Film

De noodzaak van wraak

Film: ‹Hamlet› van Franco Zeffirelli en ‹Richard III› van Laurence Olivier op dvd

«Remember me», zegt de oude man met trillende stem. En wij hebben geen keus, want de Geest is alom aanwezig, in elk geval voelbaar, in Shakespeares grote meesterwerk. Afgelopen zomer zag ik een uitzonderlijke Geest, in Stratford, Engeland, in de nieuwe Hamlet van de Royal Shakespeare Company. Regisseur Michael Boyd, tevens artistiek directeur van de RSC, laat de Geest, gespeeld door de gelauwerde Shakespeare-acteur Greg Hicks, een groot zwaard achter zich aanslepen wanneer hij voor het eerst verschijnt. In het RSC- theater klinkt het geluid van ijzer op beton schril, bijna pijnlijk in de oren. De geest, bleek en uitgemergeld, is gekleed in slechts een lendendoek. Hij loopt voorover gebogen en moeizaam, alsof het zwaard een ondraaglijke last is. Het wapen omvat de betekenis van zowel het leven als de dood van de koning. Voor de moord op hem was hij een groot strijder. En nu in het schimmenrijk overheerst één ding: wraakzucht. Het zwaard zal hij overdragen aan zijn zoon, die hij nooit zal toelaten hem te vergeten.

De noodzaak van wraak is vervat in de centrale visuele metafoor in Franco Zeffirelli’s filmversie van Hamlet uit 1990: het zwaard als kruis. De symboliek valt temeer op gezien de naam van de hoofdrolspeler, hij die op de kaft van de dvd een zwaard voor zijn gezicht houdt, zo dat het wapen de vorm van een kruis aanneemt. Hamlet als weifelende wreker, Hamlet als Jezus, zoon van God die zijn toorn over de mensheid zal uitstorten. Het is Mel Gibson die in deze film Hamlet speelt, hij die zich als regisseur van het fenomenale The Passion of the Christ een katholieke fundamentalist van het ergste soort heeft getoond.

Zijn arrogantie en megalomanie vallen Gibson te vergeven, want hij beschikt over veel talent. Zijn Hamlet is interessanter, want donkerder, dan die van Kenneth Brannagh in de vermakelijke filmversie uit 1996. Nooit is helemaal duidelijk waarom Brannagh, na het onvergetelijke met modder en bloed bevlekte Henry V (1989), heeft besloten Hamlet fel verlicht en met heldere kleuren te fotograferen. Het is daardoor onmogelijk aan deze filmversie te denken zonder een stralende, geblondeerde Brannagh/Hamlet voor ogen te zien. De depressieve Deen is een meester in speelsheid en ironie, maar de lachende prins van Brannagh is toch iets anders. Nee, de beste filmversie van Hamlet blijft die van Sir Laurence Olivier uit 1948.

De vraag is dan wat er overblijft van Zeffirelli’s Hamlet als ook zijn prins in de schaduw blijft van de grote Olivier. Het antwoord is gelegen in de trefzekere hand van de regisseur, die twee keer eerder spectaculaire Shakespeare-films maakte: The Taming of the Shrew (1967) en Romeo and Juliet (1968). Zeffirelli heeft namelijk goed begrepen dat Hamlet ten diepste gerelateerd is aan de religieuze werkelijkheid van het Engeland van Shakespeare. Shakespeare was geen protestantse gelovige. In een boeiend essay in het programmablad van het nieuwe Hamlet van de RSC in Stratford betoogt de historicus Stephen Greenblatt, auteur van onder meer Hamlet in Purgatory, dat de schrijver ondanks de Reformatie in de ban was van oude, katholieke geloofssystemen. Volgens de protestantse kerk was het onmogelijk in geesten te geloven, aangezien deze niet bestonden. Dat is evenwel niet besteed aan de prins van Denemarken die in Hamlet, als hij de Geest ziet, wit van angst exclamereert: «Wie is daar?»

In het stuk overheerst het bovenzinnelijke: de oude koning kan geen rust vinden in het vagevuur, het domein tussen hemel en hel waar vlammen de doden moeten reinigen van de laatste zonden. Daarom maakt de RSC-regisseur Michael Boyd net als Zeffirelli Hamlet tot een gestileerd gotisch sprookje. Dat uit zich in het toneelstuk in de magistrale Geest die zijn lichaam uit het vagevuur sleept om contact te zoeken met zijn zoon, die zich op het podium bevindt waar lange, grijze panelen op de achtergrond de donkere gangen van Elsinore voorstellen. Zeffirelli daarentegen toont zijn liefde voor het operateske door zijn film authentiek in te kleden, met barokke kostuums en veel hout en vervallen stenen muren.

De kracht van zijn werk ligt in de confrontatie tussen Hamlet en Gertrude, gespeeld door een veel te jonge, wulpse Glenn Close. Meer dan in andere Hamlets kristalliseert zich in deze scène de incestueuze hunkering van moeder en zoon uit. Wanneer zij elkaar kussen, is dat met open mond. Beiden vinden de kus tegelijk opwindend en walgelijk. Zo is de waanzin van Hamlet compleet. Hij is verscheurd tussen de belofte aan zijn vader, die hem de noodzaak van wraak heeft bijgebracht, en zijn verlangen voor het lichaam van zijn moeder. Het is een tragedie, een «wraaktragedie» zoals Harold Bloom het noemt, en bijna niemand in het stuk overleeft de fysieke en geestelijke destructie.

Deze sterfscènes verbleken bij de dood van de gebochelde Hertog van Gloucester in de beste van alle Shakespeare-films: Oliviers Richard III (1955). Wanneer de soldaten van Richmond aan het einde van de beslissende slag voor Richard (Olivier) staan, is de usurpator geen mens meer maar een gedrocht. Olivier ziet eruit als de door Salvador Dali in een schilderij vereeuwigde Richard: raafzwart haar, zwarte kleding en een haakneus. De soldaten vallen aan. Richard kan niets meer. Hij kronkelt als een dier op de grond en maakt rochelende geluiden, niet vanwege de zwaarden die in zijn vlees hakken, maar omdat hij zijn ware aard toont: een jakhals gedreven door doodsfantasieën en machtswellust. En het bloed vloeit weergaloos. Als sterfscène valt de dood van Gloucester eigenlijk alleen te vergelijken met de executie van Kurtz in Coppola’s Apocalypse Now. In beide werken is wraak op een afschuwelijke wijze noodzakelijk: Richard en Kurtz hebben zich laten gaan op een manier die hun omgeving niet kan dulden. Daarom zijn zij niet te tolereren en moeten zij dood. Maar de daad zelf is in alles onmenselijk.

Het Amerikaanse distributiemerk Criterion heeft zich wederom uitstekend van zijn taak gekweten door dit meesterwerk gerestaureerd op dvd uit te brengen, met een extra schijf met veel waardevolle achtergrondinformatie over de film. Hier kan de dvd van Hamlet, uitgebracht door de Nederlandse distributeur A-Film, uiteraard niet tegenop. Wel bevat de dvd een boeiende documentaire over het maken van de film, geschoten door Gibson zelf. Mooi is het om te zien hoe de kersverse Hollywood-ster twijfelt, hoe hij worstelt met de taal van Shakespeare en hoe hij het uiteindelijk redt voor de camera’s van Zeffirelli. En al kijkende naar de documentaire ontstaat het vermoeden dat de acteur in deze Hamlet de inspiratie vond voor de film die hij aan het begin van de nieuwe eeuw zou regisseren: The Passion of the Christ.

Hamlet van Franco Zeffirelli is overal verkrijgbaar op dvd

Richard III van Laurence Olivier is verkrijgbaar in de betere dvd-winkel of is online te bestellen