Barcelona – Afgelopen maandag was het de beurt aan Murcia. Toen trad de stad aan de Spaanse zuidoostkust toe tot de club van plaatsen met een hogesnelheidstrein. Reden voor feest, want iedereen wil erbij horen. Het is alweer de vierde uitbreiding dit jaar van het netwerk van de ave, Alta Velocidad Española. Met zo’n vierduizend kilometer heeft Spanje na China het grootste hsl-net ter wereld. Sinds hsl-pioniers Frankrijk en Japan werden ingehaald laten Spaanse regeringsleiders geen gelegenheid onbenut om dit feit op internationale fora te onderstrepen. De ave is het nationale statussymbool bij uitstek.

Dat mag wat kosten, ook al heeft het Spaanse hsl-net veruit het laagste aantal reizigers per kilometer ter wereld. Tot nu toe heeft de aanleg een kleine 52 miljard euro opgeslokt, maar toch staat de hsl in Spanje vrijwel niet ter discussie. Niet onder de bevolking, niet bij de media en niet bij de grote politieke partijen. Elke opening garandeert ladingen positieve aandacht. Soms heeft de oppositie een beetje kritiek, bijvoorbeeld bij de opening van de lijn naar Extremadura. Het ging daarbij echter niet over de vraag of 3,7 miljard voor een hsl naar zo’n dunbevolkte regio een zinvolle besteding was. De lijn was in de ogen van de oppositie niet ‘waardig’ omdat deze bij de opening nog niet geëlektrificeerd was. Oftewel: het probleem was het voortijdig doorknippen van het lintje aan de vooravond van een verkiezingsjaar.

Versterking van de ‘nationale cohesie’ is altijd het favoriete argument geweest dat de regeringen in Madrid – van links tot rechts – aanvoerden voor de hsl. Een rapport van de Spaanse onafhankelijke financiële autoriteit Airef liet daar geen spaan van heel. De ave is volgens het rapport economisch noch sociaal rendabel. Verschillen tussen provincies zijn er juist door toegenomen. De financiële autoriteit pleitte dan ook voor een heroverweging van de 73 miljard die nodig zou zijn om het beoogde net van bijna negenduizend kilometer te voltooien. Te meer omdat de investeringen in de ave – ongeveer een kwart komt uit Europese fondsen, de rest is staatsschuld – slechts een elite van vijf procent van de treinreizigers ten goede komen.

De minister van Transport beloofde naar de aanbevelingen te luisteren. En trok zich er vervolgens niets van aan. Na Murcia is Almería aan de beurt, weer 3,3 miljard.