Opheffer

De ongodsdienstigen worden bedreigd

Atheïsten, humanisten, vrijdenkers – het zijn bedreigde groepen. Onlangs hoorde ik voormalig GroenLinks-voorzitter Mohammed Rabbae voor de televisie weer eens verklaren dat Frits Bolkestein een racist was omdat die tegen een moslim-burgemees ter zou zijn.

Racist?

Rabbae meent dus dat het zijn van een moslim iets is wat te vergelijken is met een ras.

Maar juist het feit dat dit niet zo is zorgt ervoor dat je het ook mag bestrijden.

Rabbae maakt een bekende redeneerfout, volgens mij expres. Hij gooit het bestrijden van de moslimgedachte op een hoop met het bestrijden van moslims. Hoe vaak heb ik al niet gehoord: «Je bent tegen moslims.»

Het omgekeerde is het geval: de mensen interesseren mij, hun gedachtegoed deugt niet. En dat wil ik graag bestrijden.

Ik ben tegen elke vorm van godsdienst, juist omdat ik de mensen zo waardeer.

Maar je ziet overal om je heen dat deze gedachte eigenlijk verboden is. De aandacht voor religie en godsdienst is «ongelooflijk», maar het lijkt wel of men binnen die geloven de weg kwijt is.

Als ik de televisie aanzet wordt er voort durend over godsdienst gesproken. Dominees en priesters krijgen ruim baan. Maar wanneer hoor ik eens de voorzitter van het Humanis tisch Verbond iets uitleggen?

Wanneer nodigt men eens een vrijdenker uit?

Nooit.

We zijn zo bang geworden dat we een cultuur krijgen waarin je «de ander» niet mag storen. Dat is mooi en aanbevelenswaardig, maar dat moet dan wel van twee kanten werken. Elkaar niet hinderen, elkaar niet storen, elkaar de ruimte laten, respect hebben voor elkaar – het zijn geen begrippen waar je zomaar aan kunt voldoen. Wanneer ik de EO op de radio hoor, dan zijn er soms uitspraken die mij in hoge mate storen, al weet ik dat die niet de intentie hebben om mij te beledigen. Ik hoor – nog steeds – dat abortus misdadig is, dat het belachelijk is dat er niet op elke school gebeden wordt, dat we het bidden verleerd zijn en dat daardoor de schizofrenie toeneemt; ik hoor het aan en lach, maar de kwantiteit is zo omvangrijk dat ik me af en toe zorgen maak. Zorgen om mezelf. Want in feite zeggen al deze berichten: wie God lastert, deugt niet, wie niet in God gelooft is in wezen arm, wie het bestaan ontkent van een wezen of een macht buiten de mens om heeft ze niet allemaal op een rijtje en zo iemand hoeven we niet serieus te nemen. Sterker, zo iemand is gevaarlijk.

Theo van Gogh is vermoord niet omdat hij Submission had gemaakt, verklaarde zijn moordenaar, hij is vermoord omdat hij Allah beledigd zou hebben. Dat was iets wat een moslim niet mag accepteren. De moordenaar zei: «En dat hij mij een geitenneuker noemde, interesseerde mij ook niet.» Nee, het ging hem om de belediging van Allah, en de belediging van de Profeet.

Het is nog geen tien jaar geleden dat ikzelf voor de rechter werd gesleept omdat ik niet Allah maar God beledigd zou hebben. Toen ik was vrijgesproken, ging de officier van justitie in hoger beroep – ik had wel degelijk God beledigd en daardoor de godsdienstigen, en dat mocht niet volgens hem. Ook in hoger beroep werd ik vrijgesproken, maar wat me opviel was de enorme agressie die ik ondervond bij godsdienstigen. Vergeving als leidraad? Vergeet het maar. Als ze me aan de hoogste boom konden hangen, hadden ze dat graag gedaan. Vele Veluwers hadden zich destijds bij de klacht van «godslastering» gevoegd en eisten schadevergoeding. Als de rechtbank mij zou hebben veroordeeld, dan had ik uit eigen zak een ton mogen betalen.

De gedachte dat Nederland een tolerant land zou zijn heb ik toen verlaten.

Wie waren en zijn er tolerant?

De humanisten, de vrijdenkers. De ongodsdienstigen die keer op keer hamerden op die tolerantie. Zij hadden een levensbeschouwing die zichzelf onder de loep nam en zichzelf kritisch beschouwde. Zij hadden immers geen God om verantwoording aan af te leggen, en moesten dat zelf doen.

Onder ongodsdienstigen kom je niet zo gauw agressie tegen – ze weten dat dat niet hoort, het gaat immers tegen de mens in. Ze willen ook anderen niet hun keuze opleggen, want ze beseffen dat ieder mens vrij is om te kiezen wat hij wil. Ongodsdienstigen zijn voor volstrekte gelijkwaardigheid tussen man en vrouw en zullen zich daarom kwaad maken als ze zien dat een godsdienst iets anders bepleit – en veel godsdiensten bepleiten iets anders. Ongodsdienstigen zullen daarom achter Ayaan gaan staan.

Maar je ziet en merkt dat er steeds minder mensen achter Ayaan gaan staan. Ze zou de verkeerde tactiek kiezen, ze zou te fanatiek zijn, ze zou haar eigen frustraties botvieren – terwijl ze in feite niets anders doet dan een atheïstisch liberaal standpunt verdedigen.

Nederland is namelijk nog steeds een christelijk land. De overgang naar een land waarvan de meerderheid de moslimgedachte is toegedaan, zal eenvoudig verlopen. We houden van wazige mystiek, het gebed, het geprevel in een kerk of moskee. We willen helemaal geen eigen verantwoordelijkheid, we willen zondag of zaterdag of vrijdagavond in de kerk zitten en de belofte doen dat we de Heer dienen.

De ongodsdienstigen worden letterlijk bedreigd.

In de koran staat dat je ze sowieso mag vermoorden, de christenen zullen er niet echt een traan om laten. «Eigen schuld, dikke bult.»

Misschien is dat de wraak van de Heer.