In het verre april van 2005 zei een Nederlandse vriend die al dertig jaar in Rome woonde en het katholieke bedrijf – in tegenstelling tot de meeste Nederlanders – serieus nam, iets wat me altijd is bijgebleven: ‘Neu, dat is niet zo’n gekke keuze, Joseph Ratzinger. Die katholieken weten wel wat ze doen. Nu weer eens iemand die recht in de leer is en op de winkel weet te passen. Even geen filmster in het Vaticaan.’

Dat ‘filmster’ sloeg op Karol Wojtyla, de Poolse paus, die een week eerder met een paukenslag het aardse strijdtoneel had verlaten. Drie miljoen katholieke gelovigen waren naar Rome gestroomd om afscheid te nemen van Johannes Paulus II, het Santo Subito! (‘Meteen Heilig!’), de katholieke voetbalwave, had dagenlang gegalmd over het Sint-Pieterplein, een onvergetelijke paus met een bijzonder naturel voor de camera was ten grave gedragen. Direct daarop volgde het conclaaf, zoals dat gaat volgens de katholieke spelregels, en daar was de Duitser Joseph Ratzinger uit gekomen, die weliswaar prachtig uitgedost het balkon betrad, maar toch meteen een teleurstelling was.

Met een verstarde blik prevelde hij een paar zinnen in een door een zwaar Duits accent misvormd Italiaans waarin hij de hulp van Maria afriep over de taak die nu voor hem lag, en trad achterwaarts terug in de coulissen. Niets van dat charmante breeduit voorover leunen op de balustrade van het balkon naar de menigte beneden met dat leuke ‘e se mi sbaglio, mi corrigerete’ (‘en als ik me vergis in het Italiaans, dan zullen jullie me verboiteren’) van zijn Poolse voorganger in 1978, die zich meteen helemaal thuis leek te voelen in zijn nieuwe rol, en iedereen op het plein in goed verstaanbaar Italiaans het gevoel gaf dat het allemaal in orde ging komen.

Karol Wojtyla was de paus van achter het IJzeren Gordijn, een vertegenwoordiger van een wereld waarvan de meeste mensen in het vrije, welvarende Westen zich in 1978 nauwelijks een voorstelling konden maken. Voor Wojtyla was het neerhalen van de Muur, waarachter ook zijn vaderland Polen sinds de Tweede Wereldoorlog was weggemetseld, belangrijker dan al het andere. Coûte que coûte, het doel heiligde alle middelen. Niets kon hem ervan weerhouden, ook niet de Turk Ali Agca, die in 1981 een aanslag op zijn leven pleegde waarachter de kgb schuilging, zoals later bleek uit Stasi-documenten. Karol Wojtyla overleefde de aanslag en toen de Berlijnse Muur op 9 november 1989 viel, het IJzeren Gordijn knarsend openging, was bijna het eerste dat de Russische leider Michail Gorbatsjov deed naar Rome vliegen om de paus te ontmoeten in het Vaticaan.

Op de indrukwekkende foto van 1 december 1989 zie je twee Slavische mannen die elkaar stevig de hand drukken en diep in de ogen kijken, meer hoefde er niet gezegd. Toen Gorbatsjov in oktober 1990 de Nobelprijs voor de vrede kreeg zei hij dat ‘er hier twee vrienden achter me in de coulissen staan’, en daarmee bedoelde hij Ronald Reagan en Karol Wojtyla. Het was gelukt, dat was het enige dat telde. De prijs die ervoor betaald zou worden was aan anderen.

Ratzingers opvolger Bergoglio zag eruit als iemand die bijzonder slecht had geslapen

Een torenhoge prijs die zich laat samenvatten in twee steekwoorden: het Vatileaks-schandaal in 2011 en 2012, waaruit bleek dat de Vaticaanbank ior decennialang bergen crimineel maffiageld had witgewassen om onder andere Solidarnosc en dus de perestrojka te financieren en het wereldwijde misbruikschandaal binnen de katholieke kerk dat er dreunend uit de verte aankwam. De blindheid voor dit probleem viel niet alleen de Poolse paus te verwijten, maar hem toch wel in het bijzonder. Want tijdens zijn ellenlange pausschap dat zich uitstrekte over bijna drie decennia – van 1978 tot 2005 – heeft hij de boot met de nieuwe tijden totaal gemist, alsof er na de val van de Muur niets meer te doen was voor de leider van een wereldkerk met meer dan een miljard gelovigen.

Hij begon als een revolutionaire paus, hij eindigde als een verstarde conservatief die zich graag omringde met gelijkdenkenden, waaronder de wandelende theologische encyclopedie Joseph Ratzinger, die zo goed was in het uitpluizen van geloofskwesties achter de komma, maar beiden wilden de olifant die het Vaticaan al lang had betreden liever niet zien.

Joseph Ratzinger, de wandelende theologische encyclopedie, pluisde geloofskwesties uit achter de komma © Stefano Spaziani / Associated Press / ANP

De verstarde blik van Joseph Ratzinger toen hij in 2005 ineens als paus op het balkon stond als Wojtyla’s opvolger moet zeker te maken hebben gehad met de smeltende gletsjers van het gigantische misbruikschandaal binnen de katholieke kerk die naar beneden kwamen glijden. Ratzinger wist er alles van natuurlijk, hij was al 25 jaar prefect van de Congregatie voor de Geloofsdoctrine, zoals de Inquisitie sinds 1965 heet, oftewel de rechtbank van de katholieke kerk, waarvan hij zeg maar de openbare aanklager en de opperrechter was.

Hij wist het en hij had er zelfs kort tevoren iets over gezegd tijdens het gebed van de Via Crucis op Heilige Vrijdag, toen hij de doodzieke Wojtyla moest vervangen als voorbidder op kop van de lange stoet naar het Colosseum om daar de christenen die door de Romeinen als levende fakkels werden gebruikt te herdenken: ‘O Heer, hoeveel vuil, hoeveel smerigheid, is er binnen onze Kerk, juist onder hen die vanwege hun priesterwijding geheel de Uwe zouden moeten zijn!’ Een opmerkelijke publieke wanhoopskreet voor de o zo voorzichtige, ieder woord altijd op een goudschaaltje wegende hoofdinquisiteur Ratzinger.

En wellicht geheel tegen zijn bedoeling de hoofdreden waarom hij drie weken later al in de vierde stemronde van het conclaaf uit de bus kwam, want zijn wanhoopskreet was niet onopgemerkt gebleven in de pers, de collega’s kardinalen hadden zijn woorden gelezen.

Maar toch niet dat ze dachten dat híj dit kon oplossen!

Misschien dacht het conclaaf dat inderdaad niet, want in 2005 dacht men binnen de katholieke kerk nog altijd dat het allemaal wel gewoon z’n gangetje zou blijven gaan, en dat er alleen even iemand moest worden gekozen die op ‘de winkel kon passen’. Dit ondanks het feit dat het Spotlight-onderzoek van The Boston Globe al in 2002 had onthuld dat 250 Amerikaanse priesters minstens achthonderd minderjarige slachtoffers hadden misbruikt en van hogerhand altijd waren gedekt, overgeplaatst, weggepromoveerd, waardoor ze bij een nieuwe parochie weer van voren af aan konden beginnen met hun misdaden. The Boston Globe kreeg er in 2003 de Pulitzer Prize voor, maar het moest nog duren tot 2015, met de Oscar winnende film Spotlight, voor het doordrong tot de wereld.

Paus Benedictus XVI trad aan toen het gigantische misbruikschandaal al aan het licht was gebracht

En als Joseph Ratzinger in februari 2013 niet zelf het heldere idee had gehad om zijn taak als paus Benedictus xvi neer te leggen, was hij het gewoon gebleven tot 31 december 2022, de dag dat hij stierf. Wat een rampzalig idee, deze fluisterende 95-jarige met al zijn wereldvreemde hobby’tjes en fobietjes, die zo dramatisch niets te maken hadden met de orkaan waarin de kerk zich inmiddels bevindt.

Het is erop of eronder voor de katholieke kerk, een besef dat met de verkiezing van de Argentijn Jorge Bergoglio op 13 maart 2013 dan eindelijk wél leek doorgedrongen tot de directietoren van de Vaticaan-fabrieken. Daar stond weer iemand die voor het ambt geboren is op het balkon, opnieuw een sterk charismatische, krachtige paus, die in vloeiend Italiaans met een charmant licht Spaans accent de menigte in de stromende regen beneden hem direct geruststelde en aan het lachen kreeg. Er stond weer een echte baas aan het roer van de kerk, dat was duidelijk, iedereen kon weer rustig gaan slapen. Dacht men.

De enorme lawine die eraan kwam heeft paus Franciscus in de volle zwaarte direct vanaf het begin over zich heen gekregen. Hij doet al sinds 2013 niet anders dan puinruimen, puinruimen; alles wat zijn voorgangers liever niet wilden zien, ziet hij wel. En benoemt het en pakt het aan, tot uiteraard groot misnoegen van de conservatieve fractie die de fragiele emeritus paus Benedictus als vlag gebruikten voor een lading van ver voorbije tijden.

De inmiddels ook al weer 86-jarige Jorge Bergoglio zag eruit als iemand die bijzonder slecht had geslapen tijdens de langdurige uitvaartmis van zijn voorganger, paus emeritus Benedictus xvi, vorige week donderdag. Bleek en geïrriteerd hing hij in zijn troon midden op het plein. Ook viel op dat hij de ongetwijfeld zorgvuldig gekozen woorden in het Latijn die hij aan het bleke pausdom van zijn voorganger had gewijd zo zacht en snel mogelijk afraffelde in de microfoon. Er was zowat niets van te verstaan en dat ook leek wel de bedoeling, want bij de charismatische, zeer mediabewuste paus Franciscus bestaat geen enkele twijfel dat hij zich verstaanbaar kan maken wanneer hij dat wil.

Dat bleek tijdens de Angelus-rede van afgelopen zondag, drie dagen na de uitvaart. Hij was herrezen en stond kranig rechtop voor de microfoon in het venster hoog boven de menigte, boos en helder verstaanbaar. ‘Roddel is het dodelijkste wat er is’, scandeerde paus Franciscus, en iedereen in Rome wist precies wat hij bedoelde.

Want het graf van Benedictus in de onderaardse gewelven van de Sint-Pieter was nog niet dichtgemetseld of daar verscheen Georg Gänswein al met zijn rancuneprikjes in de pers. ‘De mooie Georg’, zoals hij in Rome wordt genoemd, was dertig jaar lang de privé-secretaris (‘huiskapelaan’) van Ratzinger, is pas 66, en heeft dit moment zorgvuldig voorbereid, zo blijkt. Pal in de week na de uitvaart van Joseph Ratzinger zullen twee boekjes het licht zien, eentje heet Nient’altro che la verità (Niets dan de waarheid), een ander La mia vita al fianco di Benedeto XVI (Mijn leven aan de zijde van Benedictus xvi). Auteur is Georg Gänswein uiteraard, die nog meer ‘waarheden’ in het vooruitzicht stelt en vast aan de Duitse Tagespost heeft laten weten dat het door Franciscus opnieuw verbieden van het voordragen van de mis in het Latijn ‘het hart van Benedictus gebroken heeft’.

Dat krijgt paus Franciscus er dus gratis bij: de mooie Georg die propjes schiet vanaf de zijlijn terwijl hij bezig is aan de herculestaak van het misbruikschandaal.