Hoofdcommentaar

De Mars op Venlo

Het had weinig gescheeld of deze plek was leeg gebleven. Het is een hele opgave om na het produceren van een artikel over virusziekten – dat wil zeggen: een eenvoudige, liefst elegante weergave van zeer complexe materie – nog een commentaar te schrijven over een heel ander onderwerp. Maar de collega’s zaten allemaal stuk, de hoofdredacteur hing kreunend in de touwen, dus wat doe je? Je neemt nog een slok lauwe thee, je spuugt in je handen en maakt er het beste van.
Terwijl je jezelf afbeult met je tong op het toetsenbord en één oog gericht op je magere pensioenplan rijst vanzelf de vraag of je dat tot je 67ste gaat trekken. Zeker, het beroep van journalist is zo zwaar als je het zelf maakt. Het zegt al genoeg dat veel journalisten de leeftijd van 67 niet eens halen. Zeker niet indien ze op de top van hun kunnen worden ‘gedemoveerd’ om plaats te maken voor frisse jonge mensen met gescheurde broeken en plugjes in al hun lichaamsopeningen die met een flitscontract en een kwart salaris genoegen nemen. Kortom, op zo’n moment is het heel motiverend als de minister van Financiën met je meedenkt.
En precies dat deed Wouter Bos zaterdag na afloop van een dag keihard werken met honderden partijleden. Om te laten zien hoe de partij de crisis aanpakt, togen PVDA-bestuurders reeds om half elf ’s ochtends naar de Grote Markt in Venray. Nadat de eerste afvallers begraven en de zwaargewonden verzorgd waren, aanvaardde het kader rond de middag een tocht naar het naburige Venlo. Daar sprak een gelouterde Wouter Bos de overlevenden toe in eenvoudige, menselijke termen die we van onze politici niet meer gewend zijn. De minister wees erop dat de problemen van mensen met zware beroepen heel simpel kunnen worden opgelost door hun zware werk af te schaffen. Als ze niet langer ‘kapot’ gaan, zullen ze een verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd makkelijker kunnen accepteren.
De Mars op Venlo zal ongetwijfeld de geschiedenis ingaan als een keerpunt voor de sociaal-democratie. Wie eens goed over het voorstel van Bos nadenkt, ziet vanzelf de contouren van een nieuw, vitaal politiek programma verrijzen. Zo kunnen we de hoge ziektekosten en de allengs onbetaalbare eigen bijdrage voor medicijnen in dit land voortaan voorkomen door pijn, gebreken en chronische ziekten af te schaffen. Als we de misdaad afschaffen, kunnen onze agenten zich voorgoed opsluiten met hun typemachines en styropor koffiebekertjes.
En wat te denken van de dood, die ongezonde fixatie met onze hartslag waaronder we al zo lang gebukt gaan? Als Bos die afschaft, kan hij zelf nog duizenden jaren minister blijven. Het zal een flinke klus worden. Maar willen is kunnen, Wouter.