kristien hemmerechts, joke j. hermsen, stefan hertmans, arnold heumakers, auke hulst

De lijstjes

Kristien Hemmerechts is schrijver en publicist

Jay McInerney The Good Life, 2006: een interessante roman over New York voor en na 9/11; ook een zoektocht naar waarden (na het cynisme van de jaren 80 en 90)

A.M.Homes This Book Will Save Your Life, 2006: een roman die aantoont dat mensen in een staat van verwarring, ontworteling, twijfel en chaos leven; omdat alles mogelijk is geworden, weet niemand goed hoe hij/zij moet leven; mensen worden er erg hulpeloos door en moeten voor alles en nog wat een beroep doen op dienstverlening

Zadie Smith On Beauty, 2005: geschreven in confrontatie met een roman uit het begin van de 20ste eeuw (Howards End); Forster wilde laten zien hoe democratie niet alleen voor meer kansen zorgt, maar ook voor chaos en verwarring; politieke correctheid maakt het in de 21ste eeuw niet makkelijker; in tegendeel

Arnon Grunberg Tirza, 2006; een hoofdpersonage dat bezwijkt onder de druk van de hedendaagse wereld

Juilan Barnes Arthur and George, 2005: een schitterende reconstructie van een brok spannende 19de eeuwse geschiedenis, waaruit blijkt dat er nog niet zoveel veranderd is


Joke J. Hermsen is filosofe en schrijver.

Patricia de Martelaere. Het onverwachte antwoord. (2004) Naar mijn bescheiden smaak en oordeel een van de beste Nederlandstalige romans van de afgelopen tien jaar. Een roman die zowel een liefdesgeschiedenis als een ideeënroman en een loflied op de zintuigen is.

Erwin Mortier. Sluitertijd. (2002). In deze derde roman van de Vlaamse schrijver wordt de balans tussen de magie van de taal en diepgaande, filosofische reflecties op meesterlijke wijze bewaakt.

David Grossman. Haar lichaam weet het. (2002 Twee novellen, Waanzin en Haar lichaam weet het, bieden een even ontroerend als ontluisterend inkijkje in de meest duistere uithoeken van de menselijke ziel. Ook kan hier zijn laatste roman Een vrouw op de vlucht voor een bericht (2009), een schitterende en subtiele roman over de angsten en gevaren die het leven van een vrouw en haar zoons bedreigen in het huidige Israel, niet onvermeld blijven

Cormac McCarthy. The Road (De weg 2007) is het schitterend vertelde en aangrijpende relaas over de wanhopige tocht van een vader en een zoon door een postapocalyptisch Amerika. Naar mijn idee niet alleen Mc Carthy’s, maar ook Amerika’s beste boek van het afgelopen decennium.

Zadie Smith. White Teeth (2000) Met dit kleurrijke en meesterlijk vertelde epos over enkele Indiaas-Jamaicaanse families in London luidde Smith op waardige wijze het begin van het eerste literaire decennium van de 21e eeuw in.


Stefan Hertmans is schrijver, dichter en publicist

Les bienveillantes, Jonathan Littell

Het meest schokkende, maar ook het meest virtuoos geschreven boek over iets wat haast niet te lezen valt in zijn morele wreedheid. Er is veel gemoraliseerd over dit boek, maar vaak naast de kwestie. De auteur is zelfs uitgescholden voor een crypto-nazi die zijn eigen misselijke lusten botvierde. Maar dit boek toont iets anders: ver voorbij Hannah Arendts berucht geworden uitspraak over de banaliteit van het kwaad, toont het aan dat in de normaliteit van de gefrustreerde nazi Maximilien Aue ook een vorm van beschavingsziekte schuilt: het feit dat een verlicht mens in staat is zichzelf in te sluiten in redeneringen die hem ver voorbij de grenzen van het toelaatbare brengen, met argumentaties die alleen bedoeld zijn om het kwaad te overleven. De ronduit psychotische hoofdfiguur wordt op die manier een soort Leviathan van de technische era. Wie het boek in het Frans leest, ziet bovendien, en dat is pas het werkelijk verontrustende, een sublieme stijl die vaak de schoonheid van Proust evenaart, stuit geregeld op uitspraken aangaande het leven, de pijn, de schoonheid, die van een adembenemende trefzekerheid en intelligentie zijn - maar dat alles in een ontoelaatbare context. Als het de taak is van een schrijver om de grenzen van de moraal en de samenleving aft te tasten, dan behoort Littell tot de zeldzame groten.

The time of our singing, Richard Powers

Wat Thomas Manns De Toverberg is geweest voor het begin van de twintigste eeuw in Europa, is The time of our singing voor het begin van de eenentwintigste eeuw in Amerika. Zelden heeft een auteur blijk gegeven van een bredere, diepere kijk op de manier waarop een samenleving in haar gevoeligste, meest kunstzinnige en haar politieke, meest rauwe aspecten functioneert. Of het nu gaat over de betovering van de aria Bist du bei mir, over de hoop van de zwarte samenleving in de States, over historische momenten als het optreden van de zwarte zangeres Marion Anderson aan het Lincoln Memorial in 1939 in Washington, de morele implicaties van de atoomtheorie ten tijde van nazi-Duitsland, de delicate liefde tussen een blanke joodse highbrow Europeaan en een zwarte, moedige Amerikaanse vrouw, alles wordt in een geweldige, meeslepende stijl als in een reusachtig panorama voor je ogen getoverd, met een oog voor details dat zowel sensueel als scherpzinnig is. Bovendien stelt dit boek opnieuw de oude, onoplosbare vraag: hoe verhouden sublieme kunst en radicale politiek zich tot elkaar, als de situatie tot actie noopt? Het antwoord is even pijnlijk diep als onmogelijk. Als iemand in een boek de mogelijkheid heeft voorvoeld dat Amerika snel een zwarte president zou krijgen, dan Powers, in deze sprankelende grote roman.

Austerlitz, W. G. Sebald

Het boek dat echter boven alles uittorent en de triomf van de literaire stijl, de verbeelding en het vermogen om het afwezige op te roepen belichaamt, is W.G. Sebalds laatste grote roman Austerlitz. In geen ander boek is de virtuoze stijl zo specifiek en van wezenlijk belang voor wat erin wordt uitgedrukt. Sebalds vermogen om uit gebouwen, landschappen en voorwerpen de ontbrekende geschiedenis te voorschijn te lezen, is ongeëvenaard. De sublieme melancholie die uit deze bladzijden straalt getuigt tegelijk van een groot menselijk inzicht. Door de telkens hechter om elkaar heen cirkelende zinnen, de aanhalingen in de aanhaling, waardoor de zinnen als Russische popjes in elkaar passen, wordt vreemd genoeg elke verklaring juist uitgesteld, opgeschort, zodat de lezer door een zinderend soort mijmering over tijd en verlies wordt gedreven. Ik beschouw, in tegenstelling tot de sentimentele mores van het afgelopen decennium, ontroering niet als de meest wezenlijke eigenschap van een groots boek, maar de manier waarop dit boek de lezer naar de keel grijpt is van een zeldzame grootsheid.



Arnold Heumakers, recensent bij het NRC Handelsblad

  • De welwillenden, Jonathan Littell: eerste grote roman over de daders van WO II, geschreven vanuit het perspectief van een dader. Hebben we ongeveer 60 jaar op moeten wachten.

  • Ian McEwan. Saturday. Beste (allegorische) roman over de internationale crisissfeer in het westen sinds 9/11 en de consequenties daarvan voor de individuele burger

  • Marja Brouwers. Casino. Morele vertelling over de jaren 90, maar in feite over onze hele moderne samenleving. Tegendraads en daardoor nergens goedkoop vormgegeven. De roman is dan ook - ten onrechte - slecht begrepen.

  • Günther Grass_. Im Krebsgang_. Duitse oorlogstrauma verwerkt vanuit het perspectief van de Duitse slachtoffers. Kon alleen op dit hoge niveau na de Wende - deze roman is zelf ook een keerpunt.

  • Harry Mulisch. Siegfried. Magistrale afsluiting van een groots oeuvre, getekend door WO II. De literatuur wacht op een nieuwe oorlog van vergelijkbare proporties.



Auke Hulst, romanschrijver en recensent bij NRC Handelsblad

  • Tree Of Smoke, Denis Johnson. Ambitieuze en gelaagde roman die iets nieuws probeert te zeggen over Vietnam. Een onmogelijke opgave, zou je denken, maar Johnson lukt het. Hij legt de morele verdwazing van het Amerikaans denken bloot, en maakt the fog of war tastbaar als nooit tevoren. Daarmee krijgt het boek meteen een tijdloze relevantie.

  • Cloud Atlas, David Mitchell. Een ambitieus tapijt van verhalen, waarin qua toon, stijl en constructie voortdurend op een koord wordt gebalanceerd… boven een bad kolkende lava. Historische roman meets science fiction meets belletrie meets… vul maar in. Mitchell heeft risico’s genomen, en zelfs als die zich niet hadden uitbetaald, hadden we voor hem moeten buigen. Literaire dynamiek is gebaat bij mensen die niet bang zijn keihard op hun bek te gaan.

  • The White Tiger, Aravind Adiga. Een geestig en erg boos boek over het moderne India - sowieso een land waar de wereld beter het oog in zou moeten houden. Adiga weet een haarscherpe inkijk in een corrupte en verkankerde samenleving te verpakken in een onstuitbaar voortdenderend verhaal.
    Ik had hier graag Murakami willen noemen, omdat hij er in slaagt de eigentijdse ontheemding van het individu op een heel intuïtieve manier aan te raken. Maar zijn belangrijkste werken - met name The Wind-Up Bird Chronicle - dateren van voor 2000, soms zelfs van ruim daarvoor. Mogelijk dat zijn nieuwste, IQ84, op deze lijst zou horen, maar ik heb deze baksteen nog niet mogen lezen. Toch is hij, denk ik, op zijn minst een van de belangrijkste schrijvers van na 2000, al was het maar omdat het grootste deel van de wereld hem pas na deze waterscheiding heeft ontdekt. Dus noem ik: Kafka op het strand, uit 2002.