De prins van Leiden

De man versus het systeem

Man van principes, geworteld in zijn eenmansprotest. We vrezen hem als vijand, maar hebben hem graag te vriend. Mohammed Bin Mitib Bin Talal voert zijn strijd vanaf een plein in Leiden en telt zijn dagen.

Medium vluchteling1mohammed

Sinds 18 juni 2014 woedt er een oorlog op het Stationsplein van Leiden. Een stille of zelfs onzichtbare strijd voor de onwetende voorbijganger, een manmoedig verzet in de ogen van sommigen en ronduit destructief voor wie de schade ziet.

Een half jaar geleden posteerde Mohammed Bin Mitib Bin Talal zich op de stoep voor het vvv-kantoor op het open plein voor Leiden Centraal. Zijn twee weekendtassen plaatste hij op een richel van het grijze gebouw, zelf leunde hij tegen de muur of zat op de met mozaïeksteentjes ingelegde stadsbank, wanneer die vrij was. Met de maanden groeide zijn donkere baard, naarmate de temperatuur daalde nam zijn omvang toe in lagen kleding. Afhankelijk van de windrichting zit hij gedraaid naar het station, naar de supermarkt aan de overkant van het plein of naar de Stationsweg, in de richting van de stad. Hij telt zijn dagen en voert zijn strijd.

Of die strijd haalbaar is of niet, de Leidenaren houden hem vanaf dag één op de been. Ook zijn inboedel groeide gestaag: mensen brachten dekbedden, wanten, thermosflessen en eten voor een leger. Sinds zijn wonderlijke levensverhaal in het Leidsch Dagblad verscheen, is de aanloop overweldigend. De Saoedische Bin Talal zou een kleinzoon zijn van de laatste emir van het verdreven Al-Rashid-koningshuis. Een familielid, die als hoogleraar in de sociale antropologie werkzaam is in Londen, bevestigde de geschiedenis aan de krant en Bin Talal ging als ‘Prins aan de bedelstaf’ het nationale nieuws door.

Maar bedelen doet Bin Talal niet, wat uitzonderlijk is op het Stationsplein, dat geldt als een slagveld van concurrerende goede doelen. Wervende organisaties die lobbyen tegen onrecht, oorlog en ziekten wisselen elkaar af, met op sommige dagen bij iedere schuifdeur van de stationshal een ander goed doel. Kerkelijke organisaties houden zich een paar meter achter hen op, nooit te beroerd om mee te lopen naar je fiets als dat betekent dat ze hun verhaal kunnen afmaken. Aan de muur van een kraakflat naast de fietsenstalling hing jarenlang een meterslang spandoek met in rode verf giro 555, tot afgelopen zomer een storm het verweerde textiel met de verbleekte cijfers van het gebouw afrukte. Het mozaïekbankje waar Bin Talal de zomerdagen op doorbracht, werd in 2011 aangekocht als bijdrage aan Serious Request, toen die organisatie de stad aandeed met het Glazen Huis. De opbrengst van de zogenoemde ‘Serious Sofa’ kwam ten goede aan moeders in oorlogsgebieden.

Zonder ergens om te vragen, krijgt Bin Talal alles. Hij grapt dat hij als dakloze nog zal sterven aan obesitas – sinds hij op straat leeft, kwam hij vijf kilo aan.

Dag 158. De tassen met boodschappen, gevuld met familiezakken kadetjes, pakken stroopwafels en flessen water, blijven de hele middag komen. Een luchtbrug tussen de Kiosk, Hema en Starbucks en het Stationsplein zorgt voor een constante aanvoer van koffie en thee. Restaurants brengen wat die avond overbleef, anderen koken zelf. En anders kan er altijd opgewarmd worden in de magnetron van de Albert Heijn-to go. Soms komen bewoners van een studentenhuis aan het eind van de dag boodschappen bij Bin Talal ophalen. Scholieren bietsen sigaretten, daklozen vragen hem om geld.

Een vrouw die betrokken was bij de Vluchtkerk probeert hem vanmiddag over te halen met haar mee te gaan naar Amsterdam. Daar is plaats genoeg voor uitgeprocedeerde asielzoekers, verzekert ze. Iemand vertelt over een indrukwekkende documentaire op het Idfa, Those Who Feel the Fire Burning, over asielzoekers in Europa. Zou hij eigenlijk echt moeten zien. Twee meisjes zetten ieder een zware boodschappentas voor hem neer en overhandigen een plastic tasje met warme kebab. ‘Betaald door dat meisje’, wijzen ze naar een verlegen meisje verderop. Een busje van de gemeente knippert in het voorbijgaan bij wijze van groet met zijn oranje lichten. De mannen steken een hand naar elkaar op.

Slapen is de grootste uitdaging, en een valkuil. Sommige mensen maken hem vroeg wakker met een eerste cappuccino, dat stoort hem in zijn rust. Maandenlang lag hij ’s nachts op het trapje van de naastgelegen Rabobank. Toen dat werd verboden, bracht iemand hem een klapstoel om op te slapen. Het was moeilijk evenwicht houden op een stoel zonder armsteunen, na een paar dagen was Bin Talal bekaf. Een oude vrouw die, zo vertelt hij, in Leiden de Tweede Wereldoorlog nog heeft meegemaakt, bracht hem gelukkig een tuinstoel. Een student medicijnen houdt zijn fysieke toestand in de gaten.

Toen Bin Talal op een ochtend zijn ogen opendeed, stond daar Sinterklaas, met twee warme sjaals voor hem. Er zijn vrouwen die hem omhelzen. Ze komen heel dichtbij met hun gezicht, zeggen lieve woordjes en toveren iets lekkers te voorschijn. Voor jou, zeggen ze dan, en vertrekken weer. Of mensen komen bij hem terecht met hun eigen sores. Mijn man dit, mijn vrouw dat. Ik heb genoeg aan mijn eigen problemen, denkt Bin Talal dan, maar altijd zal hij vriendelijk lachen. Wonend in de publieke ruimte is hij altijd beschikbaar. Hij is niets dan dankbaar voor alle zorg.

Waarom Bin Talal daar nu precies zit, is voor veel mensen niet duidelijk. Zijn optimisme, gevoel voor humor en perfecte beheersing van de Engelse taal verdoezelen de ernst van zijn missie. Sommigen gaan mee in het verhaal dat hij vertelt, anderen geloven er geen woord van. De meesten hebben geen idee van zijn achtergrond, of het maakt ze niet uit. Voor hen is Bin Talal een prettig iemand om dagelijks een praatje mee te maken. Een vrouw in een invalidenwagen brengt een tros bananen. Ze heeft tranen in haar ogen – deze man hier zo te zien zitten, het is alsof ze naar haar eigen kind kijkt. Hoe kan iemand het zo onmogelijk voor zichzelf maken? Waarom kiezen voor de moeilijkst denkbare weg?

De tassen met boodschappen, met zakken kadetjes, pakken stroop­wafels en flessen water, blijven de hele middag komen

Bin Talal is in oorlogen zolang hij op dit plein staat, is hij aan de winnende hand. Hij vecht er verschillende oorlogen uit, of eigenlijk één oorlog met verschillende veldslagen. Zijn gewelddadige familiegeschiedenis, die leidde tot een verbanning van hem en zijn familie uit Saoedi-Arabië, rekent hij niet eens mee. De families Al-Rashid en Al-Saoed, de huidige koninklijke familie, zijn van oudsher rivalen. In 1891 greep Al-Rashid vanuit de noordelijk gelegen stad Ha’il de macht en werd Al-Saoed verbannen naar Koeweit, om in 1921 terug te keren en de macht voorgoed over te nemen. Om de banden tussen beide families aan te halen werd er vervolgens jarenlang volop strategisch getrouwd. De stamboom leest als een bloederig epos, Bin Talal geeft toelichting. Die trouwde met die, die vermoordde toen die en ze hadden beter die kunnen vermoorden. In 1968 werd hijzelf in het land geboren, maar lang kon hij er niet blijven. In 1975 werd de regerende koning Faisal bin Abdoel Aziz al-Saoed vermoord, door zijn eigen neef, een bloedverwant van Al-Rashid. De familie werd verbannen en vluchtte naar Irak.

Medium vluchteling1mohammed

Bin Talal omschrijft zichzelf als een extremist. Het leven bestaat voor hem uit een zoektocht naar uitersten, naar alles of helemaal niets. Hij weet dat het leven niet voor dergelijke extremiteiten is bedoeld, maar hij kan niet anders. Zijn middelste naam ‘Mitib’, de naam die hij kreeg van zijn vader, betekent ‘de moeilijke’. En hij is trots.

Na zijn jeugd in Irak stuurde zijn vader hem voor studie naar de Verenigde Staten. Volgens Bin Talal om te bewijzen dat de familie geen angst zou hebben voor het land, dat al decennia dik was met het Saoedische koningshuis en de olie. Bin Talal was al lang blij, hij wilde graag weg en vooral met rust gelaten worden. Hij verhuisde naar Florida om aan het Daytona State College naar school te gaan en in 1995 behaalde hij zijn major in political science aan Knox College in Galesburg, Illinois, zoals bevestigd wordt door het college. Bin Talal leidde een gelukkig leven in de Verenigde Staten en is nog altijd dol op Amerikanen. Maar zijn moeilijke aard was er ook toen al. Op een trip met vrienden naar Tennessee besloot hij om eerder terug te keren naar huis. Toen zijn vriend hem smeekte om te blijven en daartoe zijn arm vastgreep, dreigde hij uit het niets: ‘Laat me los, of ik sla je in elkaar.’ De vriendschap bekoelde, hoewel Bin Talal eerst niet begreep waarom.

In 1995 kwam hij op een studentenvisum naar Nederland en belandde via een vriend in Leiden. De mooie architectuur en de aardige mensen spraken hem aan – hij besloot er te blijven. Met de trein reisde hij naar Amsterdam om een studie communication science te beginnen, maar toen zijn vader in Londen overleed stopte hij met studeren. Het riante familiekapitaal was genoeg om comfortabel van te leven, een verblijfsvergunning aanvragen in Nederland deed hij niet. Hij wil nergens om hoeven vragen.

Dag 166. Het is de eerste dag van het jaar dat de temperatuur overdag tot onder het nulpunt daalt. Bin Talal moet kiezen tussen stilzitten en het koud hebben of staan en vermoeid raken. Hij wisselt het af. In de kou wordt voedsel nog sneller oneetbaar dan in de zon. Flessen water koelen snel af tot de buitentemperatuur – zou hij het drinken, dan zou hij direct onderkoeld raken. Ook douchen is geen optie meer. Warm water en dan terug in de kou, dat zou zijn einde betekenen. Inmiddels verliest Bin Talal gewicht.

Vandaag is er fysiek strijd geleverd op het plein, en wel met de politie. Een medewerker van een hulporganisatie bood hem onderdak aan. Verderop in de straat zou hij een huis kunnen betrekken. Maar er waren condities die hem niet bevielen en Bin Talal weigerde, verzette zich hevig. Toen hij later het stationsgebouw binnen liep om naar het toilet te gaan, gaven stationsmedewerkers hem een high-five. ‘Nooit toegeven, tenzij je weet waaraan’, zeiden ze. Het voelde als een overwinning.

Zijn leven was rustig totdat in 2005 alles misging. Bin Talal werd gearresteerd en belandde in de gevangenis. Ze hadden hem ‘op zijn tenen getrapt’ en de gevolgen daarvan waren voor niemand te overzien. Bin Talal vertelt het als volgt. Kort na het overlijden van zijn vader verdween het familiekapitaal van zijn Zwitserse bankrekening. Hij ziet het als zijn vaders laatste troef om hem te dwingen om terug te keren naar zijn geboorteland. Toen verliep ook nog zijn Iraakse paspoort en dat kon niet worden vernieuwd – het was aan de familie afgegeven door het oude regime, dat zojuist door de militaire interventie in het land was verdreven.

Met inmiddels een gezin woonde Bin Talal berooid in een rijtjeshuis in Leiderdorp. Zijn buurman was met veel kabaal aan het verbouwen en op een dag kon hij niet meer tegen het onrecht dat hem in zijn ogen was aangedaan. Hij stuurde tweehonderd faxen met doodsbedreigingen naar medewerkers van de Zwitserse bank. Ook naar het kantoor in Amsterdam.

In de gevangenis besloot hij in hongerstaking te gaan. Na 67 dagen zonder eten werd hij mentaal en fysiek gebroken wakker in het Justitieel Medisch Centrum in Den Haag. Op de vraag of hij de bankmedewerkers iets had aangedaan, antwoordt hij ernstig: ‘Als ik ze had willen vermoorden, had ik geen fax gestuurd.’ Hij werd vrijgelaten, als illegaal zonder geld, en belandde uiteindelijk op straat, waar hij als dakloze nu een luis in de pels van de gemeente is.

‘Wat is uw perspectief op de toekomst?’ – ‘Ofwel twee meter onder de grond, ofwel hoog aan de top in Saoedi-Arabië’

In de regio Zuid-Holland-Noord leven vijfhonderd geregistreerde daklozen waar de gemeente Leiden zorg voor draagt. Slechts een tiental woont daadwerkelijk op straat, en zelden 24 uur per dag. Onder hen zijn weinig immigranten, laat staan afkomstig uit Saoedi-Arabië. ‘Maar dat verandert nog wel’, voorspelt Bin Talal, ‘wanneer er daar oorlog uitbreekt.’

Dat is waar hij op wacht en dat is ook wat hij wil uitlokken met zijn verblijf in Leiden. Zijn directe vijand? De Verenigde Staten van Amerika. En niet alleen zíjn vijand, benadrukt Bin Talal, noem de politieke leiders van de VS gerust de vijand van de mensheid. Sinds de Eerste Golfoorlog controleren ze het hele gebied. Mensen hebben er alles verloren, hun bezittingen, hun waardigheid, elkaar. En ook achter de olierijkdommen van landen als Saoedi-Arabië en Jemen schuilt niets dan ellende, hongersnood zelfs. De bevolking van de landen groeit exponentieel, in armoede. Nee, zuiver gezien zijn de VS niet zijn vijand, maar is hij vijand van de VS. Ze vragen erom.

De man versus het systeem, de eenling die bereid is om zijn leven te geven voor een overtuiging. Lone wolves, stray dogs en hun copycats, zwarte weduwen of in het gunstigste geval klokkenluiders. Ze vormen de speerpunt van het internationale antiterrorismebeleid, gevreesd om hun onvoorspelbaarheid. Maar de symbolische kracht die van hen uitgaat wordt ook geromantiseerd. We vrezen ze als vijand, maar hebben ze graag te vriend.

In legio films en romans treden personages op met hun doorzettingsvermogen. Paul Auster liet in Leviathan (1992) een man opdraven die sterke overeenkomsten vertoont met de Unabomber, op een moment in de geschiedenis dat de echte Unabomber nog altijd niet gepakt was. Kunstenaars geven helden en antihelden een onsterfelijk gezicht en plaatsen hun protest op een hoger plan. Vorig jaar verscheen de Chinese Tank Man in Hoog Catharijne in Utrecht. Kunstenaar Fernando Sánchez Castillo maakte een hedendaagse variant van die ene man die zoveel tanks tot stilstand had weten te dwingen. Nu veroorzaakte hij als hyperrealistische sculptuur, met zijn handen vol boodschappentassen opstoppingen tussen het winkelende publiek.

Een van de beroemdste eenmansprotesten uit de recente geschiedenis werd aangevoerd door Brian Haw. Hij nam plaats op Parliament Square in Londen en protesteerde tien jaar lang tegen met name de bemoeienis van het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten met Irak en Afghanistan. Zijn protest groeide uit tot een 43 meter lange muur van verzet. Spandoeken verkondigden boodschappen als ‘Baby killers’ en ‘Blair lied’, een schilderij van Banksy van twee soldaten die een vredesteken schilderen, poppen, regenboogvlaggen en zelfs een pluchen zeehond zetten het protest kracht bij. Arrestatie op arrestatie en rechtszaak op rechtszaak probeerden een eind aan zijn verblijf op het plein en de leuzen door zijn megafoon te maken. Toen hij terugkeerde uit de rechtszaal schreeuwde Haw voor de camera: ‘I alone am free to express. I alone am free to express’ en tegen de bbc verklaarde hij: ‘We’re there because our country is committing infanticide, genocide, the looting of nations. I’m determined to be there untill they kill me. How much longer will that be?’

Kunstenaar Mark Wallinger had in 2006 zijn protestinstallatie net uitvoerig gefotografeerd, toen een paar dagen later de politie de hele boel in beslag kwam nemen. Wallinger besloot de verzameling op minutieuze wijze na te maken, bouwde de vele meters akelig nauwkeurige replica weer op in Tate Britain, doopte het State Britain en won er de prestigieuze Turner Prize mee. De jury roemde de ‘fundamentele menselijke waarheden’ die zijn werk, en dus in feite het protest van Haw, verspreidde. Wallinger noemde hem in zijn dankwoord ‘the last dissenting voice in Britain’.

Uiteindelijk eindigde het protest toen Haw stierf in 2011, aan longkanker. Voormalig Labour-politicus Tony Benn roemde hem als ‘een man van principes’, een IM van Al Jazeera verleende Haw de status van ‘miskende held’. Op de website die Haw nalaat prijkt nu een citaat dat wordt toegeschreven aan George Orwell. ‘In a time of universal deceit, the people telling the truth is an evolutionary act.’

Bin Talal en Haw delen een vijand, maar Bin Talal is niet aan het protesteren. En hij wil zeker geen overlast veroorzaken: boodschappentassen moeten strak tegen de muur of op de richel worden gezet, zijn visite mag niet schreeuwen, peuken moeten in een koffiebeker worden verzameld. Toen hem ongevraagd een leren bankstel gebracht werd, en de gemeente die nog dezelfde dag kwam ophalen, hielp hij zelf met het ding in de vuilniswagen te gooien.

Hij zit hier niet uit protest, maar om ‘zijn mensen’ te tonen hoe sterk hij is. Daarmee wil hij de Saoedische bevolking mobiliseren om in opstand te komen tegen het regime en als dat gebeurt, keert hij terug als hun aanvoerder. Tot die tijd blijft hij hier. De essentie van zijn strijd schrijft hij in kapitale letters voor me op: ‘Shame’. Ze hebben hem alles afgenomen, maakten zijn leven tot schande. Nu maakt hij het systeem tot schande, door hier te staan. Voor het oog van een camera, die recht tegenover hem hangt aan een lantaarnpaal, voor het oog van de mensen. Hij is ervan overtuigd dat zijn boodschap wordt gehoord in zijn vaderland.

Dag 175. ’s Nachts zie ik Bin Talal met een dekbed om zijn hoofd gewikkeld onder een paraplu in de hagel zitten, vechtend tegen de storm. De tuinstoel is hem afgenomen, hij zit op een laag, gescheurd stoeltje. Overdag staan de mensen in groepjes om hem heen. Waarom toch zo koppig? Kan hij niet op z’n minst de nacht doorbrengen in een opvanghuis? Hulporganisaties en de gemeente doen er alles aan om Bin Talal van de straat te krijgen. Maar hij weigert. Je weet nu eenmaal niet of wat goed voor je is op de korte termijn ook op de lange termijn gunstig zal uitpakken. Het is de oude kwestie van de wortel of de stok – met beide zullen ze je slaan.

Iemand maakte een bordje voor aan zijn stoel: ‘Property of the people of Leiden’. Bin Talal is er gelukkig mee: als hij eigendom is van de bewoners van Leiden, dan betekent dat ook dat hij een leider is geworden. De leider is de dienaar van de mensen, omdat de mensen hem dienden tijdens zijn weg naar de top.

‘Wat is uw perspectief op de toekomst?’ vraagt een jonge man terwijl hij een pak Healthy People met açaibessen naast hem op de richel zet. ‘Ofwel twee meter onder de grond, ofwel hoog aan de top in Saoedi-Arabië’, antwoordt Bin Talal met een glimlach. Hoofdschuddend druipt de man af. ‘Succes’, zegt hij nog. Bin Talal ziet dat zijn missie moeilijk te begrijpen is, dat zijn strijd balanceert op het randje van waanzin. Oorlog is een noodzakelijk kwaad. Er is niets menselijks aan.

Inmiddels staat er weer een betere stoel.