De naoorlogse wereldorde staat op instorten

Na de verkiezing van Donald Trump tot president van de Verenigde Staten waren er afgelopen week lichtpuntjes te zien. Trump liet zich hoffelijk uit over zijn opponent en verklaarde ‘een president voor alle Amerikanen’ te willen zijn.

Medium trumpcommentaar

Hij blijkt het vervolgen van Hillary Clinton niet tot zijn prioriteiten te rekenen, wil serieus investeren in Amerika’s afbrokkelende infrastructuur, hij laat wellicht Obamacare deels in stand en wil maar vier keer zo weinig immigranten deporteren (deze laatste twee zaken komen overigens wel neer op flagrant kiezersbedrog). Het lijkt plausibel dat Trump alleen maar radicaal deed om de verkiezingen te winnen, en wellicht gematigder zal zijn als president.

Konden we dat maar geloven! De commentaren van afgelopen week van het type ‘de soep zal wel niet zo heet gegeten worden’ doen vooral denken aan iemand die razendsnel de stadia van rouwverwerking doorloopt: via ontkenning, boosheid en depressie naar aanvaarding. In werkelijkheid zijn de voortekenen er helemaal niet naar dat de komende Amerikaanse regering de radicaliteit van Trump van zich af zal schudden, alleen al omdat zijn partij zich op een extremistische koers bevindt. Het blijft een feit dat de komende vier jaar op de belangrijkste post van de wereld een man zetelt met de vulgariteit en beperkte zelfbeheersing en andere discutabele eigenschappen van het kaliber Donald Trump: een dystopie die nog maar kort geleden onvoorstelbaar was.

Er tekenen zich twee terreinen af waar Trumps presidentschap grote schade zal aanbrengen. Ten eerste is dat de Amerikaanse samenleving en politiek. Wie beweert dat de uitsluiting die allerlei Amerikanen die behoren tot minderheden straks zullen ervaren dezelfde is als de witte arbeidersklasse ervoer onder Obama slaat de plank ongelooflijk mis. Hoewel rechtse media als Fox News Obama als een linkse extremist neerzetten, was hij juist een middenfiguur die zich open en inclusief op alle Amerikanen richtte. Dat veel kiezers zich niet door hem vertegenwoordigd voelen, is onontkoombaar in een democratie; het is iets totaal anders dan een president die zijn minachting voor allerlei groepen Amerikanen heeft duidelijk gemaakt. Ook als Trump milder zal zijn als president is er veel angst gezaaid in een historisch gewelddadige maatschappij; de regen van nazistische graffiti maakt in ieder geval duidelijk hoe vele van zijn aanhangers zijn zege interpreteren.

Politiek lijkt Trump een arbeidsverdeling te willen waarbij de Republikeinen in het Congres hun traditionele ideologische stokpaardjes door beide Huizen voeren, terwijl hijzelf scalpen najaagt die soms ‘gratis’ zijn, zoals het opzeggen van het klimaatverdrag, maar meestal peperduur, zoals die grensmuur en een biljoen dollar aan wegen. Dit alles gekoppeld aan ‘spectaculaire’ belastingverlagingen. Het probleem hierbij is dat het eerste deel van deze agenda beslist zal smaken als politics as usual en dat het tweede deel Trump op ramkoers zet met de libertaire vleugel van zijn partij – en dus in de richting van eindeloze politieke gevechten die doorgaans uitlopen op een patstelling. Meer dan op een ‘politieke revolutie’ zal dit lijken op het pompen van steroïden in een vastgelopen systeem.

Het tweede punt betreft het Amerikaanse leiderschap in de wereld. De Verenigde Staten zijn zeventig jaar het anker geweest van de naoorlogse wereldorde. Dat Amerikaanse moment in de geschiedenis lijkt met de zege van Trump voorbij. We hoeven die wereldorde niet te idealiseren – met kolossale missers als de oorlog in Vietnam en een torenhoge tol in landen als Argentinië en Iran – maar het was ook een orde die stabiliteit bracht in Europa, die in ieder geval in theorie en vaak in de praktijk was toegewijd aan het stimuleren van democratie, onderlinge handel, goed bestuur en de rechtsstaat. Die wereldorde staat op instorten. De Europese Unie wankelt, de Navo is één crisis verwijderd van nutteloosheid. De VS leefden als leidende natie van de wereld al een tijdje boven hun stand. Toch bleven zij het enige land dat de ambitie had om de wereld te leiden en was een groot aantal landen bereid dat leiderschap te volgen. Wat komt daarna? Gezien Trumps uitlatingen moeten we denken aan invloedssferen en af toe opgepompte retoriek rond ‘Amerikaanse’ waarden als de VS toch vrienden nodig blijken te hebben.

De afgelopen week is soms gememoreerd dat na Bush jr. ook de zon weer opkwam. Dat is maar hoe je het bekijkt. Het verlies van prestige en geloofwaardigheid van de VS onder Bush jr. was enorm, en de scherven van zijn dadendrang (hij begon als isolationist) zijn nog altijd niet bijeengeveegd. De wereld staat er nu zeker niet beter voor dan in 2000. Het klimaat bijvoorbeeld: weglopen van de noodzaak om opwarming van de aarde te stoppen komt nu neer op wreedheid naar komende generaties. Daar komt migratie bij, de internationale economie, terrorisme, regionale oorlogen en instabiliteit, et cetera. De onttakeling van de wereld zoals we die kennen gaat opeens heel hard.