H.J.A. Hofland

De parkeergarage aan de East River

Een maand of vijf geleden had Richard Perle, vooraanstaand neoconservatief, een nieuwe bestemming voor het gebouw van de Verenigde Naties. Een parkeergarage moest het worden.

Nadat vier maanden geleden de oorlog gewonnen was liet de Britse permier Tony Blair zich ontvallen dat «a reckoning», een afrekening met het verzet in zijn eigen partij, onvermijdelijk was. Ik help eraan herinneren omdat juist zulke opmerkingen, terloops gemaakt terzijde van de grote wereld strategie, zo goed laten zien welke mentaliteit de oorlogspartij beheerste.

In volstrekte miskenning van de naderende werkelijkheid hebben de wereldleider, de hem omringende ideologen en zijn Britse assistent zich gedragen als een gezelschap van fabulanten. Het komt meer voor in de politiek. Maar zelden zullen de fabulanten op zo korte termijn zo hardhandig zijn ontmaskerd.

Nu is de overgangsfase van droom naar werkelijkheid aan gebroken. Dat betekent: aanpassing, het erkennen van vergis singen en ten slotte het prijs geven van geloofsartikelen.

De praktische aanpassing ter plaatse is in volle gang. Bij de arrestatie van verdachte Irakezen worden nieuwe technieken gebruikt waardoor de omstanders niet anti-Amerikaans zullen worden. Geheime diensten gaan anders opereren. De Iraakse regeringsraad krijgt meer bevoegdheden en er is een kabinet benoemd.

Na de recente ontdekking dat er te weinig Amerikaanse soldaten zijn en dat er te weinig geld is om de oplopende kosten te betalen, worden ouvertures gemaakt naar de oude bond genoten en het personeel van de parkeergarage aan de East River. Vanzelf sprekend bestaat daarvoor ontvankelijkheid. De leugens van de casus belli zijn voor de leugenaars tot een binnenlands probleem geworden.

Intussen is het beheersbare probleem Saddam Hoessein, vervangen door dat van de uit dijende chaos. Het is van wereldbelang, niets minder, dat daarvoor het geloofwaardige begin van een oplossing wordt gevonden. Herinneren we ons nog één keer welke plannen de neo conservatieve ideologen met Irak hadden. Na de vervanging van het bewind zou het land tot de eerste echte democratie in de regio moeten worden, het voorbeeld voor alle halve en hele theocratische dictaturen in het Midden-Oosten. Feitelijk zou het nieuwe Irak dus dienen als inspiratie voor de Arabische revolutie. En als besluit van deze omwenteling in leven en toekomst van tweehonderd miljoen Arabieren zou ook, te midden van de nieuwe democratieën, het bestaan van Israël onbedreigd verzekerd zijn. Een mooi doel.

Irak is door de oorlog een wereldexperiment geworden, een openhartoperatie op een snijtafel in het midden van een arena met op de tribunes alle Arabieren, moslims, en het verdeelde publiek van het Westen.

Na de eerste incisies, met chirurgische precisie uitgevoerd, maken de geneesheren er een knoeiboel van. Het wereld publiek weet niet wat het ziet. Een mislukkende anatomische les uitgevoerd op een levende proefpersoon. Familie van de patiënt wil de operatiekamer binnen, anderen zien hun kans om de toch al niet populaire hoofd chirurg dwars te zitten. Het voorlopige resultaat is dat op de tribunes de belangstelling en lust tot ingrijpen met de dag toe nemen, en dit niet tot voordeel van de hoofdchirurg.

Alle beeldspraak daargelaten moeten we na een half jaar neoconservatieve praktijk in Irak tot de slotsom komen dat dit stoutmoedige concept in de praktijk heeft bewezen niet te deugen. Het lijdt catastrofaal aan de naïviteit van zijn eenvoud. Zelfs als we onvoorwaardelijk in de goede trouw van Bush en de zijnen zouden geloven, zouden we het risico van het avontuur onaanvaardbaar vinden. Een snel en geslaagd vervolg op deze mislukte operatie zou daar niets aan veranderen. Er is nu geen rechtvaardiging meer om na Irak de volgende patiënt te operen: Iran, Syrië, of wie er verder op de nominatie staan. Deze nieuwe lasten wil het publiek — het Westen, de internationale organisaties en hoe vaag dat begrip ook is, de wereldopinie — niet aanvaarden. Alleen Irak in de huidige toestand opent al het uitzicht op Vietnamachtige verwikkelingen. Bewaar ons voor een operatieve herbouw van de regio. Verlos Washington van de neo’s die, betoverd door hun geloof in eigen alzijdige superioriteit, op eigen houtje de wereld willen redden.

Dit moet de voorwaarde zijn waaronder de bondgenoten en de Verenigde Naties kunnen gaan helpen. Meer troepen erheen? Volgens de eis van Washington onder Amerikaans opperbevel? Alleen onder auspiciën van de Verenigde Naties. En alleen als de VN een sleutelrol krijgen bij de ontwikkeling van een concept voor een bewind dat de naderende burgeroorlog voorkomt. Uitsluiting van de VN, of ermee instemmen dat het de organisatie slechts genadiglijk wordt toegestaan deel te nemen aan de uitvoering van de neo conservatieve plannen met de regio en de rest van de wereld, betekent medeplichtigheid aan een fantasiepolitiek die de chaos vergroot.

Voor Nederland, met het aanstaande bezoek van premier Balkenende en minister van Buitenlandse Zaken De Hoop Scheffer aan Bush, betekent dit een keuze tussen twee tradities in onze buitenlandse politiek: de internationalistische of de Atlantische. Vaak is de inter nationalistische ook de dromerig idealistische geweest. Maar met de grote wereld chirurg in het Witte Huis is het internatio nalisme van de VN het beste realisme dat op het ogenblik verkrijgbaar is.