Media

De politiek van het web

Het lijkt inmiddels alweer een eeuwigheid geleden, de kersttoespraak van koningin Beatrix van 2009 waarin ze zich uiterst somber uitliet over de groeiende afstandelijkheid in de samenleving, mede als gevolg van de moderne technologie.

Impliciet bracht ze daarbij een aantal nieuwe communicatievormen ter sprake, zoals sms (‘mensen communiceren via snelle korte boodschapjes’), sociale media ('lijken mensen wel dichter bij elkaar te brengen, maar ze blijven op “veilige” afstand, schuilgaand achter hun schermen’), discussiesites ('wij kunnen nu spreken zonder te voorschijn te komen, zonder zelf gezien te worden, anoniem’) en shockblogs in het bijzonder ('domweg, grofweg emoties uiten is makkelijk geworden; op spreken zonder respect wordt niemand meer afgerekend’).

De koningin werd overladen met kritiek: ze zou niet weten waarover ze sprak en geen oog hebben voor de weldadige effecten van de nieuwe media. Voor veel mensen is het web juist een verrijking van hun sociale leven, omdat het ongekende mogelijkheden biedt tot het aangaan en onderhouden van nieuwe en bestaande sociale contacten. En dan gaat het minder om dates via min of meer obscure sites dan om gewone vriendschappen en familierelaties. Anders gezegd: de nieuwe media zijn aanzienlijk socialer dan de oude, te beginnen met de televisie, waarachter heel wat mensen een leven in eenzaamheid slijten. Het web zet aan tot grotere activiteit en meer communicatie.

Het web bezit een ogenschijnlijk onuitputtelijke sociale potentie en wie zich wil wagen aan een serieuze, kritische analyse van het internet en zijn maatschappelijke gevolgen zal daar vandaan moeten vertrekken. Dat doet bijvoorbeeld de Amerikaanse politicologe Jodi Dean in haar onlangs verschenen boek Blog Theory: Feedback and Capture in the Circuits of Drive - de aantrekkingskracht van het web vormt hier het startpunt voor een politieke kritiek. Dean bevindt zich daarmee in goed gezelschap, want onder de critici van de huidige netwerkcultuur bevinden zich opvallend genoeg heel wat pioniers uit de jaren negentig, die hun hoge verwachtingen van het democratische en culturele potentieel van het web gefnuikt zien.

Blogs, sociale netwerken, Twitter, YouTube, ze draaien allemaal om 'affecten’, emoties, aldus Dean, en ze gebruikt daarbij een term van de Franse psychoanalyticus Lacan: jouissance, genot. De eindeloze cyclus van actie en reageren, commentaar geven, het uploaden van teksten en foto’s, het doorgeven van materiaal en links aan vrienden en volgers, in een onontwarbaar en gelaagd labyrint van communicatieplatformen, drijft op die emoties, aldus Dean. 'Iedere kleine tweet of reactie, iedere geforwarde foto of petitie, wordt tot een affectief goudklompje, een klein scheutje genot, een stukje aandacht dat zich daaraan hecht, waardoor ze even los komen van de grote stroom, voordat ze daarin weer verzinken.’

Deze 'affectieve netwerken’, zo vervolgt Dean, zijn in staat de gebruikers ervan in hun greep te houden. Sterker nog, hoe actiever mensen op het web zijn, des te meer raken ze verstrikt in deze 'circuits of drive’. Blogs, Twitter, social sites leiden tot eindeloze herhalingspatronen. Kort gezegd: terwijl we onze meningen, foto’s en filmpjes delen, zijn we tegelijk op zoek naar reacties, andere meningen of afbeeldingen, waar we vervolgens weer een antwoord op moeten geven, in een permanent zwellende stroom. En terwijl er geen centrale punten meer zijn waar deze uitwaaierende stromen samenkomen, blijven de mensen die de noodzakelijke vaardigheden niet bezitten stemloos en onzichtbaar.

Vanuit de karakterisering van netwerken als 'circuits of drive’ komt Blog Theory, waar het gaat om de economische en politieke impact ervan, tot weinig vrolijke conclusies. De idee van sociale communicatie als een eindeloze en grotendeels ongerichte herhalingen van handelingen, gericht op de bevrediging van een verlangen naar opwinding, staat haaks op de vroegere idealen van het web als een potentiële bron van bevrijdende, democratische kracht. De tendens is eerder tegengesteld: de praktijk getuigt van een vergaande onderwerping aan een nieuwe kapitalistische orde, door Dean aangeduid als communicative capitalism.

Of men Deans pessimisme nu deelt of niet, de winst van Blog Theory - een behoorlijk abstract werk in de traditie van de kritische theorie - is dat het allerlei geaccepteerde ideeën over het kritisch potentieel van het web serieus ter discussie stelt. De subversieve rol van sociale media in autoritaire samenlevingen, die de laatste maand zoveel aandacht heeft gekregen, kan toch niet verhullen dat het internet de hoge verwachtingen niet heeft waargemaakt: niet alleen heeft het web zich voor alles ontwikkeld tot een zaak, beheerst door enorme financiële belangen, waarin vriendschap en sociaal verkeer te gelde worden gemaakt, ook als het gaat om het democratische potentieel is de opbrengst tot op heden niet anders dan teleurstellend te noemen.