De nederlandse vereniging van huisvrouwen

HET ZOU DE Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen een lief ding waard zijn als ze anders heette. Nieuwe Vereniging van Homemanagers bijvoorbeeld. Of Nederlandse Vereniging van vrouwen en Heden. Dat zijn zo wat suggesties van de leden, die ook wel inzien dat dat woordje huisvrouwen nieuwe aanwas afschrikt.

Het woord huisvrouw is minstens zo ouderwets geworden als de plumeau. Dezer dagen zijn het zorgtaken of onbetaalde zorgarbeid waarmee de homemanagers (v, soms m) zich bezighouden. Want, zoals de mysterieuze huisvrouw en verzamelaarster van bijzondere pannetjes Selma Vrooland onlangs in een Volkskrant-column schreef: als je zegt dat je huisvrouw bent, denken de mensen dat je niks doet.
Een verwerpelijk vooroordeel. Neem mevrouw Ruinard-Visser, sinds jaar en dag lid van de NVvH. Ze is 72 jaar oud en lid van de ‘sandwichgeneratie’ die zowel voor de ouders als voor de (klein)kinderen zorgt. Die op en neer draaft tussen peuterspeelzaal, verpleeghuis en het eigen huis. En zodoende opdraait voor de kinderopvang, de mantelzorg, de thuiszorg, de interieurzorg.
Huisvrouw is een vak, en de NVvH is haar vakvereniging.
DEZE WEEK viert de NVvH in de Amsterdamse Beurs van Berlage haar vijfentachtigste verjaardag, in gezelschap van duizend leden en minister Annemarie Jorritsma. De jubilaris is een kwieke oude dame die haar zaakjes goed op orde heeft. Met 37.000 leden, verspreid over 190 afdelingen door het hele land; met 1500 bestuurders, een landelijk presidente, en een hoofdkantoor in Den Haag waar negen betaalde krachten werken.
In 1912, toen de huisvrouw nog 'vakarbeider’ was, werknemer van haar man en vaak tegelijk werkgever van haar dienstbode; toen vrouwen moesten vechten om het huis uit te mogen voor studie of ontspanning en hun stem nergens werd gehoord; in die tijd richtten mejuffrouw Anna Polak en mejuffrouw Marie Heinen een netwerk avant la lettre voor vrouwen op. 'Vooral in deze tijd van levensmiddelenduurte, dienstbodennood enz. geldt voor de Huisvrouwen de eisch om zich te verenigen.’
De nieuwe vereniging kwam op voor de huisvrouw 'als consumente en als belanghebbende bij het woningvraagstuk’, en klaagde in 1913 bijvoorbeeld over de kwaliteit van de roomboter. Vanaf 1926 liet ze talloze producten testen en gaf daar eventueel haar fameuze keurmerk aan: 'Goedgekeurd door de Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen’. Een kwalificatie die voor fabrikanten lange tijd even begeerlijk was als nu het 'best getest door de Consumentenbond’.
Nog altijd speelt het huishouden een hoofdrol binnen de vereniging. Voor de NVvH is iedere vrouw een huisvrouw, of ze daarnaast nu een baan heeft of niet. In het jongste nummer van het verenigingsblad Denken en Doen valt te lezen hoe de NVvH zich sterk maakt voor een 'hygiënecode’, want 'waren de huisvrouwen vroeger te proper, nu lijkt de balans naar de andere kant doorgeslagen’. Er komen nare ziektes van, als de boel zo verslonst. Zo is een blikopener nauwelijks schoon te maken, iets waar nodig iets op gevonden moet worden. En een pak melk dat nonchalant een uur buiten de koelkast blijft staan, is een hele dag minder lang houdbaar, wat toch goed is om te weten.
Zonder de NVvH hadden wij nu geen 'privacy-streep’ in banken en postkantoren. Dat ook mannen daarvan profiteren is meegenomen, maar welkom in de vereniging zijn zij als zodanig niet. Ook huismannen niet. Terwijl er regelmatig eentje belt om zich aan te melden. Driekwart van de leden was daar vorig jaar in een enquête fel op tegen. Die mannen zouden natuurlijk alle bestuursfuncties inpikken, en vrouwen willen ook weleens iets voor zichzelf.
Zoals een gezamenlijk bezoek aan Tassenmuseum Hendrikje te Amstelveen, of een tiendaagse reis naar Schotland. Het valt onder 'vorming, voorlichting en ontspanning’, een van de doelstellingen van de club. Die doelstelling wordt wat willekeurig ingevuld, want het kan niet te veel kosten met zestig gulden contributie per jaar. Het is al heel mooi wanneer iemand (een man) van de Lions club een lezing wil houden over genetische manipulatie. Of als de leden een diapresentatie over Jacoba van Beieren kunnen bijwonen, een inleiding in de filosofie, een cursus biljarten, of een workshop over de beginselen van het sierknippen. De activiteiten zijn bijna altijd overdag, wat voor werkende vrouwen wat lastig is. Maar vijftig procent van de NVvH-vrouwen werkt geheel niet; de overigen hebben een (deeltijd)baan of werken af en toe onbetaald. Niet dat de leden niet geëmancipeerd zijn; zij zijn voornamelijk oud. Driekwart is ouder dan zestig, en dertig procent is zelfs tussen de zeventig en tachtig jaar.
DE VERENIGING is ernstig vergrijsd, maar nog zeer bij de tijd. Zo staat de vijfentachtigste verjaardag op 23 oktober geheel in het teken van Internet. 'De NVvH ziet het als haar taak zich in te zetten voor de emancipatie van (oudere) vrouwen op de digitale snelweg.’
De NVvH wil bovenal dat haar leden 'met hun tijd meegaan’. Dat is voor haar dé praktische uitwerking van die andere doelstelling: 'Bevorderen van de emancipatie van de leden.’ Daarom wordt er al het hele jaar in alle afdelingen gediscussieerd over het thema 'Veranderde normen en waarden’. Daarom is de NVvH niet alleen vertegenwoordigd in de Vereniging Textieletikettering voor Was- en Strijkbehandeling, maar ook in de Werkgroep Politieke Scholingscursussen en in het Produkt- en Milieuoverleg. En daarom wordt de leden een cursus 'Presteren kun je leren’ aangeboden, of 'Bouwen aan je zelfvertrouwen’.
Het is je reinste vrouwenbeweging.
De NVvH zegt geen politieke stelling te nemen, maar heeft zeker bijgedragen aan de bewustwording van vrouwen. Door ze aan te sporen dóór te leren, zich voor politiek te interesseren en na te denken over de rol van huisvrouw die zij zo vanzelfsprekend vervulden. Als het persoonlijke politiek is, is de NVvH ondanks haar neutrale opstelling alleen al politiek doordat zij in georganiseerd verband praat over het persoonlijke.
Zij richt zich ook direct tot Den Haag. In 1969 door de actie 'Abortus geen lijdensweg’ te ondersteunen. In 1995 door te pleiten voor de pil in het ziekenfondspakket. En nu door zich te mengen in het Nationale Zorgdebat, en in het verenigingsblad te schrijven over de voor vrouwen zo ongunstige nieuwe Nabestaandenwet.
DURFDE DE NVvH haar vrijgevochten trekjes maar wat meer te benadrukken! Maar voor haar achterban is een woord als emancipatie (laat staan feminisme) aan de radicale kant, en zo tobt de vereniging voort met het imago van een tuttenclub. Akkoord, ze loopt zo'n tien jaar achter in de discussieonderwerpen ('Raken vrouwen overbelast?’; 'Heeft emancipatie vrijgemaakt?’), maar dat is juist gunstig. Heel voorzichtig, haast stiekem emanciperen: typisch iets voor de Nederlandse vrouw.
De NVvH biedt geen taaie theorie maar een alledaags soort emancipatie, toegesneden op de behoeften van gewone vrouwen, en niet van een handjevol voorloopsters. Men discussieert niet over een socialisties-feministies paradijs waar de mannelijke onderdrukker uit geweerd moet worden, nee, men spoort elkaar in Denken en Doen aan het eigen geld te beleggen. Niet bang zijn voor nieuwe techniek maar manmoedig gebruik maken van pinpas en telefoonkaart, en de digitale snelweg op! 'Ook hier zullen we ons vrouwtje staan.’
Daarvoor zijn echter ook nieuwe leden nodig, en die blijven weg. Ging vroeger het lidmaatschap van de NVvH, net als het abonnement op de Libelle, over van moeder op dochter, nu bedankt dochterlief voor de eer. Het bestuur hanteert al zoveel mogelijk de afkorting NVvH, waarin dat vermaledijde 'huisvrouw’ is weggemoffeld, en zoekt ondertussen naar nieuwe, 'wilde ideeën’ om jongeren te trekken.
De 27-jarige Jacqueline Damen, manager consumer communications bij Yakult en het jongste lid van de NVvH, had onlangs een interessant wild idee. De vereniging zou de jeugd binnenhalen door meer aandacht aan 'traditioneel koken’ te besteden. 'Erwtensoep maken bijvoorbeeld. Want dat’, weet zij, 'heeft de jonge generatie niet meegekregen van thuis.’
Na de coup van generaal Amadou Toumani Touré in 1991 was Mali even het braafste kindje van de derdewereldklas. Maar sinds de verkiezingen in april dit jaar lijkt het land weer terug bij af. Een gesprek met de teleurgestelde generaal: 'Ook al zijn het kinderziekten, het is niet de bedoeling dat je daar dood aan gaat.’