Menno Hurenkamp

De macht

Kent u die Franse film over drie mannen en een baby? De drie mannen delen een huis. Plots ligt er een baby voor de deur. De mannen in paniek, want: een van hen heeft dat kind verwekt. Rond vragen als: «Hoe doe je een luier om?» ontwikkelt zich een komedie — de mannen worden tot actie gedwongen in hun tot dan toe met eigen genoegens gevulde bestaan.

Hela! Dat gaat over het voorzitterschap van de Partij van de Arbeid. Toen Kok en Melkert een kandidaat voor de partijdeur dropten, kwam onmiddellijk een trio mannen in actie. Kok en Melkert een gevallen meisje, Sharon Dijksma een baby, de bepaald middelbare trits Koole, Olij, Tromp een stel studentikoze bachelors. Het is een verleidelijk perspectief, waar een nog interessanter fenomeen achter zit. Het gaat om de greep naar de macht van de politicologen. In de jaren vijftig waren het de juristen die het oor van de overheid hadden. In de jaren zestig, toen hun regels te strak werden, verdreven de sociologen hen. De economen kwamen begin jaren tachtig om de financiële puinhoop op te ruimen, en in de post-ideologische jaren negentig mochten de bestuurskundigen uitleggen dat politiek vooral een kwestie van organisatie van verantwoordelijkheden was. Het tij keert.

Als ik dicht bij de eerder genoemde organisatie blijf: afgezet voorzitter Marijke van Hees? Doctorandus in de bestuurskunde. Verliezend kandidaat Sharon Dijksma? Propedeuse in de bestuurs kunde. Kandidaat Bart Tromp? Politicoloog. De nieuwe voorzitter Ruud Koole? Politicoloog. Ik denk niet dat dit toeval is. Het Engelse The New Statesman van deze week signaleert dat zowel Tony Blair als George Bush de voorkeur geeft aan het advies van politieke wetenschappers boven dat van economen die jarenlang de dienst hebben uitgemaakt.

Politicologen hebben een verhaal, geen model. Sinds de jaren tachtig bestond politiek uit het terechte verlangen de kostbare en trage overheid rendabel te maken. Staatsbedrijven moesten de markt op, klusjes als studiebeurzen betalen werden verzelfstandigd. Maar de magie van Reinventing government, het herdefiniëren van overheidstaken op een kleinere, bedrijfsmatiger schaal, heeft zijn spankracht verloren. Het blijkt dat een probleem, als het efficiënt gedecentraliseerd is, een probleem blijft. Het onderwijs en de Nederlandse Spoorwegen zijn mooie voorbeelden van het doorgeven in plaats van doorbijten van de zure appel. De verkiezing van Koole lijkt me een signaal dat de politiek na jaren van procesmatige oplossingen en fixatie op efficiëntie toe is aan het maken van keuzes in plaats van het organiseren van processen.

Met voorlichtersporno — «stukje warm kiezersgebeuren» — dat (kandidaat-)partijvoorzitters van Nederlandse politieke partijen de laatste jaren reutelden, doe je daar weinig aan. Soms moet je zeggen: de treinen zullen rijden, of: het maakt me niet uit of de treinen rijden. En kiezen, daar zijn de politicologen van, die leren op school dat het gaat om «gezaghebbend toedelen van waarden». Dikke kans dat de top van de Partij van de Arbeid deze nood al voelde, en om iemand als Koole te verleiden, de wieg met Dijksma voor zijn deur heeft gezet. Want, ook Ad Melkert is een politicoloog. En Menno Hurenkamp? Juist. Moeders, houdt uw kiezers binnen.