Berlusconiwatch (15)

De onoverwinnelijke

Rome - ‘En ja hoor: door een beslagen voorruit van privé-schandalen, juridische problemen en twee jaar non-regering rijdt Berlusconi in één rechte streep af op alweer een zege’, schrijft de belangrijkste linkse krant van Italië, La Repubblica.
Het is waar. De regionale verkiezingen van 28 en 29 maart zijn voor premier Silvio Berlusconi tot zijn eigen verbazing heel goed uitgepakt. Zes van de dertien regio’s waar werd gestemd, kozen voor de kandidaat van Berlusconi. Dat is een winst van vier regio’s, waaronder de economische en politieke zwaargewichten Piemonte (Turijn) en Lazio (Rome). En ook niet te onderschatten zijn de 'maffiaregio’s’ Calabrië en Campania (Napels).
Maar dan heeft links toch nog altijd gewonnen met zeven regio’s?
Nee. Links had elf regio’s en regionaal bestuur is in Italië van oudsher 'van links’. Niet dat de Italianen het hadden gemerkt, dat het land op regionaal niveau door links werd bestuurd. De corruptie, de maffia en de zwendel in de gezondheidszorg waren er niet minder om, integendeel.
Dat is het merkwaardige: Italiaanse verkiezingen lijken altijd heel even een 'historische beslissing’, en dan gaat alles weer door als voorheen. Dat zal nu ook het geval zijn. Premier Berlusconi (73) mag nog drie jaar regeren en zag de regionale verkiezingen vooral als opiniepeiling. En daarin heeft hij gelijk: hij zal nu ongehinderd zaken kunnen doorvoeren waar Italië niet beter van wordt, maar hij zelf wel. Hij heeft twee grondwetswijzigingen op het oog: een grootscheepse hervorming van het juridische stelsel, waarin de onafhankelijkheid van het Openbaar Ministerie wordt ingeperkt, en het mogelijk maken van zijn eigen benoeming tot president van Italië.
Zijn de Italianen dan helemaal gek? Zijn er geen linkse kandidaten van het juiste kaliber? Of hebben de Italianen tabak van de politiek en kiezen ze voor iemand die ze tenminste niet te veel aan het hoofd zeurt? Dat laatste gelooft Vittorio Feltri, hoofdredacteur van Berlusconi’s krant Il Giornale: 'Regio’s, wat zijn dat? Bestuurlijke monstrums wier budget voor tachtig procent aan de gezondheidszorg wordt besteed. Niemand raakt daar opgewonden van. Het konkelt wat op afstand, en als je ziek wordt, weet je dat je zonder raccomandazione (aanbeveling) maandenlang moet wachten op een scan. Tegen de tijd dat je aan de beurt bent, heeft de kanker zich al door je hele lichaam verspreid.’
Kun je het de Italianen kwalijk nemen dat ze dan liever Berlusconi’s belofte 'om kanker binnen drie jaar definitief te verslaan’ voor waar aannemen? Hoeven ze tenminste niet meer naar het ziekenhuis.