De parade van de haat in naam van oranje

In Noord-Ierland is de vlam weer in de pan geslagen. Blokkades, bommen, brandstichtingen. Wordt het weer burgeroorlog? Bericht uit een tot op het bot verdeeld Belfast
BELFAST - Een parade van de Orange Order in het centrum van Belfast. Honderden mannen, velen al in de tachtig, lopen zwaar uitgedost over straat. Oranje banier om de schouders, bolhoed op het hoofd, sommigen met zwaard of Britse vlag. Er wordt muziek gespeeld op de fluit en de drum. Voor Nederlanders lijkt het een beetje op een carnavalsoptocht, maar de gezichten staan heel strak. Een parade van de Orange Order is namelijk een uiterst serieuze zaak.

Sleutelfiguur in de Orange Order is nog steeds de Nederlandse koning Willem III van Oranje. In 1690 versloeg zijn leger de troepen van de katholieke Ierse Koning James in de Battle of the Boyne. Hiermee verzekerde Billy de protestantse overheersing in Ierland.
‘Als Willem had verloren, dan zouden alle protestanten zijn uitgemoord of op de vlucht gejaagd’, zegt Orangeman Kevin. 'Niet alleen zou heel Ierland dan nu honderd procent katholiek zijn maar heel Groot-Brittannie. Want de Britse troon, dat was wat James wilde.’ Kevin is niet zijn echte naam, maar hij wil zijn naam niet in de krant. 'Ik ken mensen die zijn vermoord omdat ze voor hun mening uitkwamen. Twintig van mijn vrienden en bekenden zijn vermoord door de IRA.’ Hij vervolgt: 'Ja, Willem van Oranje wordt nog steeds zeer gerespecteerd en geeerd in Noord-Ierland. Bij Oranje-parades zie je vaak vlaggen met zijn afbeelding. Je ziet hem dan op zijn witte paard terwijl hij de Boyne oversteekt.’
Willem van Oranje is niet bij alle Noordieren zo populair; voor katholieken is hij symbool voor de protestantse overheersing. Een Nederlander in Belfast krijgt dan ook minstens eens per week te horen dat hij een 'Orange bastard’ is of dat 'jullie Nederlanders de problemen hier zijn begonnen’. Een parade van de Orange Order door een katholieke wijk vatten ze dan ook op als provocatie.
DE RELLEN VAN vorige week, die plaatsvonden nadat de politie eerst een parade tegenhield en later doorliet, zijn geen nieuw fenomeen. 'Al in de vorige eeuw leidden Oranje-parades regelmatig tot schermutselingen’, zegt Dominic Bryan, sociaal-antropologisch onderzoeker van het Centrum voor Conflictonderzoek van de University of Ulster in Coleraine. 'Tussen 1850 en 1872 werden alle parades zelfs verboden door de regering.’ Dominic Bryan schreef recentelijk het rapport Parade and Protest. 'De Orange Order is zo belangrijk voor de Noordierse protestanten omdat die hun een gevoel van identiteit geeft’, zegt hij. 'Feiteljk zijn de protestanten erg verdeeld. Er zijn vier verschillende kerken, maar ook politiek gezien is er veel verdeeldheid onder de Unionisten. De Orange Order geeft ondanks die verdeeldheid toch een wij-gevoel.’
Toen Ierse katholieken zich eind vorige eeuw gingen roeren en onafhankelijkheid van de Britten gingen nastreven, werd de Orange Order de 'tegenbeweging’. De Order verzette zich tegen Iers zelfbestuur en vooral tegen de invloed van de katholieke kerk. Na de verdeling van Ierland in 1923 werd de Orange Order nog belangrijker: het verschafte een gevoel van 'nationale identiteit’ aan de nieuwe staat Noord-Ierland, een staat waarvan katholieken, zowel in Noord als in Zuid, niets moeten weten. 'Het is een vieze sektarische staat’, zegt Karen Mullan, vrijwilligster van het Centrum voor Bezorgde Bewoners van de Lower Ormeau Road. 'Wij katholieken worden hier nog steeds gediscrimineerd. Niet lang geleden werd je nog gearresteerd als je met de Ierse vlag zwaaide.’
De traditionele Oranje-parades op de voornamelijk katholieke Lower Ormeau Road in Zuid-Belfast leidden regelmatig tot rellen. Vorige week werd de parade met bescherming van een enorme hoeveelheid politieagenten doorgelaten. Die avond waren er rellen op de Ormeau Road, waarbij op de politie is geschoten. Karen Mullan legt uit waarom de Oranje-parades zo veel weerstand oproepen in haar straat. 'In 1982 werden hier in een winkel vijf onschuldige mensen vermoord. Een paar maanden later was er een Oranje-parade, en wat deden de Orangemen? Ze riepen “5-0” en staken triomfantelijk vijf vingers in de lucht. Nu waren we al tegen de parades, maar dit was de druppel. Dit nooit meer.’
'Die mensen zijn direct daarna uit de Orange Order gezet’, zegt Orange-man Kevin over dit incident. 'Tegenwoordig wordt er zelfs uit respect stilte in acht genomen wanneer de parade die winkel passeert.’
KAREN MULLAN vergelijkt een Oranje-parade door de Ormeau Road met een mars van Amerikaanse witte neo-fascisten door een zwarte wijk. 'Ze haten de katholieke kerk, daar gaat het om in de Orange Order. Het is de parade van de haat.’ Volgens Kevin is dat niet waar. 'De Orange Order heeft niets tegen katholieken maar het heeft wel iets tegen de macht van de katholieke kerk. Mijn beste vrienden zijn katholiek. Zij vinden een Oranje-mars helemaal niet beledigend. Een jaar of drie geleden kwamen ze zelfs uit de kroeg naar buiten om naar me te zwaaien terwijl ik op mijn fluit blies in de parade. Ze accepteren mijn achtergrond en hebben er respect voor.’
Karen Mullan zegt dat de bewoners van de Ormeau Road graag willen onderhandelen met de Orange Order. 'Maar ze weigeren om met ons te praten. Als wij vragen om respect voor onze rechten, zeggen zij niet te zullen toegeven aan IRA-terroristen. Ze zeggen dat als ze toegeven, ze hun recht op culturele en religieuze uiting van hun idealen opgeven. Lulkoek, de Orange Order houdt zo'n tweeduizend parades per jaar. Het grootste gedeelte geeft geen problemen, het zijn zo'n tien parades per jaar door katholieke wijken die tot problemen leiden. Ik heb geen enkel probleem met Oranje-parades in hun eigen wijken. Wij zouden niet op het idee komen om een parade te houden in een protestantse wijk.’
Nu zou zo'n parade geen enkele kans maken om door de politie te worden toegelaten. 'Er is nog steeds een extreme rechtsongelijkheid in Noord-Ierland’, constateert onderzoeker Dominic Bryan. 'Nee, een republikeinse parade maakt geen enkele kans in een protestantse wijk te worden toegelaten.’
De Orange Order wijst altijd op de eeuwenoude traditie als het gaat om de route van de parades. Wijken zijn de afgelopen decennia door demografische veranderingen katholiek geworden, maar de parades waren er al veel eerder. Volgens Bryan is dat geen eerlijk argument. 'De Orange Order had de gelegenheid die traditie op te bouwen omdat het de macht had.’
In de regel vermijden Belfast-bewoners het liefst politiek als gespreksonderwerp, maar tijdens de rellen van vorige week konden ze er niet meer omheen. 'Weet je wat de Orangemen gewoon moeten doen op 12 juli?’ zegt een taxichauffeur ongevraagd. 'Ze moeten niet paraderen in verschillende stadjes, maar met z'n allen naar Portadown gaan. Dan is er voor de politie geen tegenhouden meer aan.’ De taxichauffeur snapt niet waarom er nu zo'n panieksituatie is. 'De politie wist al een jaar dat ze door de Garvaghy Road wilden marcheren. Maar de beslissing om ze door te laten of niet werd pas op het allerlaatst bekend gemaakt. Door dat lange wachten krijg je emotionele toestanden.’ Maar misschien wachtte de politie om de Orange Order de gelegenheid te geven een compromis te sluiten met de bewoners van de Garvaghy Road? 'Het woord compromis bestaat niet in Noord-Ierland’, weet hij.
HET GEBREK AAN bereidheid in beide kampen om een compromis te sluiten verklaart onderzoeker Bryan met 'de theorie van de twee bedreigde minderheden’: 'Zowel de protestanten als de katholieken voelen zich een bedreigde minderheid in hun land. Op het gehele eiland Ierland zijn de protestanten in de minderheid. Ze voelen zich bedreigd door de Ierse Republiek, die een territoriale claim legt op Noord-Ierland. En ze voelen zich verraden door de Britse regering, die toegeeft aan de IRA-terreur en geheime deals sluit met de regering in Dublin. Ook de katholieken voelen zich een bedreigde minderheid. Ze worden gedomineerd door de protestantse meerderheid in Noord-Ierland en worden bezet door het Britse leger. Bedreigde minderheden hebben geen neiging tot het sluiten van compromissen. Aan weerszijden is er de houding van: hou vast wat je hebt. Elk compromis is verraad en het uitverkopen van je belangen.’
Dat gebrek aan compromisbereidheid geldt voor de gehele Noordierse politiek, maar in het bijzonder voor de parades. Het toelaten van een Oranje-parade door een katholieke wijk staat gelijk aan het accepteren van de protestantse overheersing. En voor protestanten is het tegenhouden van een Oranje-mars het begin van een territoriaal compromis, een stukje Iers grondgebied op de openbare weg in het Verenigd Koninkrijk. 'Deze gevoelens van bedreiging zijn heel moeilijk voor te stellen voor buitenstaanders’, zegt onderzoeker Bryan. 'De meeste mensen zien de katholieke kerk totaal niet als een bedreiging. En de meeste mensen ervaren een vreedzame Oranje- mars al evenmin als bedreigend. Maar de gevoelens zijn echt en daar gaat het om als je naar een oplossing zoekt. Om een oplossing te vinden moet er minder gedacht worden in termen van “wij tegen zij” en “als zij winnen, verliezen wij”.’ Bryan geeft daar voorbeelden van: 'Een serieuze Unionistische politicus zei voor de voetbalwedstrijd Nederland-Ierland dat hij voor Nederland was; voor hem was de wedstrijd een herhaling van de Slag bij de Boyne: Groen tegen Oranje.’
DE PARADE-EMOTIES leidden vorige week tot griezelige taferelen in Noord-Ierland. Wijken werden 'etnisch gezuiverd’ door huizen in brand te steken, honderden mensen raakten gewond en twee mensen werden gedood. En het betekende de terugkeer van de bomaanslag in Noord-Ierland. Met de bomaanslag op een hotel in het stadje Enniskillen kwam er een eind aan het bomloze tijdperk in Noord-Ierland, dat zo'n twee jaar heeft geduurd.
De gevoelens van onvrede en bedreiging waren dit jaar dan ook sterker dan anders. Katholieke republikeinen zijn boos omdat hun partij Sinn Fein niet mag meedoen aan de vredesbesprekingen. De protestanten voelen dat er aan hun positie wordt geknaagd. Elke beleidsverandering van de Britse regering wordt gezien als een concessie aan IRA-terrorisme of als een politieke deal met de regering in Dublin. De protestanten voelen dat de Britten af willen van de roerige provincie Ulster en wachten op het juiste moment om zich eervol terug te kunnen trekken. Oranje-man Kevin ziet het zo: 'Je kunt een Brit beter als vijand dan als vriend hebben. As an enemy he’ll buy you, as a friend he’ll sell you.’
Natuurlijk speelt het geweld van de afgelopen dagen de extremisten in de kaart. En natuurlijk heeft het besluit van de politie om na een vier dagen durende blokkade de parade in Portadown toch maar door te laten, het alleen maar erger gemaakt. Het is gemakkelijk voor te stellen hoe boos, beledigd en verraden de Noordierse katholieken zich voelen. Een vrouw zei: 'Ik heb de IRA altijd gehaat, maar God, hierdoor zou ik ze bijna gaan steunen.’
De boodschap die de extremisten hoorden in het terugdraaien van het besluit is: geweld loont, als je maar lang genoeg doorgaat. Hugh Annesley, chef van de Noordierse politie, geeft ruiterlijk toe te zijn gezwicht voor de dreiging van geweld: 'Maar het was duizenden agenten tegen tienduizenden Orangemen. De levens van mijn manschappen waren in gevaar. Ik word er doodziek van steeds in een onhoudbare situatie te verkeren, de regering moet maar eens aan een oplossing gaan werken.’
ER WORDT WEER geschoten en gebombardeerd in Noord-Ierland, en daarmee is het staakt-het-vuren verbroken. De vraag is dus niet of er geweld zal zijn in Noord-Ierland, maar hoe hoog het zal oplaaien en hoe lang het zal duren. Iedereen vreest dat Noord-Ierland wordt teruggeworpen naar de jaren zestig en zeventig. Dat waren de jaren van rellen en moorden op straat en een leger dat de orde nauwelijks kon handhaven. Het verschil tussen toen en nu is dat de Noordieren dertig jaar ouder en wijzer zijn. 'Dat nooit meer’ is een gevoel dat leeft onder de overgrote meerderheid van de bevolking. Diezelfde meerderheid is weliswaar boos en ontevreden, maar zal als de branden zijn geblust, kalmeren en (tot het volgende incident) geen geweld gebruiken.
Waarschijnlijker is het dat Noord-Ierland niet zal worden teruggeworpen naar de burgeroorlog van de jaren zestig en zeventig, maar naar het terrorisme van de jaren tachtig. Dat waren de jaren van bomaanslagen en moorden op politici, politieagenten, soldaten en burgers. Het was een oorlog tussen paramilitaire groepen, de politie en het leger. Een oorlog waar de gewone burger niets mee te maken heeft, maar wel het slachtoffer van wordt. En dat kan lang doorgaan.
Op 12 augustus zal er weer een parade zijn op de stadswallen van het voornamelijk katholieke Derry. Onzeker is of dat mag van de politie, maar zeker is dat de gezichten grimmig zullen zijn. Want paraderen is een uiterst serieuze zaak in Noord-Ierland.