De planmatige terugval naar de middeleeuwen

Volgens het persbureau AFP is Pol Pot vorige week overleden aan malaria. Is de leider van de Rode Khmer en ‘Broeder Nummer Een’ van Democratisch Kampuchea (1975-‘79) dan toch in zijn bed gestorven? Velen hadden graag gezien dat hij voor de rechter verantwoording had afgelegd voor zijn schrikbewind, niet alleen uit oogpunt van gerechtigheid, maar ook om beter inzicht te krijgen in zijn beweegredenen en in de ideologie van de Rode Khmer, dat bizarre mengsel van stalinisme en nostalgie naar het twaalfde-eeuwse Angkor rijk.

Uit naam van die ideologie werd het land herschapen in een boerenstaat zonder steden, moderne infrastructuur of middenklasse. De grenzen werden gesloten, intellectuelen uitgeroeid en de bevolking verplicht tot dwangarbeid. Naar schatting een miljoen Cambodjanen kwamen om het leven door executie, mishandeling of uitputting.
Onder twintigste-eeuwse regimes zijn deze zaken geen uitzondering, maar de Rode Khmer hadden wel een andere primeur: zij waren de eerste revolutionairen die zich bewust afkeer den van de moderne wereld.
Een beter begrip van hun motieven en denkbeelden is van het grootste belang omdat Pol Pot c.s., evenals de meeste beulen en terroristen in deze eeuw, beslist geen psychopaten waren. Het waren in het Westen geschoolde intellectuelen met een weldoordacht ideaal en een moderne strategie. ‘Democratisch Kampuchea was geen poging tot auto-genocide door een groep idioten’, schrijft onderzoeker Roel Burgler: 'Het was een bewuste en rationele, doch zeer radicale poging om een klassenloze en niet door tegenstellingen verscheurde, moderne en onafhankelijke samenleving te scheppen’ (Jongman e.a., Contemporary Genocides).
Sindsdien waren er meer bloedige erupties van premoderne nostalgie. In 1979 verscheen ayatolla Khomeiny op het toneel, die Iran met geweld wilde terugvoeren naar het gouden tijdperk van de islam. Zijn regime werd ondersteund door westers opgeleide studenten, die hun academisch marxisme of liberalisme met groot gemak verruilden voor de shia. Een jaar later werd Peru opgeschrikt door de eerste wapenfeiten van Sendero Luminoso, een aan de universiteit van Ayacucho ontstane guerrillabeweging die marxisme en precolombiaanse mythen vermengt tot een al even moorddadige 'Inca-ideologie’. In 1984 werd Indira Gandhi vermoord door militante Sikhs, behorend tot een beweging van in Canada en de VS geschoolde intellectuelen die terugverlangden naar een theocratisch Rijk der Zuiverheid. En de lijst is naar believen uit te breiden.
Het is verleidelijk om zulke bewegingen af te doen als een terugval in de middeleeuwen, maar hun planmatige aanpak, propaganda en organisatievorm en vooral hun drang om schoon schip te maken onder verwijzing naar westerse filosofen, van Nietzsche tot Althusser, zijn bij uitstek modern. Wellicht hebben de leiders meer van onze meesterdenkers geleerd dan we willen erkennen. Was het niet Foucault die in zijn juichende artikelen over de Iraanse revolutie constateerde 'dat de revolutionaire droom in wezen een barbaarse droom is’?