De loner heer bolk

‘Ik snap geen bal van politiek’, bekent de man naast me aan de bar van hotel Krasnapolsky, klapwiekend van de whisky, ‘maar ik weet wel wat deze wereld nodig heeft: een dictator, het liefst een zachte dictator.’ We schrijven het vijftigste verjaarsfeest van de VVD. Al voor de optredens van Jorritsma als Madonna, de grote liberale voorzanger Gordon en een stand-up-comedy-act van Zalm zit de stemming er goed in. Vanavond is Amsterdam voor de liberalen.

Eerder die dag hebben de liberalen zich in de Beurs van Berlage uiterst gedeisd gehouden: het was een bijna Balie-achtig symposium over verleden en toekomst, zonder partijpolitiek machtsvertoon. In de vorm van een talkshow die maar niet ontspannen wilde worden, praatte Bolkestein de bijdragen van enkele hoge gasten aan elkaar. Ex-ambassadeur namens de Verenigde Staten in Nederland L. Paul Bremmer III, tegenwoordig werkzaam bij Kissinger Associates, deed nog een graai in het apocalyptische zakje met terroristen die over een eigen kernmacht beschikken, maar voor het overige was het wellevendheid wat de klok sloeg. De erudiete sfeer werd gered door de Vlaamse liberaal Annemie Neyts, die in het kader van een appèl tot mondiale verzoening de Spaanse koning opriep tot het maken van excuses voor de Tachtigjarige Oorlog.
’s Avonds in Krasnapolsky krijgen de opgekropte emoties de overhand. Als een F-side verkleed in driedelig krijt en cocktailjurk geven de liberalen zich over aan extatische vreugdekreten iedere keer als presentator Kees Mijnten op het podium verschijnt. De bittere geur van adrenaline waait door de stampvolle zaal. Als Ed Nijpels, Hans Wiegel, Joris Voorhoeve, Frits Korthals Altes en Henk Vonhoff tegelijk op het podium staan, klinkt er een angstaanjagend gehuil op uit de menigte. Er staat dan ook voor dertig jaar politieke broedermoord op het podium, en het bijleggen van oude veten verdient natuurlijk altijd lof. De sfeer is er een van een overwinningsfeest.
Maar ook hier, in een zaal vol louter getrouwen of mensen die dat in ieder geval voorgeven te zijn, beweegt Bolkestein zich als een absolute ‘loner’ door de menigte. Hij is eerder verlegen dan uitgelaten, stuurs waar de anderen extatisch zijn. In feite maakt het niet uit of hij voor een zaal vol dodelijk gefrustreerde ex-CPN'ers staat, die zijn bloed wel kunnen drinken, of voor de fine fleur van zijn eigen volkspartij, bereid om zijn voeten te kussen. Zijn optreden blijft gekenmerkt worden door existentiële eenzaamheid, die zich vertaalt in een starre motoriek en een dictie die nooit persoonlijk wil worden.
'Frits is nu eenmaal een Einzelgänger’, zo vertelde een jonge VVD-medewerker me eerder die dag. 'Hij heeft met bijna niemand binnen de partij contact. Af en toe laat hij een paar mensen bij zich die hij als geestverwanten beschouwt. J.J. Voskuil en dat soort typen, even grote loners als hijzelf.’
Verleden week vertelde Fons de Poel, de KRO-spreekstalmeester van Netwerk, die door Bolkestein in de ban werd gedaan na de onthullingen over diens inspanningen voor de verkoop van bloeddrukverlagende pillen, in Het Parool een tekenende anekdote over Bolkestein. Toen deze nog opgroeiende kinderen had, waren die onhanteerbaar op school. Een huisarts die werd geconsulteerd, informeerde bij de verontruste vader: 'Zitten de jongens wel eens bij u op de rug?’ Bolkestein had de man toen lang in opperste verbazing aangekeken: 'Op mijn rug? Wat zouden ze daar moeten?’
Apocrief of niet, het tekent de losse verhouding die Bolkestein met zijn omgeving onderhoudt, inclusief de jubilerende VVD, die vooral dankzij Bolkesteins 'taboedoorbrekende’ uitspraken over buitenlanders afstevent op de grootste overwinning uit haar geschiedenis (volgens een recente enquête geeft maar liefst 36 procent van het VVD-electoraat een vorm van politieke xenofobie op als motivering voor een stem op de liberalen).
Bolkesteins grote speech op het halve-eeuwfeest mocht er weer zijn. Hij vergeleek de tanende macht van de confessionelen met de 'incredible shrinking man’ en schilderde bijna verlekkerd de 'ideologische terugtocht’ van de sociaal-democraten. Alleen de VVD was ongeschonden uit de marktrevolutie gekomen, zo begrepen we. Bolkestein: 'Voor liberalen zijn er geen ernstige zonden te bekennen, geen pijnlijke dwalingen te verdoezelen, geen vreemde koerswijzigingen te verklaren.’ De zaal joelde instemmend. Logischerwijze haalde niemand het in zijn hoofd om het oorlogsverleden van de weer danig bewierookte VVD-oprichter J. Oud (Nederlandse Unie, grote vrienden met Seyss-Inquart) op te rakelen. Tegen de tijd dat de eerste hoge hakken braken in het gehos op Gordons hits, viel van Bolkestein al niets meer te zien. Die zat waarschijnlijk met een walkman met Bach op het toilet, wachtend tot het over was.