De paapse terreur de pil was in ierland zuiver ‘menstruatieregulerend’; het land heeft dan ook de meeste onregelmatige menstruatiecycli ter wereld

Pas in 1979 werden in Ierland voorbehoedmiddelen gelegaliseerd, althans voor echtparen. Sinds kort mogen ook homoseksualiteit en echtscheiding. En abortus bij levensgevaar. Maar als het aan de kerk ligt, is het in Ierland binnenkort weer gedaan met dat beetje verlichting.
TERWIJL DE KANDIDATEN van de Ierse politieke partijen ouderwets campagne voeren, huis aan huis, op werkbezoek in stad en land, geeft aartsbisschop Desmond Connell het startschot in de zoveelste ronde van het gevecht om abortus en, in het verlengde daarvan, voorbehoedmiddelen, condooms, seks, gezinsleven en alles wat daar volgens de katholieke kerk verder nog mee verbonden is. De aartsbisschop stelt voor een nieuw referendum over abortus te houden nu uit recente opiniepeilingen is gebleken dat de Ieren nog altijd sterk tegen abortus zijn - mits de vraag op een bepaalde manier is geformuleerd.

Het is een directe interventie van de kerk in de politiek, een interventie die ook in Ierland vandaag de dag de wenkbrauwen van menigeen omhoog doet gaan. Politici zuchten voor de camera als hun om commentaar wordt gevraagd, en je ziet ze denken: ‘Daar gaan we weer.’
Kerk en staat zijn in Ierland nog altijd nauw verbonden. Net als in Polen en, in mindere mate, in Litouwen verwierf de katholieke kerk haar aanzien als politieke kracht door consequent de kant van het onafhankelijkheidsstreven te kiezen in tijden van vreemde overheersing. Ierland verwierf nationale onafhankelijkheid in 1922 en de kerk heeft sindsdien een rol gespeeld die haar terecht de bijnaam 'Het Paarse Parlement’ opleverde. Het vertrek van de Engelsen in de jaren twintig liet een bestuurlijk, politiek en sociaal vacuüm na dat door katholieke instanties werd gevuld. Tot en met de oorlog was Ierland een waar 'katholiek land voor katholieken’.
EIND JAREN ZESTIG veranderde dat. Een generatie van goed opgeleide jongeren creëerde daar niet zozeer een seksuele revolutie, maar vond het wel tijd om over de grenzen van het eiland heen te kijken. In 1969 werd in Ierland de eerste family planning-kliniek geopend en in 1970 trad er een vrouwenbeweging voor het voetlicht die de dagelijkse zorgen over ongewenste zwangerschap tot speerpunt maakte van haar activiteiten.
Dat was nodig ook. De Wet op de Censuur uit 1929 was nog steeds van kracht, en op grond daarvan werden niet alleen James Joyce, Samuel Beckett en Edna O'Brien verboden en soms verbrand op de pleinen in de steden, ook werd alle informatie over voorbehoedmiddelen taboe verklaard. Het geboortencijfer in Ierland behoorde tot de hoogste in Europa, vrouwen die voor de tiende keer zwanger raakten, vormden geen uitzondering.
De kerk, die zei over het welzijn van de natie te waken, vond het terzelfdertijd niet nodig dat er werd gezorgd voor al die moeders en die kinderen. Een moeder-en-kind-zorgprogramma, voorgesteld door de minister van Volksgezondheid, stuitte op weerstand bij de kerk, die van mening was dat de zorg voor kinderen de verantwoordelijkheid van de ouders alleen was.
Ondertussen mocht de pil in Ierland alleen worden voorgeschreven als menstruatieregulerend middel, met als gevolg dat Ierland in de statistieken decennialang het land was met de meeste onregelmatige menstruatiecycli in de wereld.
HET GROOTSTE GEVECHT moest nog komen en zou zich in de jaren zeventig afspelen. In 1979 werden voorbehoedmiddelen gelegaliseerd, zij het alleen voor echtparen. De kerk wist duizenden ponden per jaar binnen te halen ter subsidiëring van de propaganda voor 'natuurlijke geboortenbeperking’ (dat wil zeggen al die methoden waar je zo makkelijk zwanger van raakt), terwijl de zogenoemde 'medische’ voorbehoedmiddelen door de klant uit eigen zak moesten worden betaald.
Ierse vrouwen deden hun beklag in de media: de Irish Times liet een vrouw aan het woord die haar huwelijksleven beschreef: 'Je hebt een kind van twee maanden oud aan een kant van het bed, eentje van zestien maanden aan de andere kant, en een van tweeëneenhalf in een andere kamer. Naast je ligt je echtgenoot, die nu al minstens vier maanden oefent in “zelfbeheersing”. Je probeert het maar weer eens en je bent de volgende paar weken ziek van bezorgdheid dat je misschien weer zwanger bent. Dit is een huwelijk. Ze hebben me nooit verteld wat te doen, terwijl ik maar al te goed weet wat niet te doen. Laat je man in een andere kamer slapen, zei mijn dokter. Dat is natuurlijk leuk voor twee weken, of desnoods voor een paar maanden, maar voor de rest van mijn leven?’
Het was voor vrouwen moeilijk om zich aan de greep van de kerk te onttrekken. De pastorale brief van 1971 hield de gelovigen voor: 'Het is heel goed mogelijk dat in het huidige klimaat wetgeving ontstaat die tegengesteld is aan de morele wet. Dat zou een belediging zijn van ons geloof. Het zou zonder twijfel onze moraliteit aantasten en dat zou een vervloeking zijn en blijven van dit land.’
In de jaren zeventig was ook voor het eerst sprake van de zogenaamde 'anti-conceptiementaliteit’, een leerstuk waar de katholieke kerk nog jaren op zou voortbouwen, tot het recent werd omgevormd tot de 'cultuur van de dood’. Katholieke ziekenhuizen, dat wil zeggen vrijwel alle ziekenhuizen in Ierland, kregen ethische richtlijnen opgelegd: sterilisatie en voorbehoedmiddelen mochten niet tot de dienstverlening in katholieke ziekenhuizen behoren.
Aan het einde van de jaren zeventig nam de katholieke kerk in Ierland een opmerkelijk initiatief dat getuigde van een vooruitziende blik. Gestimuleerd door een bezoek van de paus werd een massieve campagne gevoerd om te komen tot een referendum waarbij een uitspraak werd gevraagd over de wenselijkheid van het toevoegen van een clausule over de bescherming van het ongeboren leven aan de grondwet. De kerk betrad nu zonder omwegen de politieke arena en de campagne was hard en grof. De film The Silent Scream werd op scholen vertoond, preekstoelen veranderden in politieke platforms en de stemmen van de tegenstanders werden gesmoord in het beschuldigende scheldwoord 'babymoordenaars’.
Het referendum, gehouden in september 1983, werd een triomf voor de kerk: twee van de drie mensen wilden de bescherming van het ongeboren leven opgenomen zien in de grondwet. Maar er was ook iets verloren gegaan: de katholieke kerk was nu een van de politieke krachten en kon niet meer volhouden boven de partijen te staan als verzoenende instantie die zich uitsluitend met het geloofsleven bezighield. Het was gedaan met de onaantastbaarheid van de kerk, die zich immers zelf in het heetst van de politieke strijd had geworpen.
DAT HAD ZIJN WEERSLAG op de opiniepeilingen. In 1981 was nog 52 procent van de Ieren van mening dat de kerk 'het adequate antwoord had op morele problemen en de behoeften van het individu’; in 1991 was dat perecentage geslonken tot 41. Tegenstanders van het amendement op de grondwet troostten zich met de gedachte dat de schade vooral theoretisch was: abortus was immers toch al illegaal en het amendement zou verder niet veel praktische betekenis hebben.
Maar zo ging het niet. De Society for the Protection of the Unborn Child wierp zich op als morele politie. Het regende aanklachten tegen family planning-klinieken op grond van de opvatting dat elke discussie over abortus het recht op leven van de ongeborene bedreigde. Dat vond de rechter ook en informatie over abortus werd streng verboden, Engelse tijdschriften kwamen onder de censuur en voorlichtingsmateriaal werd in beslag genomen. Het amendement bleek verre van theoretisch.
De vrouwenbeweging zette toen ondergrondse telefoonlijnen op waar vrouwen hulp konden krijgen en naar Engelse klinieken konden worden doorverwezen. Ierse vrouwen vonden die nummers op de deuren van de damestoiletten in de pubs in Dublin.
In 1992 werd het extremisme van de katholieke kerk de meeste Ieren eindelijk teveel: een veertienjarig, verkracht, wanhopig en suïcidaal meisje kreeg van de rechter geen toestemming om naar Engeland te reizen voor een abortus. De Ierse family planning-organisatie, moegestreden en cynisch geworden, gaf een folder uit waarop een foto stond van het meisje met de tekst: 'Ze is veertien, verkracht en zwanger. Ga zo door, zeg haar maar zelfmoord te plegen.’
Er kwamen duizenden mensen de straat op terwijl de kerk er nog een schepje bovenop deed en in een bisschoppelijk verklaring stelde: 'Als een zwangerschap het gevolg is van incest of verkrachting, dan is dat voor de vrouw of het meisje een afschuwelijke ervaring. (…) Maar hoe gruwelijk de omstandigheden van de conceptie ook mogen zijn, er is nieuw leven ontstaan. Een onschuldig menselijk leven, door God gegeven, met het recht op een warm welkom in de menselijke gemeenschap. Het beëindigen van dit leven is een verdere schending van het lichaam van de vrouw en kan enkel bijdragen aan haar ongeluk.’
Een hogere rechtbank beslistte tenslotte dat het meisje toestemming kreeg voor een abortus in Engeland, waarmee een net uitgevonden term gelukkig weer uit het vocabulaire kon worden geschrapt: bijna had Ierland zoiets gehad als een 'door de staat afgedwongen zwangerschap’.
Maar niet alleen het Ierse publiek kon haar herders nu niet meer volgen: de politici die in 1983 min of meer gelijkmoedig met het amendement akkoord waren gegaan, waren woedend dat de bischoppen en de anti-abortusbeweging hen recht de politieke afgrond in hadden geleid. En dat leidde voor het eerst tot een koele afstand tussen politici en kerkelijke leiders.
IN NOVEMBER 1992 legaliseerde het Ierse parlement abortus in het geval van levensgevaar voor de vrouw, waaronder het gevaar van zelfmoord. Tegelijk werd het recht van vrouwen om in het buitenland een abortus te ondergaan vastgelegd en werd informatie over abortus gelegaliseerd. Ook op aanverwante terreinen brak er enig licht door; Ierland legaliseerde in 1994, na een aanwijzing van het Europese Hof, homoseksualiteit door de wet die het leven van Oscar Wilde ruïneerde buiten werking te stellen.
Een referendum van een jaar geleden bepaalde dat echtscheiding mogelijk was, al werd dat slechts met een meerderheid van een handvol stemmen (9000) gewonnen. Condooms zijn sindsdien overal vrij verkrijgbaar, terwijl de Ierse family planning-organisaties nog geen half jaar geleden steeds voor vijfhonderd pond werden beboet als ze condooms verkochten.
Maar de katholieke kerk is nog lang niet uitgestreden. Zij stelt nu een nieuw referendum voor - en dat is heel slim. Een referendum is een ja of een nee, het is zwart of wit, terwijl abortus een onderwerp is dat vele grijstinten kent. Tegen abortus zijn is vrij eenvoudig als je erin slaagt al de ingewikkelde keuzen die mensen in een leven (moeten) maken, buiten je bewustzijn te houden. Vandaar dat de politici van links tot rechts zo zuchten als het onderwerp weer ter tafel komt.
Maar de kerk laat zich niet ontmoedigen door een paar mindere jaren in het land waar hun greep op de politiek altijd zo sterk is geweest. Nieuwe hulptroepen staan klaar. De kerk, en met name Rome, bedient zich steeds meer van sekte-achtige katholieke organisaties die zich vooral met onderwerpen bezighouden die deze paus zo interesseren: abortus, euthanasie, seksualiteit. In Ierland zijn dat naast allerlei half geheime genootschappen vooral de fanatieke anti-abortusactivisten, de Young Defenders. In een radiouitzending twee weken voor de verkiezingen die op 6 juni worden gehouden - waarvan het brandpunt langzaam maar zeker verschuift van economische en sociale items naar het aloude thema - bestond een twintigjarig lid van deze organisatie het een moeder van drie kinderen, van wie een gehandicapt, die besloten had een vierde, zwaar beschadigd embryo te laten aborteren, ronduit voor moordenares uit te maken.