De moordschrijver

Op 29 juni hing de Oostenrijkse ‘gevangenisdichter’ Jack Unterweger zich op in zijn cel. De lieveling van de Oostenrijkse intellectuelen was een paar uur eerder wegens moord op negen prostituees veroordeeld. Hij was ‘een paradevoorbeeld van een geslaagde resocialisatie’.

GRAZ - ‘Unschuldig!’ Het eerste woord zegt alles al. Het laatste boek van Jack Unterweger, 99 Stunden was een wanhoopspoging zich vrij te pleiten. De schrijver stond terecht voor elf moorden op prostituees in de Oostenrijkse provinciestad Graz. Zijn herhaalde zelfmoordpogingen in voorarrest waren het gevolg van de onophoudelijke laster en intriges van zijn vijanden, zo luidt zijn verklaring in 99 Stunden: 'Nadat de politie in Wenen, Graz, Vorarlberg, en uberhaupt in het Duitse taalgebied al jaren zonder succes een krankzinnige hoerenmoordenaar achternaliep, vonden ze na een vertrouwelijke tip van een gepensioneerde politieman en een journalist uit Graz mij als man met een optimaal verleden.’
De 43-jarige 'Gevangenisdichter’ had al de helft van zijn leven achter tralies doorgebracht. In 1975 was hij tot levenslang veroordeeld wegens moord op de Duitse Margret Schafer. In de beruchte strafgevangenis Stein ontwikkelde hij zich echter van ongeschoold crimineel tot auteur van autobiografische romans en dichtbundels, uitgever van een eigen gevangenistijdschrift en radiopresentator. Na een langdurige campagne van intellectueel Oostenrijk werd hij in 1990 voorwaardelijk vrijgelaten. Hij vervolgde het ingeslagen pad: produceerde en regisseerde theaterstukken, schreef draaiboeken, gaf lezingen en nam een plaat op met de welluidende titel: 'Wer ist wirklich frei?’ Hij ging voor de televisie werken, met als specialisatie prostitutie - en in die hoedanigheid verdiepte hij zich in enkele moorden waarvoor hij later zelf terecht zou moeten staan.
Het geval-Unterweger kent een precedent in de geschiedenis van de tot levenslang veroordeelde Amerikaanse moordenaar Jack Henry Abbott, die in 1982 zijn levensverhaal In the Belly of the Beast publiceerde. Abbott werd eveneens vroegtijdig vrijgelaten door toedoen van een pressiegroep van intellectuelen - en ook hij beging daarna weer een moord.
DE LAATSTE DAGEN van het proces tegen Unterweger. De verdachte schrijver kan geen enkel alibi leveren, maar ooggetuigen zijn er evenmin. Vandaar dat alle geledingen van de de criminalistiek er aan te pas zijn gekomen om steekhoudende aanwijzingen aan te voeren. Een Amerikaanse 'knopenexpert’ heeft aangetoond dat alle slachtoffers op dezelfde manier met hun eigen lingerie zijn gewurgd, een andere Amerikaanse deskundige heeft aannemelijk gemaakt dat er een seriemoordenaar aan het werk moet zijn geweest. De in Zwitserland wonende DNA-specialist Dr. Dirnhofer heeft de meest vernietigende bevindingen gedaan: een enkele haar, gevonden in de BMW van de verdachte, is 'met zeer grote waarschijnlijkheid’ van een van de slachtoffers, Blanka Bockova uit Praag. Slechts een op de 2,1 miljoen vrouwen heeft zulke DNA-kenmerken. Dirnhofer: 'Dat wil zeggen: in heel Oostenrijk vindt u maar twee vrouwen met dit type haar.’
Bernd Melichar, journalist van de Kleine Zeitung (oplage 700.000) is een Unterweger-deskundige. Hij interviewde de schrijver vlak voor diens arrestatie in mei 1992 en volgde het proces. Melichar vertelt hoe Unterweger in de gevangenis zijn middelbare-schooldiploma haalde, leerde typen en een cursus 'Die Technik der Erzahlkunst’ volgde. Na de verschijning van zijn roman Fegefeuer oder die Reise ins Zuchthaus in 1983 kreeg hij intensief contact met schrijvers en literaire verenigingen, die zich voor hem gingen inzetten, evenals verschillende politici. Bovendien was hij de lievelingsgevangene van directeur Karl Schreiner. Men bombardeerde het ministerie van Justitie en de president met petities: laat dit schrijftalent vrij.
Melichar: 'Unterweger zou het paradevoorbeeld van een geslaagde resocialisatie zijn. Volgens hen had Unterweger weliswaar een moord begaan, maar uit paniek. Uiteindelijk is hij op het vroegst mogelijke moment vrijgelaten.’ Melichar kent ook de gewraakte 'gepensioneerde politieman’ waar Unterweger het in 99 Stunden over heeft. Het gaat om rechercheur August Schenner uit Salzburg, die zich in 1974 bezighield met de moordzaak-Mariza Horvath. Zijn spoor leidde naar Unterweger, maar deze ontkende. De zaak bleef onopgelost, tot de inmiddels gepensioneerde Schenner in 1990 las dat enkele Weense prostituees op identieke wijze waren vermoord. Hij bracht het onderzoeksteam in de hoofdstad van zijn verdenking op de hoogte en daarop volgde een dwaze vlucht van Unterweger met zijn achttienjarige vriendin Bianca naar Florida, waar hij alsnog werd gearresteerd.
Het is waar dat er al eerder prostituees waren vermoord, zoals Unterweger in 99 Stunden beweert, zegt Melichar, 'maar nooit met dit specifieke handschrift’. De definitieve aanleiding tot zijn arrestatie was de aangifte van een prostituee uit Graz. Melichar: 'Unterweger had haar naar een bos gereden, waar hij haar handboeien aandeed en erg grof tegen haar werd. Toen ging de politie een lichtje op - dit leek wel heel erg op de andere moorden.’
Jack Unterweger was waarschijnlijk een seriemoordenaar, maar literaire kwaliteiten had hij zeker. Zijn bekendste en volgens velen beste boek, Fegefeuer oder die Reise ins Zuchthaus uit 1983, vertelt zijn deprimerende levensverhaal tot zijn eenentwintigste jaar. Unterweger is het buitenechtelijke kind van een Oostenrijkse moeder en een Amerikaanse militair, van wie hij nooit iets heeft vernomen. Zijn moeder kan hem niet onderhouden en brengt hem onder bij een pleeggezin.
Vanaf zijn vijfde jaar woont hij bij zijn opa, die zijn dagen doorbrengt in de kroeg, af en toe een uitstapje naar de stad makend om een nieuwe 'tante’ te halen. Jack slaapt bij opa in bed en is zijn 'bedrogshandlanger’ bij het kaartspel. Zijn grootste vermaak is het van onderen bestuderen van zijn nieuwe tantes. “'Uit zo'n gat kom jij nou”, had opa me eens verklaard, hij was bezopen en naast hem lag een naakte tante, met dikke benen, net zo zat als hij. Begerig, met speeksel uit zijn afhangende, in de oorlog verminkte rechtermondhoek druipend, roerde hij in haar spleet, stak zijn machtige lid erin, maar ook andere voorwerpen, vooral het handvat van zijn zweep kreeg bij hem de voorkeur, en dan moest ze haar schaamlippen uit elkaar trekken om voor zijn tong plaats te maken. Tussen het gekreun en gesteun door verklaarde hij mij mijn ontstaan.’
De jonge Jack neemt zich voor 'zich te wreken en met de tantes net zo te doen als mijn opa’: 'Ik was geen jongen meer, ik was een beest, een duivel, een vroeggrijs kind dat het beviel slecht te zijn.’ Niettemin blijft hij gedurende zijn tocht langs pleeggezinnen, internaten en jeugdgevangenissen een door het lot misdeelde die het toch goed met de wereld voorheeft. Altijd krijgt hij de schuld van andermans diefstallen, wordt hij ontslagen als ze achter zijn verleden komen, en is hij genoodzaakt zich door middel van diefstal of souteneurschap van inkomsten te voorzien. Het enige lichtpuntje vormen sentimentele liefdesgeschiedenissen, al laat iedere vrouw hem uiteindelijk weer in de steek.
DR. ALFRED KOLLERITSCH, hoofdredacteur van het gerenommeerde literaire tijdschrift Manuskripte, verzorgde in 1981 een voorpublikatie van Fegefeuer. 'Zulke levensverhalen van outcasts waren toen erg populair’, herinnert de literator zich. Unterweger vond vervolgens een uitgever. Kolleritsch prijst zijn beschrijvingskunst, intensiteit en authenticiteit, maar uiteindelijk daalde de kwaliteit van zijn werk gestaag, vindt hij: 'Als dit soort documentaire schrijvers verder gaan dan hun jeugd, wordt het meestal niks meer. Hij ging zich bezighouden met thema’s als aids, de atoombom, het milieu.’
Kolleritsch had na Unterwegers laatste arrestatie geen contact meer met hem. 'Ik was met hem begaan toen hij in Stein zat. Ik begreep niet hoe deze brave, mij niet onsympathieke jongeman een moord kon hebben begaan.’ Kolleritsch zegt eenmaal een petitie voor de vrijlating van Unterweger te hebben ondertekend, maar het beviel hem niet dat 'bepaalde linkse jeugdgroeperingen’ hem onmiddellijk vrij wilden krijgen. 'Daarmee heb ik me niet meer geengageerd. Het begon me pas echt tegen te staan toen ik eens op zo'n modelschool vroeg wat voor literatuur ze dat jaar hadden behandeld. Uitsluitend Fegefeuer hadden ze gelezen. “Dat is een voorbeeld hoe in onze slechte maatschappij een mens naar de haaien gaat”, zeiden ze.’
Na Unterwegers vrijlating hebben ze elkaar nog twee maal ontmoet. 'De bescheiden Unterweger die ik uit de gevangenis kende, was een totaal ander mens geworden. Hij was altijd in vrouwelijk gezelschap en sprak voortdurend over zichzelf als slachtoffer van de justitie. Hij zou wel eens laten zien wat er met een mens in de gevangenis gebeurt. Hij zou de vinger op de rotte plek leggen. Hij zou naar Amerika gaan om een succesfilm te maken. Ze zouden daar nog wel eens opkijken.’ Unterweger was meteen weer ondergedoken in het souteneursmilieu, vertelt Kolleritsch. Hij gedroeg zich poenerig en reed rond in auto’s met kentekens 'Jack 1’ en 'Jack 2’. Overigens zonder geldig rijbewijs.
Vrijdag 17 juni. Dirnhofer laat de foto’s van de elf slachtoffers en Margret Schafer opstellen. Ze zijn allemaal gevonden in een bos of op een parkeerterrein. Er blijken vele overeenkomsten te zijn tussen de dood van Schafer en die van de anderen. Weliswaar heeft Unterweger altijd beweerd dat hij dit meisje, dat geen prostituee was, eerst de schedel heeft ingeslagen en pas toen ze al dood was, heeft gewurgd met haar eigen bh, 'om het op een seksueel delict te laten lijken’, maar dat blijkt niet meer houdbaar. Men acht het 'zeer waarschijnlijk’ dat steeds dezelfde dader heeft toegeslagen bij de twaalf vrouwen.
Maandag 20 juni. Jack ziet er vandaag een stuk beter uit. Zijn dunne haar is gewassen, zijn grijze maatkostuum gestoomd. Psychiater Reinhard Haller meent dat de schrijver niet ontoerekeningsvatbaar kan worden genoemd. Hij signaleert in Unterwegers zeventien veroordelingen van voor 1974 een toename van misdrijven met een sadistisch karakter, uitmondend in de moord op Schafer. Bij een eerdere keuring in 1975 werd hij 'labiel, onbeheerst, ongeremd agressief, asociaal, sociopatisch, onaangepast’ genoemd. Hij 'had problemen in het seksueel contact’ en een grote dosis 'Weiberhass’. Wel was Unterweger in de gevangenis veranderd: hij werd gedisciplineerder, ontwikkelde zich intellectueel, dronk niet meer. Haller heeft Unterweger leren kennen als een zelfbewust, enthousiast, fijngevoelig en spontaan mens. Maar aan de andere kant ook agressief, egocentrisch, narcistisch en sadistisch. De vrouw is voor hem madonna en hoer tegelijk: 'Hij kan ze zeer bewonderen, maar ook verachten en mishandelen.’ Haller concludeert dat Unterweger 'een narcistische persoonlijkheidsstoring’ vertoont. 'Door de hulpeloze woede en onmacht die de narcist in zijn jeugd ervaart, zweert hij: “Later zal ik macht hebben.” Als hij macht heeft, is hij niet meer kwetsbaar. Wanneer het gevoel van onmacht erg groot is, kan daaruit sadisme voortkomen, zonder dat er enig schuldgevoel optreedt.’
DONDERDAG 23 JUNI. Het dossier van de schrijver telt inmiddels 17.000 bladzijden. De verklaring van zijn moeder, de laatste en honderdzestigste getuige, werd gisteren voorgelezen omdat ze niet uit Munchen naar Graz wilde komen. Ook zij kon hem geen alibi verschaffen. Uit een kartonnen doos komen voorwerpen die zijn aangetroffen bij de huiszoeking. 'Celine’, zegt rechter Haas triomfantelijk, een boek ophoudend. Sieraden, een pistool, handboeien. Een rijbewijs (Haas: 'Waar kan ik zoiets kopen?’). Panties.
Haas leest Unterwegers eerdere veroordelingen op. Inbraken, diefstallen, verkrachting onder bedreiging met een ploertendoder, gedwongen ontucht ('anders zou hij haar kind vermoorden en haar gezicht met een scheermes aan stukken snijden’), 'een stalen knuppel in de vagina ingebracht’, vrouw in buik geschopt, neus gebroken, tanden eruit geslagen. Brute roofoverval, ontvoering van Margret Schafer, zevenendertig maal op het hoofd geslagen en gewurgd.
Op dinsdag 28 juni komt de jury bijeen en spreekt na een negen uur durend beraad het voor Unterweger vernietigende vonnis uit. Diezelfde nacht nog maakt de gekwelde schrijver een eind aan zijn leven. Hij hangt zich in zijn cel op aan zijn joggingbroek.