De moord op de mensenrechten

EEN PAAR WEKEN geleden werd de beruchte terrorist Semdin Sakik door Turkse militairen gevangen genomen. Het eerste verhoor van de PPK'er deed veel stof opwaaien en werd, tegen alle regels in, de volgende dag op de voorpagina’s van de regeringsgezinde kranten gepubliceerd. ‘De voorzitter van de Mensenrechtenorganisatie, Akin Birdal, is in het geheim werkzaam als PKK-militant’, zo luidde een van Sakiks beweringen. Een paar weken later lag die voorzitter van de Mensenrechtenorganisatie met zes kogels in zijn lichaam op de intensivecare-afdeling van een ziekenhuis in Ankara.

Vóór de militaire staatsgreep in 1980 werkte Akin Birdal als docent op de Hogere Landbouwschool. Na de coup werd hij tot een jaar gevangenis veroordeeld. Toen hij vrijkwam, opende hij een kleine winkel. Tot het einde van de militaire dictatuur runde hij die winkel. In 1986 werkte hij mee aan de oprichting van de Mensenrechtenorganisatie en sinds 1992 was hij voorzitter van de vereniging. Een van zijn - omstreden - daden was zijn bemiddelingsreis naar een PKK-kamp. In gezelschap van de ouders van gevangengenomen militairen bemiddelde hij voor de vrijlating van de soldaten. Zijn reis was geslaagd, de soldaten mochten mee met hun moeders, maar hij had onder de PKK-vlaggen met PKK'ers gepraat. Een daad waardoor sommigen hem nog meer haatten dan ze al deden.
Na het verhoor van Semdin Sakik was het afwachten tot er iets zou gebeuren. Volgens de kranten had Sakik over Birdal gezegd: ‘Ik ben heel vaak getuige geweest van telefoongesprekken tussen PKK-voorman Abdullah Ocalan en Akin Birdal. Ook gaf Ocalan hem instructies via koeriers. De voorzitter van de PKK had een grenzeloos vertrouwen in de Mensenrechtenorganisatie. “Als wij in Europa een goede positie hebben, is dat dankzij Akin Birdal”, zei hij. Ook zei hij dat Birdal nooit geld vroeg voor zijn PKK-werkzaamheden, zoals sommige Turkse journalisten doen, maar dat hij vrijwillig meewerkte.’ Als dit soort dingen in koeieletters in de grootste kranten van Turkije staat, is degene over wie het gaat een mikpunt. Dat was Akin Birdal dus ook. De kogels troffen hem ’s(middags op 12 mei, op het bureau van zijn eigen vereniging.
Twee jonge mannen hadden aangebeld en zeiden tegen de man die thee rondbracht in het gebouw dat ze een gesprek wilden met Akin Birdal. Het ging om een kennis die in hechtenis was genomen. Birdal ontving ze. Ze praatten wat en Birdal vroeg zijn secretaresse om de telefoonnummers van het bureau in Ankara. Toen de theeman en de secrateresse binnensnelden, zagen ze de voorzitter op de grond liggen in een zee van bloed. De mannen hadden dertien kogels afgevuurd; zes waren er raak. Birdal kreunde tegen de secretaresse dat ze de politie en de ambulance moest bellen. 'Ik ga dood, ik ga dood.’
De volgende dag verklaarden de artsen dat Birdal buiten levensgevaar was. Die dag kopten de kranten die eerder het verhoor van Sakik hadden gepubliceerd: 'Kogels om de rust te verstoren’.
WIE ZIJN DE DADERS? Turken vragen zich af wie er het meeste belang heeft bij een aanslag op Birdal. Het zouden de Grijze Wolven geweest kunnen zijn, die, opgehitst door de kranten, de dood van 'verrader’ Birdal wilden. Het kan het werk zijn geweest van een linkse organisatie, die vond dat Birdal niet genoeg deed voor haar militanten. Terwijl zulke scenario’s de ronde doen, worden alle staatsvertegenwoordigers die Birdal in het ziekenhuis komen bezoeken, door de massa voor het ziekenhuis uitgejouwd met de leus: 'Moordzuchtige staat!’ Een andere scenario gaat ervanuit dat het leger weer wil ingrijpen en daarmee een basis wil leggen voor een coup.
De grootste angst is dat het land door dit soort provocaties in een atmosfeer terechtkomt van voortdurende gevechten tussen rechts en links. De Turken kennen dat nog uit de jaren zestig en zeventig, toen duizenden mensen het slachtoffer werden van aanslagen. Beide decennia werden afgesloten met staatsgrepen.
EEN PAAR DAGEN na de aanslag zitten Ufuk Uras, voorzitter van de linkse ODP, en Muhsin Yazicioglu, voorzitter van de rechtse BBP, samen in een televisieprogramma. Ze zijn vertegenwoordigers van de generatie die in de jaren zeventig in rechts en links was verdeeld en elkaar meedogenloos afmaakte. Nu zijn ze ouder en wijzer. Ze weten beiden dat ze een pion waren in een spelletje om de militairen aan de macht te krijgen. Ze werden gebruikt om het volk in de noodzaak van een staatsgreep te laten geloven.
Yazicioglu: 'Het gaat niet alleen om het leger. We zien dat ook andere kringen belang hebben bij een staatsgreep. Bij de vorige coups hadden een vijftiental multinationals toegang tot staatsinformatie. Alleen zij konden grote staatsleningen krijgen. Deze multinationals hadden totaal geen last van concurrentie. Wellicht verlangen ze weer naar zo'n periode. Ik zeg tegen rechtse jongeren dat ze zich niet moeten laten gebruiken. Onze generatie dacht dat zij heldendaden verrichtte voor de Turkse staat. Maar toen de staatsgreep werd gepleegd, verdween iedereen in de gevangenis.’ Ufuk Uras is het met hem eens. De aartsvijanden van vroeger zijn het op alle fronten met elkaar eens. Ze willen beiden meer democratie en vrijheid.
EEN PAAR DAGEN later wordt Turkije opgeschrikt door het nieuws van de dood van Muhittin Okuyan, de neef van de huidige vice-voorzitter van de Moederlandpartij Yasar Okuyan. Deze Yasar Okuyan staat ook bekend als ex-Grijze Wolf. De neef wordt dood in zijn auto gevonden, met een briefje erbij: 'De wraak op de aanslag op Birdal’. De kranten die een voorkeur hebben voor koeieletters koppen: 'Keren wij terug naar de donkere dagen?’ Maar het blijkt nog niet zo ver. De kogel kwam uit Okuyans eigen pistool en de brief is door hemzelf geschreven. De man heeft zelfmoord gepleegd, waarschijnlijk om zijn gokverslaafde zoon met zijn levensverzekering uit de schulden te helpen.
De vooraanstaande columnist Cengiz Candar schrijft die week over de gebeurtenissen: 'Mijn generatie heeft de staatsgreep van 1961 meegemaakt en die van 1980. Nu worden we oudjes, maar we beleven nog altijd hetzelfde avontuur. De jongeren van nu hoeven de geschiedenis niet uit de boeken te lezen. De geschiedenis herhaalt zich weer en zij zijn er onderdeel van geworden. Een jonge man zei vandaag tegen mij dat als hij een Engelsman, een Amerikaan of een Fransman was geweest, hij het niet zou hebben over wie het volgende slachtoffer zal worden van een aanslag. De oceaan van terrorisme is het avontuur van alle generaties geworden in Turkije. Wat kan mij meer verdriet doen dan dit? De intellectuelen, hun handen zijn vastgeketend, hun monden zijn gesnoerd en hun ogen zijn bedekt. Hoe moet dit land vooruitkomen?’
Cengiz Candar is een van de journalisten over wie Sakik het had tijdens zijn verhoor. Sakik had beweerd dat hij, evenals zijn collega Birand, voor de PKK werkte. Birand is ontslagen als columnist en Birdal ligt met zes kogelwonden in het ziekenhuis. Candar schreef in zijn column dat hij die dag helemaal geen zin had om te schrijven.