De martelgang van pierre laval

Op maandag 15 oktober 1945 even over achten naderen de drie magistraten die Pierre Laval ter dood veroordeelden - Mornet, Mongibeau en Bouchardon - de dodencel van Laval in Fresnes. Achter hen lopen Lavals drie advocaten, Naud, Baraduc en Jaffré. Zelfs in dit afgelegen gedeelte van het enorme gevangeniscomplex van Fresnes, waar nog vele honderden collabo’s op hun vonnis wachten, is het geroffel van de lepels op verwarming en muren te horen: ,Assassins, assassins, courage, Pierrot.

Men opent Lavals cel. Advocaat Naud buigt zich over Laval, die doodstil met zijn gezicht tegen de muur ligt en fluistert hem toe: ‘Monsieur le président, voor uzelf, voor uw advocaten, voor de geschiedenis, wees moedig.’
Laval draait zich met een ruk om. Zijn gezicht is asgrauw en vertrokken van pijn, zijn lichaam maakt stuiptrekkingen, hij laat de verbijsterde Naud zien hoe hij de laatste resten wegslikt van het vergif dat hij tot zich heeft genomen. 'Ik heb ’, luidt het in de voor de advocaten achtergelaten brief, 'besloten tot deze Romeinse dood omdat ik niet wil sterven onder het vonnis van rechters die de waardigheid van het recht en de naam van Frankrijk zozeer hebben geschandvlekt. ’
Er ontstaat een enorme consternatie. Niemand geeft nog een cent voor Lavals leven als eindeljk de gevangenisarts met enkele nonnen verschijnt. Hij constateert dat Laval cyanide heeft geslikt. De maag moet onmiddellijk worden leeggepompt. De rochelende Laval wordt niet zachtzinnig onder handen genomen. Het gif dat hij van Céline in Sigmaringen (waar de Franse collabo’s van augustus 1944 tot april 1945 zaten gemterneerd) heeft gekregen en steeds heeft weten te verbergen, wordt door het zeventien maal doorspoelen van de maag op het nippertje verslagen.
Na enkele uren begint de gekwelde 62-jarige Laval weer bij te komen. Hij heeft dorst maar moet het water meteen weer uitspuwen, zijn lichaam verdraagt niets meer. Een non zegt: 'Als Onze Lieve Heer u nu zag, zou hij niet trots op u zijn.’
Zulks doet Laval de rug rechten. De magistraten wuiven de bezwaren van de arts, die Laval niet voldoende hersteld acht, weg. 'Wordt u al ongeduldig in verband met lunchtijd?’ merkt Laval op. Steunend op zijn advocaten, soms bijna vallend, begeeft hij zich naar de executieplaats in de warme oktoberzon. Hij heeft zich nog zelf aangekleed en de haren gekamd, en heeft de tricolore over de borst getrokken. Tot de magistraten roept hij: 'Gij hebt u schuldig gemaakt aan een der grootste misdaden in onze geschiedenis. Ik sterf omdat ik te veel van mijn land hield.’ Dan, tot de soldaten: 'Jullie neem ik het niet kwalijk.’ En, wijzend op zijn borst: 'Richt op mijn hart.’ Er wordt gevuurd. Laval maakt stuiptrekkingen. De pelotons- commandant loopt op hem toe en vuurt zijn revolver af in het gezicht van Laval, dat totaal wordt verpulverd. Het is half één, de magistraten kunnen gaan lunchen. Frankrijk, dat volgens de pers unaniem naar Lavals dood hongerde, kan weer wat rustiger gaan slapen.
Laval heeft moeten boeten voor de kort vóór zijn dood aan Pétain - die eveneens ter dood was veroordeeld - verleende gratie tot levenslang. De pilaarheilige van Verdun, die de Franse collaboratie het meest monumentaal representeerde, mòcht eenvoudig niet gedood worden. De Fransen wisten tenslotte te goed dat er in 1940, toen Pétains Vichy-regime begon, minstens veertig miljoen pétainisten in Frankrijk waren. Maar Laval was een duidelijke, fatale demon. Hij had in juli 1942 recht en rond uitgesproken dat hij de Duitse overwinning wenste, wat Pétain nooit had gedaan. Laval was toch maar degene geweest die in juli 1940 de Derde Republiek afbrak en Pétain diens verlichte dictatuur (onder leiding van Laval) schonk. Alles kwam in 1945 terecht op het hoofd van Laval, hoewel diens besluit in juli 1940 in de Assemblée met een overweldigende meerderheid was aangenomen. Laval was de man achter de SOL en de Milice, die ten dienste van Vichy onder de résistance en de joden hadden huisgehouden. Laval stuwde de duizenden jonge mannen naar de LVF die eindigde als verachtelijke Franse SS, die tot het laatst de Rijksdag voor Hitler bleef verdedigen. Laval leverde aan de nazi’s tenslotte de drie miljoen Fransen die in de Arbeidseinsatz terechtkwamen. Sauckel kon het Hitler handenwrijvend melden: Frankrijk leverde van alle naties in Europa in arbeid en produktie het meest aan de As: 687 miljard.
En heeft Laval soms een hand uitgestoken tegen de joden- vervolgingen? Hij heeft zelfs de smeekbeden van de Franse geestelijkheid om ten minste de joodse kinderen te sparen - waar zelfs Eichmann aanvankelijk mee akkoord leek te gaan - naast zich neergelegd. Frankrijk was zelfs het enige land in Europa waar speciale kampen werden ingericht voor joose kinderen die van hun ouders waren gescheiden om gemakkelijker te kunnen worden getransporteerd. De laatste deportatietrein uit het Franse Westerbork, Drancy, vertrok op 31 juli 1944, nauwelijk drie weken vóór de Franse collabo ’s hals over vernederende ballingschap in Sigmaringen vluchtten.
En tòch heeft Laval ook zijn goede kanten gehad. De hereboer uit Châteldon in Puy- de-Dome - hij was zo ongeveer zijn leven lang burgemeester van deze gemeente - heeft wel degelijk geprobeerd de inzet voor en de transporten naar Duitsland zoveel mogelijk te traineren. Door Lavals persoonlijke interventie zijn vele honderden joden gered. Hij heeft de Fransen, inclusief de Milice, na de invasie opgeroepen geen schot te lossen tegen de geallieerden. Hij hield daardoor met grote moed de feitelijke fictie overeind dat Frankrijk niet Duitslands bondgenoot was.
Laval, ooit begonnen als socialist en tijdens de Eerste Wereldoorlog zelfs pacifist, was sluw. Een sluwe boer vermomd als politiek dier. Tot 1935 toe heeft hij bijna tien jaar lang als onafhankelijke, gematigde radicaal, meestal centrum-links, dominant op het politieke podium gestaan. Zes maal was hij minister, eenmaal premier. Met Stresemann en Briand hoopte hij de oorlog voorgoed uit te bannen. Hij streefde naar pacten die oorlogen moesten voorkomen. Hij heeft tot het laast geprobeerd de Kleine Entente van Roemenië, Tsjechoslowakije en Zuid-Slavië voor Frankrijk als pistolen op de weke onderbuik van een zich herstellend Duitsland te houden. Hij wilde, nadat Hitler aan de macht was gekomen, Duitsland met een cordon sanitaire omsingelen. Daartoe sloot hij een sensationeel verdrag met Mussolini’s Italië en een niet minder verbluffend verdrag met Stalin.
De kettingroker met de zwarte tanden leek in zijn eeuwige dandy-uitrusting een bon-vivant maar hij was in werkelijkheid een ijzersterke werker die inderdaad niet zonder zijn sigaretten en sigaren kon, maar ook niet zonder papieren en boeken. Laval, die als politiek standpunt had een samengaan van natie en socialisme, tricolore met rood, spuwde zijn gal over het door de knieën gaan voor Hitler in 1938. Toen Frankrijk kapot leek te bloeden, koos hij in juli 1940 met grote slagvaardigheid vóór de collaboratie die een deel van Frankrijks onafhankelijke identiteit in Vichy overeind hield.
De rechters waren bang voor die slagvaardigheid in het proces van oktober 1945, dat in feite slechts twee zittingen duurde omdat Laval zich toen terugtrok. Hij had de kachel aangemaakt met de tegen hem opgestelde akte van beschuldiging, die niet alleen ongehoorde fouten bevatte maar geen enkele ruimte liet voor uitvoerige verweerstukken voor de advocaten en Laval zelf. De rechters vonden de vijfjaar tussen 1940 en 1945 al bewijs genoeg en lieten onverholen blijken dat het om een snel af te werken formaliteit ging. Laval moest hangen…