Profiel: De opkomst van Elizabeth Warren

De prairie-kandidaat

Elizabeth Warren is de nieuwe hoop van progressief Amerika. Ze heeft plannen, véél plannen, om het kapitalisme te temmen. Kan ze daarmee president worden?

Elizabeth Waren in Iowa City, 19 september © Joshua Lott / Getty Images

Op een warme en vochtige septembernamiddag klopt senator Elizabeth Warren aan bij een woonwagen op het Golfview Mobile Home Park in North Liberty, Iowa. Ingeklemd tussen twee snelwegen, overstroomd toen de Iowa River vorig jaar buiten zijn oevers trad en opgeschud door plotselinge huurverhogingen, is dit een stukje Amerika dat kampt met een disproportionele hoeveelheid tegenslag. Golfview is ook het type plek dat sinds een paar jaar nieuwe politieke belangstelling geniet. Het verloren vertrouwen van de laagopgeleide witte kiezer moet teruggewonnen worden willen de Democraten in 2020 het Witte Huis winnen. En dat brengt Elizabeth Warren, in de race om presidentskandidaat te worden namens de Democraten, vandaag hier.

Het bezoek aan Golfview volgt op een brief die Warren dit voorjaar schreef aan het private equity-fonds dat het woonwagenpark opkocht en daarna de huur verdubbelde. Warren waarschuwde voor ‘roofzuchtige huurpraktijken’ op een markt waar de kleinste inkomens het van moeten hebben. 22 miljoen Amerikanen wonen in een woonwagen, schreef Warren, een groep die ‘kwetsbaar is voor uitbuiting’.

Terwijl Warren een van de kaarsrechte straten van Golfview (dat, inderdaad, uitkijkt op een golfbaan) oversteekt, schudt ze haar hoofd. ‘Ze komen parken zoals dit binnen met een stofzuiger en kijken hoeveel geld ze kunnen opzuigen’, zegt ze, met een accent dat is meegereisd vanuit haar geboortegrond. Als Warren spreekt, zijn moeders ‘mah-ma’s’ en vaders ‘pah-pa’s’. In haar zinnen zit een hoop ‘y’all’, ‘darn’ en ‘by golly’. Warren is een ‘okie’, oftewel afkomstig uit Oklahoma. ‘Okies’, dat zijn de Joads uit Steinbecks The Grapes of Wrath, verarmde plattelanders die weinig hoogachting genieten. Warren, die hoogleraar was op Harvard voordat ze de politiek inging, heeft de term als geuzentitel op haar Twitterprofiel staan.

Elizabeth Warren, met haar smalle schouders, haar dictie waarbij het lijkt alsof ze steeds een beetje adem tekortkomt en haar montuurloze brillenglazen, is een verschijning die geruststellende registers vult. Ze is de schooljuf die je naam onthouden heeft, de professor die een inspirerend college hield, de vrouw met een batterij die ook op zeventigjarige leeftijd altijd opgeladen lijkt. Van al die rollen is ‘mogelijke president van de Verenigde Staten’ misschien het minst voor de hand liggend. Haar voorgangers en huidige concurrenten hebben allemaal een zwaar politiek stempel: Hillary Clinton: de achternaam zegt genoeg. Joe Biden: liep al rond in Washington voordat driekwart van het huidige electoraat geboren was. Bernie Sanders: pleitbezorger van de meest politieke daad denkbaar, ‘revolutie’.

Warren loopt pas sinds 2012 rond in het Capitool. Ze heeft daarmee een historisch patroon mee: vrijwel iedere Democraat die ooit president werd, was een vers gezicht en stak de gevestigde kandidaten de loef af.

‘I have already lived my dream’, zegt Warren in haar stump speech, het standaardverhaal dat ze voor ieder nieuw publiek afsteekt. Daarin vertelt ze dat ze als kind docent wilde worden maar op negentienjarige leeftijd zwanger werd en daarom haar opleiding moest staken. Via goedkoop afstandsonderwijs haalde ze later alsnog haar onderwijskwalificatie. Daarna volgde een wetenschappelijke loopbaan die haar uiteindelijk naar Harvard bracht. De nadruk die Warren legt op haar jaren als special needs teacher is zwaar vergeleken bij de lengte van haar academische carrière, maar haar biografie geeft voldoende basis aan wat Warren, zoals iedere politicus, claimt: dat ze het niet voor zichzelf doet, maar voor de mensen, het land, de toekomst.

Maar nieuwigheid is niet de voornaamste reden waarom Warren op dit moment de meest besproken naam in het Amerikaanse politieke circus is – na die van Trump, uiteraard. Warren is de media-lieveling geworden. Sinds de bekendmaking van haar kandidatuur vertonen haar peilingen een constant stijgende lijn. De Working Families Party, die in 2016 achter Sanders stond, is overgestapt op Warren. In sommige peilingen staat ze inmiddels op plek één. En dat dwingt een vraag af: wat verklaart de sensationele opkomst van Elizabeth Warren?

Gevoel speelt een rol. In een tijdsgewricht waarin ‘fake’ de pasmunt van het debat is – van fake news tot speculatie over Trumps bizarre gelaatskleur – doet Warren geruststellend echt aan. Haar voornaamste kras is een claim uit verleden dat ze native American voorouders heeft. Uitgedaagd door Trump deed ze een dna-test waaruit bleek dat dat niet het geval was, en ze bood haar verontschuldigingen aan. Trump, die beloofde een miljoen aan het goede doel te geven als Warren een test deed, moet zijn belofte nog nakomen.

Ook haar politieke agenda spreekt aan, vooral vanwege de volledigheid. Ze stelde gedetailleerde plannen op voor meer betaalbare woningen en om monopolievorming in allerlei economische sectoren tegen te gaan, de tech-industrie voorop (onlangs lekte een video uit van Mark Zuckerberg waarin hij zei de strijd aan te gaan zullen met president Warren). Kort voor het bekendmaken van haar kandidatuur diende ze een wetsvoorstel in voor ‘accountable capitalism’. Het ging om een plan dat bedrijven verplicht voorbij de belangen van alleen aandeelhouders te denken en de directiekamer open te zetten voor door het personeel gekozen bestuurders. ‘I have a plan for that’ is Warrens slagzin geworden. ‘She has a plan’, echoën Warrens supporters als je vraagt waar hun enthousiasme vandaan komt.

Warrens boodschap rust op de simpele premisse dat Washington te veel wordt gestuurd door bedrijfsdollars en te weinig door een moreel kompas

Warrens boodschap rust op de simpele premisse dat Washington te veel wordt gestuurd door bedrijfsdollars en te weinig door een moreel kompas. ‘Wat er ook wordt besloten in Washington, je kunt ervan uitgaan dat de uitkomst is beïnvloed door geld, gesmeerd is door geld, gestuurd is door geld’, zei Warren tijdens een rally die ze hield op Iowa State University eind september. Warren stond op het podium in haar campagne-outfit: zwarte broek, platte schoenen en een vest van merinowol in een zachte kleur.

‘Ik heb goed nieuws en slecht nieuws’, vervolgde ze. ‘Het goede nieuws is dat ik het grootste anti-corruptieplan heb sinds Watergate. Het slechte nieuws is dat we het grootste anti-corruptieplan sinds Watergate nodig hebben.’ Warrens plan, ongeveer anderhalf keer zo lang als dit artikel, betekent onder andere het voorgoed sluiten van bedrijfslobby’s en van de ‘draaideur’ tussen Wall Street en Washington. Ook wil ze dat iedere gekozen functionaris verplicht wordt om zijn of haar belastinggegevens openbaar te maken.

Misschien is dit een goed moment om mijn fascinatie voor Warren te bekennen. Ik ben geïntrigeerd door hoe Warren, zonder meer de voorkeurskandidaat van universitair gediplomeerd liberal Amerika, probeert folksy te zijn – of dat is gebleven – en dat bewust inzet in haar campagne (‘Ik pak de popcorn’ is de eerste zin van haar politieke autobiografie). Ik ben benieuwd of dit imago tot aan de Democratische conferentie in juli (en mogelijk ook daarna) een zuiver duet kan aangaan met haar door beleidsstukken gedreven campagne.

En het valt me op hoe Warren stilletjes het uitgangspunt is geworden in besloten zaaltjes in Washington en in de gezaghebbende kranten. De Financial Times bestempelde haar alvast tot winnaar van de impeachment-kwestie. Trump én Biden komen hieruit naar voren als gecompromitteerde figuren, die onderdeel zijn van dezelfde mondiale elite, vond FT-commentator Edward Luce. Of die elite nu torens wil bouwen in Moskou of kinderen heeft die lucratieve contracten binnenslepen in Oekraïne maakt niet zoveel uit. Warren is kort genoeg politicus om niet te zijn besmeurd door ‘the swamp’.

Er zijn ook redenen uit het verleden die Warren richting het licht der belangstelling duwen. Voordat ze de politiek inging, deed Warren onderzoek naar hoe beroerd de huishoudboekjes van Amerikaanse gezinnen ervoor stonden. ‘Het is in de VS niet mogelijk om een broodrooster te kopen met een kans van 1 op de 5 dat het in de brand vliegt en een huis in de as legt’, schreef Warren in een artikel uit 2007. ‘Maar je kunt wel een hypotheek oversluiten met een kans van 1 op de 5 dat het gezin op straat komt te staan, zonder dat de huiseigenaar van de risico’s op de hoogte is gesteld.’ De titel van Warrens artikel was ‘Unsafe at Any Rate’, een knipoog naar Unsafe at Any Speed, het boek waarmee consumentenactivist Ralph Nader in de jaren zestig wanpraktijken in de auto-industrie aankaartte. Net zoals de autofabrikanten veiligheidsregels omzeilden totdat de overheid ingreep, moet nu de financiële sector aan banden worden gelegd, meent Warren.

Dat Warren met reden alarm sloeg over de financiële fragiliteit van de Amerikaanse middenklasse, werd bewezen toen de crisis van 2007 uitbrak. De Amerikaanse economie bleek een grimmig spel te zijn van creditcardschulden, stagnerend loon en onderwaterhypotheken. Het zette Warren aan tot een campagne om het Consumer Financial Protection Bureau op te richten, een overheidsorgaan dat miljarden terugvorderde voor gedupeerde bankklanten en met regels kwam om consumenten te beschermen tegen roofzuchtige financiële producten. Warren wilde zelf directeur worden, maar Obama passeerde haar uit vrees dat ze te veel weerstand opriep, zowel bij Republikeinen als bij het contingent Democraten dat ondanks de financiële catastrofe niet de noodzaak inzag van consumentenbescherming. Kort daarna stelde ze zich verkiesbaar als senator en won haar zetel in Massachusetts van een Republikein. Het cfpb bleef zijn werk doen tot Trump president werd en het budget van de waakhond tot nul reduceerde.

De verbinding met het economische breekpunt van tien jaar geleden is volgens mij de verborgen reden waarom Warren het goed doet. Politiek succes hangt voor een groot deel af van de vraag of een kandidaat een uitdrukking is van een veranderde tijdgeest. Obama was dat, als symbool voor een Amerika dat rassenongelijkheid probeert te overwinnen. Trump is dat, als uiting van ergernis over liberale zelfgenoegzaamheid. Het is onmogelijk om Amerika, een land waarin idealen en belangen zo breed uiteenlopen, samen te vatten met één politicus, maar veel van de maatschappelijke discussies uit het crisisdecennium komen samen in Elizabeth Warren. Ze is het resultaat van leven in een samenleving die is gemarineerd in Thomas Piketty, die verontwaardigd is over de Panama Papers en vindt dat banken te makkelijk wegkwamen met oplichtingspraktijken. De vervolgvraag is of ze de vastgelopen middenklasse zélf ook voor zich weet te winnen of dat de kans om politiek garen te spinnen uit de post-crisisjaren is ondergesneeuwd door identiteitspolitiek, migratievrees en Make America Great Again-retoriek.

‘Op dit moment is Warren de kandidaat om mee te winnen, Biden is de kandidaat om mee te verliezen’, zei een Forbes 400-miljardair met wie ik onlangs de Democratische voorverkiezingen besprak. Als Warren zich aan haar principes houdt, is de kans klein dat ze deze woorden zelf te horen krijgt van mijn gesprekspartner, althans niet in een bijeenkomst waar ook geld over tafel gaat. Warren heeft toegezegd geen besloten fundraisers te houden met rijke donateurs. Ze is onderdeel van een klein groepje presidentskandidaten dat geen geld aanneemt van het bedrijfsleven of van political actions committees.

Hoe dan ook is Warren niet vriendelijk voor grote vermogens, althans niet voor de allergrootste. Ze wil dat elk vermogen boven een bedrag van vijftig miljoen met twee procent wordt belast. 99,9 procent van Amerika hoeft zich daar geen zorgen over te maken, maar de 0,01 procent die hierdoor geraakt wordt is al aan het morren. Warren zegt dat haar vermogensbelasting, die in tien jaar 2750 miljard dollar moet ophalen, voldoende is om het grootste deel van haar plannen te dekken: gratis voorschoolse opvang, gratis gezondheidszorg voor kinderen, gratis publiek hoger onderwijs en kwijtschelding van vijftienhonderd miljard aan studieschulden die Amerikanen gezamenlijk hebben (meer dan alle hypotheken en autoleningen bij elkaar).

Warren wil dat elk vermogen boven een bedrag van vijftig miljoen met twee procent wordt belast. De 0,01 procent die hierdoor geraakt wordt is al aan het morren

Nieuwszendercnbcciteerde anonieme miljardairs die zeiden de hand op de knip te zullen houden of Trump te zullen steunen mocht Warren de nominatie krijgen. ‘Wall Street executives fearful of Warren presidency’, kopte cnbc. Warren tweette een link naar het bericht met de woorden: ‘I am Elizabeth Warren and I approve this message’.

Wat Warren redt, zijn haar geloofspapieren als kapitalist. Haar plannen zijn een vorm van ingebed kapitalisme: een vrije markt onderworpen aan strakke spelregels. ‘Competitie. Ik ben dol op competitie’, zei Warren in een interview met The Atlantic. In een land waar je politiek munt kunt slaan uit de angst voor socialisme zijn dat geruststellendere woorden dan ‘Are you ready for a revolution?’ van Democratisch socialist Bernie Sanders.

Tijdens de Warren-rallies die ik bijwoonde, waar ze sprak over haar belastingplannen en klimaatmaatregelen, keek ik naar het publiek. Ik vroeg me af in hoeverre Warrens plannen van deze achterban ook echt offers zouden vragen. Gaandeweg begon het me te dagen dat ook Warren een comfortabele keuze is. Warrens klimaatplannen zijn gericht op de fossiele industrie, de autoindustrie en de bouw. Ze kan haar zin krijgen zonder dat het aanpassingen vraagt van de rundvlees etende, auto rijdende Amerikaan, iets wat van pas komt als ze straks de great plains waar ze werd geboren moet overtuigen.

Op de weg die voor haar ligt heeft Warren twee flanken tegelijk af te schermen: aan de ene kant zitten de linkse kiezers, die meer willen dan twee cent per dollar afsnoepen van de 75.000 rijkste gezinnen. Aan de andere kant bevinden zich de centristen die geen afstand willen doen van vrijemarktdogma’s. Maar misschien zit Warren precies goed. De norm onder de Amerikaanse kiezer is de afgelopen tijd behoorlijk naar links opgeschoven. 76 procent van Amerika is voorstander van hogere belastingen. En ook Warrens gehamer op de macht van grote bedrijven als oorzaak van alle problemen, zit dieper in Amerika’s politieke dna dan je op het eerste gezicht zou zeggen.

Elizabeth Waren ontmoet haar aanhangers tijdens de Democratische partijconventie in New Hampshire, 7 september © Gretchen Ertl / Reuters / ANP

Warrens voorganger is Mary Elizabeth Lease, die eind negentiende eeuw een beweging op de been bracht met vurige speeches waarin ze sprak over een complot tegen Amerika, gesmeed door de federale overheid en de grote bedrijven van die tijd; de spoorwegmaatschappijen, staalfirma’s en banken die Washington naar hun pijpen deden dansen. Lease kwam in 1850 als jonge moeder terecht in Kansas. Haar gezin ging failliet tijdens de nasleep van de financiële crisis van 1873 omdat ze leningen voor land en gereedschap niet meer kon betalen, een lot dat veel Amerikanen op de zuidelijke vlakten trof. Binnen tien jaar kregen banken negentig procent van de landbouwgrond in bezit omdat ze het als onderpand voor hypotheken opeisten. Dit zette aan tot een vorm van politiek die ‘populism from the plains’ werd gedoopt, gevat in een slogan die aan Lease werd toegeschreven: ‘Raise more hell and less corn’.

Mary E. Lease wist die economische verdrukking om te zetten in een politieke beweging die werd gedreven door woede over ‘money power’. Ze werd lid van de People’s Party, die zich verzette tegen monopolievorming en in 1884 een voorstel deed dat leek op wat Warren nu wil: twee procent belasting op alle inkomens boven de vierduizend dollar. ‘Populisme deed zijn intrede in de Amerikaanse politiek aan het einde van negentiende eeuw en is nooit meer vertrokken’, schrijft historicus Jill Lepore in These Truths: A History of the United States.

Zoals altijd rijmt de geschiedenis slechts gedeeltelijk. Lease en de People’s Party combineerden hun economische agenda met expliciet antisemitisme en racisme, iets wat bij Warren afwezig is, net als een nadruk op een zuiver volk tegenover over een corrupte elite. Warrens ‘hellraising’ is eerder gericht op een systeem dat nieuwe regels nodig heeft, en niet zozeer op personen (met als belangrijke uitzondering de zittende president, wiens impeachment Warren als een van de eerste Democratische kandidaten eiste). Maar verder is de parallel tussen Lease en Warren opmerkelijk. Lease trad naar voren ‘in een tijd dat veel Amerikanen worstelden om hun schulden te betalen’, schrijft Lepore in haar boek, waarin ze deze vrouw uit Kansas neerzet als een van de eersten die een ‘typisch vrouwelijke politieke stijl introduceerde: de morele kruistocht’. Ook Warren kijkt naar de wereld en ziet een ontspoorde schuldeneconomie. En ze wil een grassroots movement bouwen. Het is moeilijk om daar iets anders in te zien dan een hedendaagse morele kruistocht, gericht tegen een economie waarin een kleine bovenlaag zich een disproportioneel aandeel van de vruchten toe-eigent.

In het Golfview Mobile Home Park ging Warren een van de uit witte golfplaat opgetrokken woonwagens binnen die daar in slagorde staan opgesteld. De pers mocht hier geen luistervink spelen, maar het is te raden met welk verhaal in haar hoofd Warren daar naar binnenstapte. Het zijn de anekdotes die ze heeft opgetekend in haar biografie This Fight Is Our Fight: The Battle to Save America’s Middle Class. Toen Warren twaalf was, kreeg haar vader een hartaanval. Hij had zijn gezin weten te onderhouden met kleine handel in verf, auto-onderdelen en andere gebruiksgoederen die het leven van small town America draaiende houden. De familie moest de stationwagon verkopen: het verlies van een statussymbool. Door de deur van haar slaapkamer heen hoorde Warren haar moeder een zin tegen zichzelf herhalen als een mantra: ‘We will not lose this house, we will not lose this house.’

Wil Warren winnen dan moet ze zwarte Amerikanen ervan overtuigen dat ze volhardt namens mensen buiten haar eigen demografie

Ik heb Warren dit verhaal ettelijke malen horen vertellen, op politieke bijeenkomsten groot en klein. Het zit dramaturgisch zo in elkaar dat het een voorbode vormt voor haar kandidatuur als hervormingsgezinde vrouwelijke president van gewone komaf. Warren vertelt over de financiële zorgen die de stemming in het gezin drukten. Over haar drie broers die het leger ingingen. En over de dag dat haar moeder de jurk aantrok die alleen uit de kast kwam voor feesten en begrafenissen, en solliciteerde op een baan als telefoniste bij een warenhuis. Ze verdiende het minimumloon, en kon daarmee het gezin onderhouden. ‘Nu is het minimumloon niet voldoende voor een moeder en kind om boven de armoedegrens uit te komen – and that is wrong’, is er nog een uit Warrens vaste repertoire.

Terwijl Warren achter de voordeur met een van de bewoners van Golfview sprak, raakte ik aan de praat met Jenny, een vrouw van halverwege de vijftig die een schoonmaakbedrijfje heeft. Ze vertelde dat ze bij haar moeder was ingetrokken nadat de huur van haar woonwagen was verdubbeld. ‘Veel mensen hier doen dit om kosten te besparen’, vertelde ze. Hoewel de verkiezingen in Iowa pas in februari plaatsvinden, had ze haar keuze gemaakt. ‘Het wordt Warren voor mij. Ze heeft de kracht om het op te nemen voor ons, the little people.’ Jenny bleef wachten tot Warren naar buiten kwam om met haar op de foto te gaan.

Waarschijnlijk was dit de kortste rij die Warren tijdens haar hele verdere campagne zal meemaken. ‘En als we klaar zijn, doen we selfies’, roept Warren aan het begin van iedere bijeenkomst, alsof het spontaan in haar opkomt. Tot nu toe is ze met iedereen die wil op de foto gegaan. Het is lopendebandwerk: er staan twee medewerkers klaar om telefoons aan te nemen, Warren wisselt twee zinnen met de eigenaar van het toestel, glimlacht, en de volgende dient zich aan.

Dat Warren zich mogelijk een probleem op de hals haalt met haar selfie-belofte, werd duidelijk op woensdag 18 september. Die avond hield ze een speech in New York die twintigduizend bezoekers trok, meer dan twee keer zoveel als verwacht. De selfie-rij stond er tot na middernacht. Bezoekers bestelden pizza’s terwijl ze stonden te wachten, anderen gingen naar huis om te eten en schoven later weer aan in de rij. Deze bijeenkomst droeg bij aan de legendarische status die Warren-rallies hebben gekregen. The Daily, de podcast van The New York Times, besteedde een hele aflevering aan het fenomeen.

Luister naar De Groene

In De Groene Amsterdammer Podcast interviewt Kees van den Bosch Casper Thomas over de kansen van Elizabeth Warren. Kan ze haar beweging breder maken en de volgende president worden?
Onze podcast is elke vrijdagochtend gratis beschikbaar via groene.nl/podcasts en via de andere bekende podcastkanalen

Inderdaad is de Warren-massa vrolijk roerig en zijn de rijen indrukwekkend, maar het zijn de subtiele signalen die inzicht geven in hoe de Warren-campagne verder zou kunnen verlopen. Meestal is ook Warrens zoon Alex aanwezig, die een plek aan de rand van de menigte kiest. Warren bedankt hem voor hoe hij haar vroeger hielp met het opstarten van haar computer, en voor hoe hij haar nu steunt tijdens haar presidentsrace. Alex Warren is een stevige veertiger met een IT-bedrijf, en hij staat er goeiig bij. Vergelijk dit met Warrens grootste rivaal, Joe Biden, wiens ene zoon omkwam aan een hersentumor en wiens campagne wordt overschaduwd door zijn andere zoon, Hunter Biden. Hunter heeft een breed uitgemeten verleden van drugsgebruik en mislukte huwelijken en speelt een hoofdrol in de impeachment-onderzoeken, vanwege het duurbetaalde werk dat hij deed voor een Oekraïens gasbedrijf toen zijn vader vicepresident was. Warren kan een ‘werkende-moeder-brave-zoon-verhaal’ vertellen, als contrast met de tragische en getroebleerde familiegeschiedenis van de Bidens.

De bijeenkomst in New York markeerde een doorbraak in de Warren-campagne. In Washington Square Park stond Warren onder de marmeren triomfboog die daar in 1892 ter ere van George Washington was neergezet, honderd jaar na diens inauguratie. Langs de gevel hingen twee lange spandoeken met daarop haar achternaam. Het was de meest onbescheiden presentatie van Warren tot nu toe. Meestal is haar opzet sober: een podium met een kruk en daarop een glas water, en een Amerikaanse vlag van een paar vierkante meter als achtergrond – eerder het minimalistische decor van een Eugene O’Neill-toneelstuk dan een platform voor een potentiële leider van de machtigste democratie ter wereld. In Washington Square Park plakte ze, simpel gezegd, haar naam over niemand minder dan de eerste Amerikaanse president.

Warren speelde de onschuld tegen dit decor dat stijf stond van de symboliek. ‘We zijn hier vandaag niet vanwege beroemde mannen’, zei ze. Het waren woorden waarin de echo doorklonk van Mary E. Lease, die zei: ‘Man is man. Woman is superman.’ ‘Sterker nog, we zijn hier hoe dan ook niet vanwege mannen. We zijn hier vanwege een paar hardwerkende vrouwen’, sprak Warren. Fox News hapte en opende die avond met: ‘Warren voert oorlog tegen mannen’, waarmee ze gebruik maakte van een wet in de Amerikaanse politiek die Trump goed kent: laat het andere kamp ontvlammen in morele verontwaardiging en doe daar je voordeel mee.

Warren is zonder meer de meest expliciet feministische kandidaat die dingt naar de nominatie. Ze spreekt over wat een president kan doen ‘all by herself’, en ze stopt subtiele boodschappen in de omlijsting van haar campagne, zoals het draaien van het nummer ‘Like a Girl’ van Lizzo: ‘Woke up feelin’ like I just might run for president, even if there ain’t no precedent.’

Warren slaagt erin handig gebruik te maken van wat haar min of meer toevallig wordt aangereikt. Onlangs beschuldigden rechtse samenzweerders haar van een affaire met een veel jongere man. Warren tweette daarop de mascotte van de universiteit waar ze haar onderwijzerskwalificatie had gehaald, een cougar. Toen Senaatsleider Mitch McConnell eens een obscure procedurele regel gebruikte om haar de mond te snoeren, mopperde hij: ‘Ze brak de regels. Ze was gewaarschuwd. Ze kreeg een verklaring. Nevertheless, she persisted.’ Nadat Warren haar kandidatuur had bekendgemaakt bleek dat McConnell haar de ideale slogan cadeau had gedaan. ‘Nevertheless, she persisted’ is Warrens variant op ‘Yes, we can’ geworden.

Het verschil tussen die twee formuleringen legt bloot waar Warrens allergrootste zwakke plek zit, iets wat ook zichtbaar is in de witte opkomst bij haar rallies. De Warren-massa is voorlopig nog een uitsnede van Amerika. Dat ze hoogopgeleide witte kiezers aanspreekt met ‘verantwoord kapitalisme’ is duidelijk (hoe hoger de opleiding, hoe groter het percentage Democratische stemmers dat Warren als voorkeurskandidaat heeft, zo blijkt uit onderzoek). Of Warren ook de Afro-Amerikaanse kiezer voor zich kan winnen is een open vraag. In een recente peiling van het Pew Research Center bleek dat Biden de nummer één was voor 29 procent van de zwarte Amerikanen. Warren scoorde 4 procent. Biden profiteert hier van zijn lange staat van dienst en van zijn tijd aan de zijde van Obama. Wil Warren winnen dan moet zij, eventueel met hulp van een geschikte running mate, een onmisbaar deel van het electoraat ervan overtuigen dat ze volhardt namens mensen buiten haar eigen demografie.

Het duurt nog vier maanden voordat Iowa naar de stembus gaat, de eerste staat in de voorverkiezingen. Daarna duurt het nog zes maanden voordat de Democraten hun definitieve keuze maken op de partijconferentie die wordt gehouden in Wisconsin. Daarmee heeft Sanders nog alle gelegenheid om Warren links in te halen. En negen maanden is genoeg tijd voor kandidaten die nu onder aan de peilingen bungelen om bij te trekken. In Iowa verliest Biden op dit moment ruim van Warren. De vrees van team-Biden is dat zonder een harde eerste klap zijn imago als onvermijdelijke uitdager van Trump rap zal afbladderen. Kiest Iowa voor Warren, zo verwachten de meeste commentatoren, dan wordt ze waarschijnlijk de gedoodverfde nummer één.

Warren lijkt intussen vooral een race tegen zichzelf te lopen, deels uit eigen keuze. Op de kritiek of ze wel ‘verkiesbaar’ genoeg is tegenover Trump weigert ze in te gaan, anders dan met de uitspraak dat het verkeerd is om een kandidaat te kiezen uit angst voor een tegenstander. De peilingen heeft Warren inmiddels aan haar zijde. Van alle kandidaten heeft zij momenteel de ruimste voorsprong op Trump. De vraag rest of ze genoeg selfies kan nemen en op genoeg deuren kan kloppen om haar beweging breder te maken. En dat gebeurt alleen als kiezers zichzelf weerspiegeld zien in het verhaal dat Warren over zichzelf vertelt: vanuit de prairie met een lange omweg via Cambridge, Massachusetts naar Washington om daar Amerika’s middenklasse een kussen onder het wankele bestaan te schuiven.