongetrouwde dochters van officieren een levenslang pensioen, omdat ze geacht worden het huishouden voor hun vaders te doen. De militairen dragen nog geen acht procent aan hun eigen pensioenfonds bij. Dat willen ze graag zo houden. Daarnaast hebben de militairen met hun nationalisme een broertje dood aan de vergaande privatisering van overheidsbedrijven en de afbraak van de hoge tariefmuren op de agenda van de Chicago-boys. ‘Het wordt grissen, graaien en klauwen’, voorspelde de journalist Melo dit weekend. ‘Alleen God weet hoe dat uitpakt met een onbegenadigd eihoofd als Bolsonaro aan de leiding.’

‘Wel een miljoen’ mensen zouden op 1 januari de inhuldiging bijwonen. Uiteindelijk werden het er honderdduizend. Het luchtruim boven Brasilia was afgesloten. Overal stonden scherpschutters. Jair Bolsonaro droeg een kogelwerend vest onder zijn pak. Snotterend stond hij onder de tropenhemel met zijn derde vrouw in een open Rolls-Royce. Rambo-zoon Kwik apetrots als bodyguard achterop. Het mondde uit in een chaos van steigerende paarden. Soldaten in operette-uniform klepperden uit de pas. Het volkslied werd door de militaire kapel vals gespeeld. De perfecte opvoering van een bananenrepubliek. Bolsonaro, stijf en stram, die zijn aanhangers toebrult. ‘Ik zal Brazilië bevrijden van het socialisme.’ Van welk socialisme? Bolsonaro en generaal Mourão in de weer met een lullig Braziliaans vlaggetje: ‘Dit is onze vlag die nooit meer rood zal kleuren’, roept de nieuwe president dramatisch. ‘Behalve van ons bloed om hem te verdedigen.’

Ligt het aan mij? Het had niet meer dezelfde beangstigende impact als die militaire colonne van die nacht van de verkiezingszege. Ik was al lang blij dat Bolsonaro voor de gelegenheid een soort Hitler-groet maakte, in plaats van zijn eeuwige schietgebaar met duim en wijsvinger.