De penis van catherine keyl

Ik loop, huiverend in de kille voorjaarsregen, het centrum van de gemeente Almelo in, op weg naar de plaatselijke bibliotheek en stel mijzelf de diepste aller filosofische vragen: Waarom?

Waarschijnlijk omdat ik geen nee kan zeggen, zelfs als het aanstaande forum gaat over een verschrikkelijk onderwerp als ‘de grenzen van het columnisme’.
Wat heb ik daar eigenlijk over te vertellen? Van mij mag alles - dat is een ferm ogend, maar in wezen gevaarloos standpunt sinds de dood van God en de sociaal- democratisering van het koningshuis.
De bibliotheek oogt ruim en modern. Veel volk, van oud tot jong. Ik houd mijn inleiding eenvoudig: je moet als columnist alles kunnen zeggen, maar je moet niet alles willen kunnen zeggen. Dan wordt de plaatselijke PvdA-wethouder van cultuur naast mij geposteerd. Hij heet Bert en wordt geacht het met de spreker oneens te zijn. Zo heeft hij 'met opgetrokken wenkbrauwen’ de meest recente aflevering van De Groene gelezen, waarin iemand (ik) heeft geschreven over de gereformeerden die dus jeneverdrinkers zijn. Overschrijdt dit niet de grenzen van de betamelijkheid?
Zo heb ik, kind van de Vrijstaat Amsterdam, nooit over dit vraagstuk nagedacht. Zo zie je maar weer hoe nuttig het is af en toe in de trein te gaan zitten. Niettemin ben ik oprecht verbaasd. Gereformeerden zijn jeneverdrinkers, zoals katholieken bekend staan om hun pilsverslaafdheid - en dat er ongetwijfeld ook gereformeerde ranjadrinkers zijn laat de sociologische kern van mijn constatering onverlet.
Dan mag ik mij gelukkig in de luwte van het debat terugtrekken. De ware hoofdfiguur van de middag is namelijk de plaatselijke columnist die anderhalf jaar geleden iets ondeugends heeft geschreven over de herdertjes die bij nachte lagen te blowen, waarover grote herrie is ontstaan. Niet voor het eerst. Hij heeft de plaatselijke CDA-wethouder al eerder 'een tot in haar oksels opgeschilderde trut’ genoemd. Nee, de vrije pers laat zich niet breidelen. Behalve in dit geval, want de man is inmiddels door zijn hoofdredacteur aan de ketting gelegd.
Is hier inderdaad de vrijheid van meningsuiting gekneveld? Er is sprake van een misverstand, probeer ik uit te leggen. Een column is geen verzameling invectieven, maar een min of meer intellectueel betoogje, liefst rond een originele probleemstelling. En dat daarin af en toe een minder vleiende kwalificatie wordt gehanteerd…
Een der forumleden laat een proefballonnetje op. Hoe acceptabel is een column over het feit dat Henny Huisman zijn penis heeft laten vergroten? Of een column over het feit dat Catherine Keyl de hare juist heeft laten verkleinen? Maar dat zijn toch schijnproblemen, waarde luisteraars, exclusief bestemd voor bladen als de Story en de Prive! Normale kranten, ook Tubantia en de Twentsche Courant, hebben geen enkele belangstelling voor de penis van Catherine Keyl.
In de derde en vierde ronde zeggen wij allemaal nogmaals hetzelfde. Dan drinken wij, de libertairen en de wat minder libertairen, broederlijk een slokje. Interessante middag, al was het alleen al omdat die mij leerde dat de wereld groter is dan het Leidseplein.