Vóór Christus ook al corrupt

De Olympische traditie

Het Internationaal Olympisch Comité — met kroonprins Willem-Alexander — ligt weer eens onder vuur. Corruptieschandalen volgen elkaar in hoog tempo op. Maar er is niets nieuws onder de zon. Ook de oude Grieken (en Romeinen) wisten wel raad met smeergeld en competitievervalsing.

Aan de vooravond van de Olympische Spelen in Athene regent het weer corruptieschandalen in olympische kring. Een team undercover-journalisten van het BBC-programma Panorama kwam op 4 augustus met een onthullende reportage over de omkoopgevoeligheid onder leden van het Internationaal Olympisch Comité (IOC). De verslag gevers deden zich voor als Britse zakenlieden die graag zouden zien dat de Spelen naar Londen kwamen. Ze benaderden onder anderen het Bulgaarse IOC-lid Ivan Slavkov, die zeer geïnteresseerd leek in het aanbod. De IOC’er verklaarde later dat hij zelf juist bezig was aan een onderzoek naar corruptie binnen het IOC en dat hij daarom was ingegaan op de avances. Meteen daarop kwam de BBC met nog meer onthullingen. Zo zouden de Spelen van 2000 in Sydney zijn gekocht. Een Egyptische zakenman met grote belangen in de sportwereld verklaarde dat het ongeveer honderdduizend euro aan smeergeld per IOC-lid kostte om de gunst van het IOC te verkrijgen. Eerdere corruptieschandalen — onder meer bij de Winterspelen in Salt Lake City in 2002 — hadden het IOC al in diskrediet gebracht. De estafette aan onthullingen leidde al tot het aftreden van IOC-opperhoofd Samaranch ten gunste van de Belg Jacques Rogge. Ook het functioneren van de Nederlandse kroonprins Willem-Alexander als IOC-lid stond als gevolg van alle negatieve pers behoorlijk onder druk ten tijde van «Paars».

Er is inmiddels een kleine bibliotheek volgeschreven over het vermeende verval van de Spelen. In Nederland publiceerde Martin van den Heuvel in 2002 het boek Geschonden ringen, waarin het ethisch feilen van het IOC op onbarmhartige wijze aan de kaak werd gesteld. De criticasters van het IOC stellen dat de Spelen als symbool van humanistische waarden en wereldvrede worden misbruikt voor financiële en politieke doeleinden. Daarbij worden de antieke Spelen onveranderlijk geïdealiseerd als voorbeeld van hoe het wél moet. Maar recente studies van met name Amerikaanse wetenschappers in Griekenland wijzen erop dat ook de oude Grieken tijdens de Spelen bepaald niet vies waren van corruptie en intriges. Ook het idee dat de antieke Spelen waren gebaseerd op de idealen van onbaatzuchtigheid — «meedoen is belangrijker dan winnen» — blijkt op niets gebaseerd. Er is, kortom, niets nieuws onder de Olympische zon.

De eerste door de geschiedschrijving geregistreerde Olympische Spelen werden gehouden in 776 voor Christus. Voor een reusachtig beeld van Zeus, gemaakt van goud in ivoor, in een vallei in het Elis-gebied in de Peloponnesos kwamen de Grieken bijeen in Olympia, waar vijf dagen lang allerlei wedkampen werden gehouden. Het evenement zou op verzoek van het orakel van Delphi tot stand zijn gekomen en gold als een vruchtbaarheidsritueel. De overwinnaar van de lange-afstandsloop — in 776 voor Chr. een zekere Koroibos — kreeg de eer dat de Spelen van dat jaar naar hem werden vernoemd, wat men beschouwde als een van de hoogste onderscheidingen in het menselijk bestaan.

Olympia gold tijdens de Spelen als een enclave: wie er gewapend binnenging werd beschouwd als godslasteraar. De oude Grieken waren verslingerd aan de Spelen. Zelfs als hun rijk werd aangevallen, gingen de Spelen door, hoe dan ook. De Perzische keizer Xerxes, die in 480 voor Chr. een poging deed de Griekse staten te veroveren, stond perplex toen zijn tegenstanders ondanks al het evidente gevaar toch naar Olympia trokken. Een van Xerxes’ veldheren zou tegen hem hebben uitgeroepen: «Wee, tegen wat voor mannen voer jij ons ten strijde, die voor goud en zilver wedkampen houden?»

Het antieke olympische programma week aanzienlijk af van de moderne Spelen. Een van de hoogtepunten was de pankration, een soort oud-Griekse freefight, waarbij alles was toegestaan om de opponent te verslaan, inclusief het breken van vingers, wurgen en bijten. De antieke Spelen trokken naar schatting zo’n veertigduizend bezoekers. Het was er een ware heksenketel, zo blijkt uit nagelaten woorden van de wijsgeer Epictetus: «Worden jullie daar (in Olympia — rz) niet samengeperst? Hebben jullie geen last van alle herrie en geschreeuw? Iedereen wil wat anders, iedereen duwt en trekt.»

Aanvankelijk waren de Spelen alleen voor Grieken toegankelijk. De vader van Alexander de Grote, koning Philip, moest hemel en aarde bewegen om door het organiserend comité toegelaten te worden: als Macedoniër werd hij niet als volwaardige Griek gezien. Pas toen de Macedoniërs beloofden zich te houden aan alle olympische wetten — inclusief het financieel compenseren van atleten die op weg naar Olympia werden beroofd — was de machtige koning welkom in Olympia. Zoon Alexander was een toegewijde fan: tijdens zijn veldtochten liet hij overwonnen tegenstanders die eerder een olympische wedkamp op hun naam hadden gebracht, vrij.

De antieke atleten traden poedelnaakt aan, ingesmeerd in olijfolie. Ongehuwde vrouwen waren welkom als toeschouwers, maar getrouwde vrouwen die in Olympia werden betrapt, werden per decreet van de Typaion-berg gesmeten. Er is een geval bekend van een echtgenote van een olympisch kampioen die tijdens de Spelen was verkleed als coach, maar uiteindelijk toch werd betrapt toen ze haar enthousiasme voor de prestaties van haar familieleden niet langer kon verbergen. Het toenmalige olympisch comité — waar grote namen als Aristoteles en Socrates deel van uitmaakten — besloot toen dat voortaan ook de trainers naakt dienden aan te treden.

Officieel gold de lauwerkrans van olijftakken als prijs voor de olympische overwinnaar. In werkelijkheid viel er echter heel wat te verdienen tijdens de Spelen. Een olympische overwinning werd gezien als een zegening door de goden, maar die goden konden best een steuntje in de rug gebruiken, vonden de oude Grieken. Overwinnaars konden derhalve rekenen op grote geldbedragen en gunsten en geschenken van allerlei aard, van landerijen tot alle gewenste bedpartners. De verliezers, zo bericht olympisch chroniqueur Pindarus, «kropen stil door de stegen terug naar hun moeder». Kampioenen die faalden, konden rekenen op de hoon van hun plaatsgenoten. Er zijn zelfs gevallen bekend van hardlopers die bij terugkomst in hun stad gevangen werden gezet vanwege een vermeende wanprestatie in Olympia.

«De oude Grieken waren lang niet zo idealistisch als wij geneigd zijn te denken», vertelt de Amerikaanse archeoloog David Gilman Romano, die in Griekenland onderzoek doet naar de geschiedenis van de antieke Spelen. «Ze hadden veel problemen die wij tegenwoordig ook hebben.» De antieke atleten maakten veel gebruik van zieners en heksen teneinde hun tegenstanders te beïnvloeden. Ook waren ze niet vies van omkooppraktijken. Het eerste gedocumenteerde geval van corruptie stamt uit 388 voor Chr., toen de bokser Eupolus drie opponenten betaalde om gestrekt te gaan. De olympische scheidsrechters deelden zweepslagen en boetes uit aan atleten die de boel probeerden te flessen, maar niets hielp. De olympische eer was eenvoudig te verlokkelijk.

Toen de Romeinen Griekenland onder controle kregen, nam de corruptie in olympische kring helemaal een hoge vlucht. In 86 plunderde Sulla Olympia en werden de deelnemers aan de Spelen naar Rome overgebracht om daar hun kunsten te laten zien. Het bontst maakte keizer Nero het. Het was op keizerlijk verzoek dat de 211e Olympische Spelen van 65 twee jaar werden uitgesteld, iets wat tot die tijd nog nooit was voorgekomen. De keizer kwam in 67 in eigen persoon naar Olympia, met een lijfwacht van vijfduizend man, en gelastte dat tal van nieuwe takken aan het programma werden toegevoegd, zoals wedstrijden in voordrachtskunst en zang — niet geheel toevallig activiteiten waarin de keizer zichzelf een uitblinker achtte. Nero liet zich lauweren tot overwinnaar bij de wagenrennen in het hippodroom, hoewel hij tot twee keer toe ten val was gekomen en de race niet eens tot een einde had weten te brengen. Tegenstanders waren echter zo bevreesd voor de keizerlijke toorn dat zij geen protest durfden aantekenen. Uiteindelijk ging de Romeinse delegatie onder Nero met achttienhonderd lauwerkransen terug naar Rome. De Grieken spraken er schande van en zouden later gelasten dat de Spelen van 67 ongeldig werden verklaard.

Tegen die tijd waren de Spelen al uitgegroeid tot een internationaal evenement. Niet alleen Romeinen deden mee, maar ook atleten uit Spanje, de Krim en Egypte. Olympia veranderde in een mondain kuuroord. De laatst bekende winnaar van de Spelen in Olympia was de Perzische prins Varandates, die de 291ste versie in 385 na Chr. op zijn naam zou brengen. Tegen die tijd waren de Spelen echter al vogelvrij verklaard door de christelijke keizers van het Oost-Romeinse rijk. Constantius, de zoon van keizer Constantijn, ging als eerste keizer in 356 over tot een verbod van de «heidense» Spelen. Diens opvolger Theodosius de Grote, een fanatieke christen uit Spanje, liet het beeld van Zeus — een van de zeven wereldwonderen van de antieke wereld — vanuit Olympia overbrengen naar Constantinopel, waar het in 476 bij een brand zou worden vernietigd. Keizer Caligula had eerder ook een poging gedaan het beeld van de Griekse oppergod te confisqueren, maar was daar niet in geslaagd omdat de arbeiders die met het transport belast waren dodelijk bang waren geworden nadat het beeld naar verluidt in homerisch geschater was uitgebarsten.

In 395 werd Olympia vernietigd door barbarenstammen. De Spelen werden voortaan gehouden in het Circus Maximus in Rome, met gladiatoren en al. Op het houden van spelen in Olympia stond de doodstraf. Aan de kust van Syrië zouden nog enkele decennia alternatieve spelen worden gehouden, waar ook vrouwelijke atleten welkom waren, zij het dat zij niet poedelnaakt aantraden, maar in een tuniek dat één borst vrijliet. Keizer Justinus (518-527) was alle olympische naaktloperij een doorn in het oog, en hij ging over tot het definitieve verbod van de Spelen. Het zou tot 1896 duren voordat de Spelen in hun oude luister werden hersteld.