Naomie Klein

De paarse middelvinger

«Het Iraakse volk gaf Amerika het grootste «dank je wel» op de beste manier die we hadden kunnen hopen.» Toen ik deze verkiezingsanalyse van Betsy Hart las, een columnist voor de Scripps Howard News Service, moest ik denken aan mijn overleden grootmoeder.

Ze was half blind en een groot gevaar achter het stuur van haar Chevrolet, maar weigerde hardnekkig haar autosleutels af te geven. Ze was ervan overtuigd dat overal waar ze reed (en de huisdieren van Philadelphia plette) mensen naar haar zwaaiden en lachten. «Ze zijn zo vriendelijk!» We moesten haar het slechte nieuws vertellen: «Ze zwaaien niet met hun hele hand, Oma – alleen hun middelvinger.»

Zo is het ook met Betsy Hart en de andere bijziende verkiezingswaarnemers: ze denken dat het Iraakse volk eindelijk Amerika die lang verwachte bloemen en snoep heeft gestuurd, terwijl de Iraakse kiezers slechts hun (paarse) middelvinger opstaken. De verkiezingsuitslagen zijn binnen: de Irakezen stemden verpletterend voor het afzetten van de door de Verenigde Staten geïnstalleerde regering van Iyad Allawi, die weigerde de Verenigde Staten te vragen om te vertrekken. Een beslissende meerderheid stemde voor de Verenigde Iraakse Alliantie; het tweede punt van het VIA-programma vraagt om «een tijdschema voor de terugtrekking van de multinationale troepen uit Irak».

Er zijn meer eencijferige boodschappen ingebed in het programma van de winnende coalitie. Een paar hoogtepunten: «Een systeem van sociale zekerheid invoeren waarin de staat iedere geschikte Irakees een baan garandeert (…) en voorzieningen biedt aan burgers om huizen te bouwen.» De VIA belooft ook «de Iraakse schulden af te schrijven, herstelbetalingen te annuleren en de olierijkdom te gebruiken voor projecten van economische ontwikkeling». Kortom, de Irakezen stemden voor het verwerpen van de radicale vrijemarktpolitiek opgelegd door de voormalige Amerikaanse afgezant Paul Bremer en vastgeklonken door een recente overeenkomst met het Internationaal Monetair Fonds.

Dus zullen de mensen die een brok in hun keel kregen bij het zien van Irakezen die en masse naar de stembus gingen die democratisch gekozen wensen steunen? Hou toch op. «Je maakt geen tijdschema’s», zei George W. Bush vier dagen nadat de Irakezen precies daarvoor gestemd hadden. Op dezelfde manier noemde de Britse premier Tony Blair de verkiezingen «groots» maar wees een strak tijdschema direct af. De beloften van de VIA om de publieke sector uit te breiden, de olie te behouden en de schuld te verkleinen zullen waarschijnlijk eenzelfde lot ondergaan. In elk geval als Adel Abd al-Mahdi zijn zin krijgt – hij is de Iraakse minister van Financiën en de man die opeens naar voren wordt geschoven als de leider van de volgende regering van Irak.

Al-Mahdi is het Trojaanse paard van de regering-Bush in de VIA. (Of had je gedacht dat ze al hun geld zouden zetten op Allawi?) In oktober zei hij tegen een vergadering van het American Enterprise Institute dat hij «de ondernemingen in handen van de Iraakse staat wilde herstructureren en privatiseren», en in december maakte hij weer een reis naar Was hington om plannen te ontvouwen voor een nieuwe oliewet «die veelbelovend is voor de Amerikaanse investeerders». Het was al-Mahdi zelf die de supervisie had op het tekenen van een stapel overeenkomsten met Shell, BP en ChevronTexaco in de weken voor de verkiezingen, en hij is het die de recente deal met het IMF onderhandelde. Over het terugtrekken van troepen klinkt al-Mahdi helemaal niet als het programma van zijn partij, maar lijkt de spreekbuis van Dick Cheney op Fox News: «Wanneer de Amerikanen vertrekken zal ervan afhangen wanneer onze eigen troepen klaar zijn en van hoe het verzet reageert na de verkiezingen.» Maar wat de sharia-wet betreft zegt men dat hij zeer dicht bij de geestelijken staat.

De Iraakse verkiezingen werden steeds weer uitgesteld, terwijl de bezetting en het verzet steeds dodelijker werden. nu ziet het ernaar uit dat twee jaar bloedvergieten, omkoping en achterkamertjes-worstelen leidden naar dit: een overeenkomst waarin de ayatollahs con trole krijgen over de familie, Texaco krijgt de olie, en Washington krijgt zijn duurzame militaire bases (noem het het «olie voor vrouwen-programma»). Iedereen wint behalve de kie zers, die hun leven riskeerden om hun stem uit te brengen voor een zeer ander beleid.

Maar dat doet er niet toe. 30 januari, zo zegt men, ging niet om waar Irakezen voor stemden – het ging om het feit dat ze stemden en, nog belangrijker, hoe hun dapperheid de Amerikanen zich deed voelen over hun oorlog. blijkbaar was het echte doel van de verkiezingen was om Amerikanen te bewijzen dat, zoals George Bush zei, «het Iraakse volk zijn eigen vrijheid waardeert». verbijsterend genoeg lijkt dit nieuws te worden gevonden. Chicago Sun-Times-columnist Mark Brown zei dat de stemming «het eerste duidelijke teken was dat vrijheid werkelijk iets kan betekenen voor het Iraakse volk». In The Daily Show beschreef Anderson Cooper van CNN het als «de eerste keer dat we zoiets als een maatstaf hadden of ze ja dan nee bereid zijn zich te melden en dingen te doen».

Dit is een moeilijk publiek. De sjiïtische opstand tegen Saddam in 1991 was duidelijk niet genoeg om ze ervan te overtuigen dat Irakezen bereid waren «dingen te doen» om vrij te zijn. Net zo min als de demonstratie van honderdduizend mensen een jaar geleden om onmiddellijke verkiezingen te eisen, of de spontane lokale verkiezingen georganiseerd door Irakezen in de beginmaanden van de bezetting – beide afgeschoten door Bremer. Het blijkt dat op de Amerikaanse tv de hele bezetting één lange aflevering van Fear Factor is geweest, waarin Irakezen steeds zwaardere hindernissen overwinnen om te demonstreren hoe groot hun verlangen is om hun land terug te winnen. Hun steden werden verwoest, ze werden gemarteld in Abu Ghraib, werden neergeschoten bij checkpoints, hun journalisten werden gecensureerd en hun water en elektriciteit afgesloten – dat alles was slechts een prelude van de ultieme uithoudingsproef: bommen en kogels ontwijken om naar het stembureau te komen. Eindelijk waren de Amerikanen ervan overtuigd dat de Irakezen echt, echt vrij willen zijn.

Dus wat is de beloning? Een einde aan de bezetting, zoals de kiezers eisten? Doe niet zo gek — de Amerikaanse regering zal zich niet voegen naar een of ander «kunstmatig tijdschema». Banen voor iedereen, zoals de VIA beloofde? Je kunt niet stemmen op zulke socialistische onzin. Nee, ze krijgen Geraldo Rivera’s tranen («Ik voelde me zo’n watje»), Laura Bush’ moederlijke trots («Het was zeer ontroerend voor de president en mij om mensen naar buiten te zien komen met paarse vingers») en Betsy Hart die zich oprecht verontschuldigt dat ze ooit aan ze heeft getwijfeld («Wow, ik neem mijn woorden terug»).

En dat zou genoeg moeten zijn. Want als de bezetting er niet was geweest, dan zouden de Irakezen niet eens de vrijheid hebben om te stemmen voor hun bevrijding, en vervolgens zien hoe die stem compleet genegeerd wordt. En dat is de echte prijs: de vrijheid om bezet te worden. Wow – ik neem mijn woorden terug.

© The Nation