De links-rechtsschaal en de culturele as

Het is vermakelijk hoe commentatoren nu al jarenlang pogen het CDA te duiden op de links-rechtsschaal. Bij iedere uitspraak van een CDA'er, bij iedere personele wisseling is de grote vraag: gaan ze nu naar links of naar rechts? In de tijd van Lubbers was het duidelijk: het CDA zat tussen PvdA en VVD in. Inmiddels heeft het CDA de twijfelzaaiende rol van D66 overgenomen. Maar terwijl D66 van die onduidelijkheid leek te genieten en te profiteren, voelt het CDA zich er ongemakkelijk bij. Er gaat geen week voorbij of de christen-democraten doen een poging zichzelf te duiden.

Zo lekte vorige week een rapport uit waarin onder meer staat het CDA er alles aan wil doen uitsluiting van groepen - ouderen, kanslozen, minderheden - te voorkomen. De markt is niet zaligmakend, de overheid moet bijsturen. Ah, het CDA schuift naar links, klinken dan de commentaren. Maar gaf niet datzelfde CDA onlangs nog de aanzet tot een gezinsdebat dat de vloer aanveegt met alle progressieve inzichten op dat gebied?
Den-Haag-watchers zullen moeten accepteren dat de christen-democraten voorlopig niet te vangen zijn in de links-rechtsschaal. En dat geldt niet alleen voor het CDA. We zullen eraan moeten wennen partijen op twee manieren te duiden: naar hun culturele en naar hun materiele opvattingen. Zoals het partijpolitieke landschap van Rusland slechts te doorgronden is door partijen niet alleen links-rechts te duiden, maar ook op hun (anti)democratische gezindheid, zo moet de (materiele) links-rechtsschaal in Nederland worden aangevuld met een culturele as: opvattingen op het gebied van samenlevingsvormen, zelfbeschikkingsrecht van individuen (uitkeringsgerechtigden, migranten), een nationale of juist internationale orientatie. Het politieke landschap valt zo in vier posities uiteen: het CDA is cultureel conservatief en (afgaande op het uitgelekte rapport) materieel ‘links’ (ja, het is nog even wennen), terwijl het bij D66 precies andersom ligt: cultureel progressief, materieel rechts. De VVD is cultureel conservatief en materieel rechts. Of de PvdA op het cultureel progressieve, materieel linkse segment uitkomt, zal mede afhangen van de discussie over het rapport-Kalma. Voorlopig wordt dit segment echter gedomineerd door GroenLinks.
Thijs Woltgens heeft al eens gezinspeeld op een hergroepering van partijen in deze zin, maar dacht toen aan nieuwe partijen. Waarschijnlijker is dat de bestaande partijen net zo lang evolueren tot ze een duidelijke positie binnen een van de vier segmenten te pakken hebben. Of het CDA zich inderdaad ontwikkelt tot 'materieel links, cultureel behoudend’, hangt af van de interne strijd die nu gaande is. De christendemocratische preken van de laatste maanden (voor de boze boeren, voor 'de’ ouderen, tegen sommige bezuinigingen op de sociale zekerheid) bestaan welbeschouwd slechts uit het bedienen van diegenen die het CDA ooit tot z'n natuurlijke achterban mocht rekenen. Zoals ook de PvdA na het hevige electorale verlies wanhopige pogingen deed om bij een 'natuurlijke achterban’ in het gevlei te komen die ondertussen al lang niet meer bestond.