De opvang op Gran Canaria loopt vol

Barcelona – ‘De toestand wordt met de dag onmenselijker’, zegt Arcadio Díaz Tejera, die als rechter in Las Palmas belast is met de controle van de migrantenopvang op het Spaanse eiland Gran Canaria. Hij heeft het over het inmiddels beruchte noodkamp in de haven van Arguineguín, waar de meeste bootvluchtelingen aan land gebracht worden.

Bijna zeventienduizend West-Afrikanen bereikten tot half november de Canarische Eilanden. Elfmaal zoveel als vorig jaar. Het noodkamp op de pier van Arguineguín barst uit zijn voegen. Op een smal stukje kade zitten vijftienhonderd tot tweeduizend mensen opeengepakt. Ze slapen op het asfalt, met alleen een dekentje van het Rode Kruis. In de tenten is maar plek voor driehonderd mensen. Na hun coronatest wachten ze op overplaatsing naar opvangcentra elders op het eiland. In veel gevallen duurt dat een week of langer. Human Rights Watch sprak met twee positief geteste vrouwen die hun tent gewoon deelden met anderen.

Rechter Díaz Tejera begrijpt er niets van. ‘Er is geen enkele reden voor deze opeenhoping’, zegt hij in een radio-interview. ‘Ook de coronacrisis niet. In 2006 hadden we hier nog veel meer bootvluchtelingen. Toen waren het er 31.000, die mensen kregen een waardige behandeling en in een paar uur richtten militairen een kamp in voor 3500 personen. Waarom zitten nu na vier maanden nog steeds tweeduizend mensen vast op een ruimte van vierhonderd vierkante meter?’

Het antwoord ligt voor de hand: koste wat het kost moet duidelijk gemaakt worden dat de Canarische Eilanden een eindstation zijn voor Afrikaanse migranten. Al vóór de uitbraak van de epidemie werden de transfers van migranten naar het Spaanse vasteland stopgezet. Hulporganisaties en de lokale overheid dringen aan op hervatting van de vluchten om de druk te verlichten. Maar de Spaanse regering, die zichzelf graag ziet als ‘de meest progressieve van Europa’, wil daar niets van weten.

Minister Grande-Marlaska van Binnenlandse Zaken heeft iets anders bedacht om een eind te maken aan het probleem: twee oceaanschepen, een patrouilleboot, een vliegtuig, een helikopter en een onderzeeër. Officieel worden die ingezet tegen de ‘maffia’s en misdadige netwerken van mensensmokkelaars’. Maar aan de criminalisering van de migratie en aan de militarisering van de Europese buitengrenzen lijkt voorlopig nog geen eind te komen.

Het aantal in 2020 getelde doden en vermisten op de Middellandse Zee was deze week, volgens het Missing Migrants Project (IOM): 949