De maagd en de sloerie

Frankrijk heeft maar liefst twee vrouwelijke nationale symbolen. Beiden werden in de negentiende eeuw beroemd: Marianne als republikeinse allegorie, Jeanne d'Arc als religieuze legende.

DE AMERIKANEN hebben Uncle Sam, de Engelsen John Bull, de Fransen hebben Jeanne d'Arc en Marianne. Fransen houden zo intens van vrouwen dat ze er niet minder dan twee als nationaal symbool hebben gekozen. Politiek gezien is Frankrijk een ambivalent, zelfs een beetje schizofreen land. Het is het land van de Revolutie, van vrijheid en gelijkheid, maar ook van chauvinisme en achterlijk conservatisme. Deze ideologische tweespalt uit zich ook in het persoonlijke leven: het grote verlangen van elke Fransman is een respectabele, bijna seksloze echtgenote te hebben die de kinderen netjes opvoedt en hem in voor- en tegenspoed steunt, en een mooie, ietsje losbandige ma"tresse die zijn geheime wensen vervult.
Dit was volledig geaccepteerd in de tijd van madame de Pompadour, en nog steeds maakt niemand zich druk om de liefjes van Mitterrand of Chirac, zolang een stijve maar vriendelijke Danielle of Bernadette bij officiële gelegenheden naast hen staat. Zo vullen ook Jeanne d'Arc en Marianne elkaar aan en strijden zij met wisselend succes om de liefde van de gemiddelde Fransman.
Jeanne d'Arc was vanouds de reine maagd, vervuld van liefde voor God en koning, terwijl Marianne met haar ontblote borsten en zinnelijke uitstraling een beetje de rol van de sloerie kreeg toegewezen. Jeanne d'Arc, de kleine onschuldige boerin uit Lotharingen, staat voor zuiverheid, spiritualiteit en onbaatzuchtige liefde, Marianne is een wulpse stadsmeid die naast de mannen op de barricaden staat en ze ophitst tot de strijd. Beiden werden in de negentiende eeuw beroemd: Marianne als republikeinse allegorie, Jeanne d'Arc als religieuze legende.
DE ROMANTIEK raakte gefascineerd door de maagd van Orléans. De historicus Michelet beschrijft haar leven en gruwelijke dood op de brandstapel in bevlogen woorden, waarbij de wil om het verleden te doen herleven het van historische nauwkeurigheid wint. Als geen ander heeft hij bijgedragen aan de Jeanne d'Arc-legende.
Jeanne is een androgyne figuur, een jong meisje zonder borsten dat met een zwaard is toegerust, het fallische symbool bij uitstek. Zij is de krijger die haar soldaten met Gods hulp naar de overwinning moet leiden. Jeanne verdraagt geen voedsel, zij eet slechts een stukje in wijn gedoopt brood. Zij heeft geen minnaars en menstrueert niet. Waarschijnlijk leed ze aan de ‘heilige anorexia’ die grote mystica’s dichter bij God moest brengen. Als zij een vrouw is, dan is ze een vrouw waar niets vrouwelijks aan is, een seksloos wezen, een engel: haar veelgeroemde moed, trouw, deugdzaamheid en zuiverheid zijn typisch mannelijke kenmerken. De androgyne wordt echter vaak gezien als symbool van eenwording van tegenpolen, en in die zin functioneert zij als representatie van Frankrijks eeuwige verlangen naar nationale eenheid.
Was er eerst enige twijfel of Jeanne bij links dan wel bij rechts hoorde, na haar heiligverklaring wordt zij definitief ingelijfd bij de legenden van antirepublikeins en katholiek Frankrijk. In de mythologie van de ultranationalisten is Jeanne de boeren-dochter, gehecht aan haar geboortegrond en aan het natuurlijke leven op het land. Zij symboliseert de zuiverheid van het Keltische ras, patriottisme, onverzettelijkheid en spiritualiteit. Tijdens de Tweede Wereldoorlog staat zij naast Pétain om het land te verdedigen tegen de historische vijanden: de perfide Engelsen, die de Franse vloot bij Mers-el-Kébir tot zinken hebben gebracht, en de joden die Frankrijk in decadentie en corruptie hebben gestort. Uit die tijd dateren tientallen boeken, toneel- en muziekstukken waarin de maagd van Orléans de hoofdrol vervult, en wordt zij gretig door de propaganda van de collaborerende Vichy-regering gebruikt om de politiek van 'terugkeer naar het platteland’ gestalte te geven. Jeanne wordt zelfs ingezet in de lastercampagne tegen Marianne, want Pétains eerste politieke daad is het afschaffen van de republiek. De oude maarschalk en de jonge maagd vormen een even geliefd als pervers paar, dat uiting geeft aan Vichy’s traditionalistische, racistische fantasieën.
MARIANNE IS EEN heel andere figuur. Zij is de dochter van de Franse Revolutie, en maakt eerst naam als 'Godin van de Vrijheid’. Aangezien de koning, Jezus en Maria door de revolutionaire storm zijn weggevaagd, is er behoefte aan een nieuwe nationale symboliek, en vanouds zijn ab-stracties door vrouwelijke figuren gerepresenteerd. Zij verschijnt voor het eerst in tableaux vivants tijdens revolutionaire feesten. Met de revolutie van 1830 en de Julimonarchie wordt haar kracht als symbool van de revolutie duidelijk. Delacroix schildert haar op de barricaden, Rude maakt het beroemde beeld van de schreeuwende Marseillaise. Tijdens het Tweede Keizerrijk raken heiligenbeelden weer in de mode, en wordt Marianne het embleem van geheime genootschappen die tegen Napoleon III samenzweren. Met de terugkeer van de republiek in 1870 herovert zij haar plaats in officiële gebouwen, en wordt zij een van de belangrijkste symbolen van de republikeinse iconografie.
Marianne komt en gaat: na de Eerste Wereldoorlog verschijnen monumenten voor de gevallen soldaten in elk Frans dorp en raakt ze in de vergetelheid, om in 1936 met het linkse Volksfront in ere te worden hersteld.
In de jaren dertig wordt met het groeiende antisemitisme een nieuwe mythe geboren: die van de 'joodse republiek’. De komst van Léon Blum en andere joodse ministers heeft de schone Marianne verdreven en vervangen door Judith, de hoer die verleidt, vergiftigt en moordt in duistere bordelen. De joodse republiek symboliseert de vermeende corruptie van het linkse Volksfront. 'Komen we dan nooit af van de stank van goedkoop parfum en bederf die die oude stervende hoer, die aan syfilis lijdende teef, nog altijd verspreidt?’ verzucht de fascist Brasillach. In 1941 vergelijkt hij Marianne met Jeanne, 'die niets met geld, ideologen en valse verdedigers van een verrotte beschaving te maken wil hebben. Want alleen Jeanne heeft de heldere geest en onschuldige schoonheid die bij haar ras horen.’
Het zal nog even duren voor de onverwoestbare Marianne haar plaats weer kan innemen. Zij wordt een handje geholpen door De Gaulle, die de republikeinse folklore nieuw leven inblaast: de godin van de revolutie wordt voortaan door rechts gemonopoliseerd. De verrechtsing van Marianne heeft tot gevolg dat haar image verandert: van gepassioneerde voorvechtster van de rechten van de mens wordt zij het symbool van het eeuwige Frankrijk. Met de terugkeer van links in 1981 is Marianne weer helemaal terug, volks en strijdbaar, en in 1985 krijgt zij een nieuw gezicht: dat van filmster en mooiste vrouw van Frankrijk Catherine Deneuve.
MET DE OPKOMST van Jean-Marie le Pen vanaf 1980 wordt Jeanne definitief de grote heldin van extreemrechts, en fungeert de Jeanne d'Arc-legende als een van de oorsprongsmythen van het Front National. Nog altijd vieren Le Pens aanhangers het feest van 'Sainte Jeanne d'Arc’ op 11 mei, en komen ze samen bij de standbeelden van de maagd van Orléans om te treuren over de verloedering van multicultureel Frankrijk.
Nu Jeannes hartstochtelijke relatie met het Front National haar in republikeinse ogen voorgoed heeft gediscrediteerd, zal Mariannes niet onappetijtelijke borstbeeld blijvend in alle Franse stadhuizen pronken. Iets van de hoerige Judith is aan haar blijven kleven: het zijn niet langer haar strijdlustige blik en woest schreeuwende mond die de aandacht trekken, maar haar rijkgevulde decolleté.
Fransen gaan met hun tijd mee. Om de zoveel jaar staat een andere schoonheid model voor een nieuw beeld: naast Brigitte Bardot en Catherine Deneuve was er sloompie Mireille Mathieu (een duidelijke misser) en nu is na een officiële Marianne-wedstrijd supermodel en actrice Laetitia Casta aan de beurt, bekend van Asterix en Obelix tegen Caesar. Tot groot ongenoegen van Franse feministen, die vinden dat nationale symbolen oerlelijk horen te zijn. Evenals de meeste Franse mannen waren de burgemeesters, die uiteindelijk dagelijks enige tijd bij zo'n beeld moeten vertoeven, het hier gelukkig niet mee eens. In tegenstelling tot Nederlanders weten Fransen wat goed leven is. Zij dromen liever weg bij de tieten van Laetitia dan bij de hoedjes van Beatrix.