McSweeney’s # 17

De post

McSweeney’s # 17
Importeur Penguin

Dat literaire boeken verdwijnen in de boekenkast en net zo goed na lezing van de hand gedaan kunnen worden, is onzin. Het beeld van de inhoud van die boeken daar in de kast zit nu ergens op een plek in het hoofd, die middels onzichtbare lijnen verbonden is met die ene plek daar in de boekenkast. Weersta ook dit voorjaar partners met opruimdrift!
Des te spannender wanneer een literair tijdschrift verschijnt in de vorm van een toegezonden pakket losse brieven, reclamefolders en andere parafernalia. Geheel ongeschikt voor de boekenkast en bokke-irritant om te bewaren. McSweeney’s. In de Verenigde Staten is nummer 19 uit, maar nummer 17 ligt via distributeur Penguin in de Nederlandse winkels. Misschien waren de pakketten vals bezorgd bij de buren, want deze aflevering ziet er dus uit als een dikke bundel post, precies zo een als bij ons thuis op de mat zou kunnen ploffen.
Treffen wij, gericht aan ene Maria Vasquez, aan: een reclamefolder van kledingmerk Pantalain vol broeken, jassen, truien en riemen die aan elkaar verbonden zijn en door meer mensen tegelijk gedragen moeten worden. Het geheel wordt vergezeld van een grote kartonnen Citizen’s Insertable Swiftness Manifest gericht aan Dear Luggage Inspector, met een door de reiziger aan te kruisen opsomming gerubriceerd in onder meer THIS BAG CONTAINS, DO NOT BE ALARMED BY en THIS BAG WAS PACKED BY (waaronder de keuzemogelijkheid: My mother, who is easily distracted). Verder: een envelop vol kunstreproducties, een folder van een bedrijf dat kerstpakketten en andere cadeaumanden verkoopt en omdat bij McSweeney’s deel van de grap en ironie is dat alles zo bloedserieus genomen wordt en tot in den treure volgehouden dat de ironie uiteindelijk afgemat de hoek in kruipt, zitten er ook brieven bij. Het zijn absurde juridische documenten met foto’s van vissen en rode auto’s en het favoriete verhaal van een Indiase weduwe.
Mevrouw Vasquez is ook geabonneerd op Unfamiliair, A Twice-Monthly Magazine for Different Fiction, met inderdaad enkele rare vertelpogingen, die mooi zijn maar wel heel kort. Net als je begint te vermoeden dat ze allemaal met elkaar te maken hebben en van een en dezelfde schrijver komen, is er een comic – ja, zo heet dat – over twee Amerikanen die tevergeefs een nucleaire installatie in Irak als vrijwillig menselijk schild pogen te beschermen.
McSweeney’s zoekt de randen op van de literatuur en doet dat nu eens niet via internet, sms of e-mail. Dat levert een feest voor vormgevers en absurdisten op. Heerlijk, hoewel je soms de neiging krijgt te schreeuwen: ja, nu weten we de grap wel. Bijvoorbeeld bij het doorbladeren van de Yeti Researcher; the magazine for the Society for Cryptic Hominid Investigation. Een niet van echt te onderscheiden parodie met discussies, reportages, tips, advertenties en annonces.
Spelen is leuk, een zekere noodzaak ook.