De prozac politie

Vorige week begon in Kentucky een proces rond ‘s werelds populairste antidepressivum, Prozac. Een heksenjacht, zegt Peter Kramer, auteur van 'Listening to Prozac’. Hij was deze week in Nederland. Een gesprek met ‘Doctor Strangedrug’.

OP 14 SEPTEMBER 1989 liep de 47-jarige Joseph Wesbecker met een AK-47 machinegeweer binnen bij zijn oude werkgever, de Standard Gravure-drukkerij van Louisville, Kentucky, en begon om zich heen te schieten. Acht mensen stierven en twaalf raakten gewond bij de aanslag van hun net ontslagen collega, die direct na het bloedbad de hand aan zichzelf sloeg.
In Wesbeckers bloed werden sporen gevonden van elf soorten medicijnen en drugs, waaronder Prozac. Dit nu is reden voor de nabestaanden van de aanslag een rechtszaak aan te spannen waarin Prozac-producent Eli Lilly voor in totaal vijftig miljoen dollar aan schadevergoedingen wordt aangeslagen. Volgens de drieentwintig eisers is Prozac - met acht miljoen gebruikers in alleen al de Verenigde Staten verreweg het populairste antidepressivum ter wereld - de voornaamste oorzaak van de tragedie.
De producent verweert zich met hand en tand. Eli Lilly wijst er in de verdediging onder meer op dat Wesbeckers al over het motief en het moordwapen beschikte voordat hij, een maand voor zijn kamikaze-actie, Prozac begon te slikken. Verleden week donderdag begon de eerste ronde hoorzittingen in dit proces, dat zich naar verwachting maanden zal voortslepen.
‘MET DE AMERIKAANSE rechtspraak weet je het nooit zeker, maar volgens mij krijgt de aanklager hier een heel zwaar karwei aan’, zegt Peter D. Kramer. 'Wesbecker was een wandelende bom die op uitbarsten stond. Zijn psychiaters hebben in zijn geval alles gebruikt wat ze konden gebruiken. Je zal dan als aanklager van erg goeden huize moeten komen om aannemelijk te maken dat de schietpartij aan Prozac-gebruik te wijten is.’
Volgens Kramer is de rechtszaak in Louisville de zoveelste ronde in de heksenjacht die de laatste jaren tegen Prozac en aanverwante antidepressiva is losgebarsten. Als praktizerend psychiater en docent aan de Brown University was hij zelf een van de eersten om de zegeningen van Prozac en andere selectieve serotonine-heropnameremmers te bejubelen (in de Verenigde Staten verkocht zijn Listening to Prozac meer dan een half miljoen exemplaren), zodat hij ook als voornaamste kop van Jut fungeerde toen na alle euforische verhalen een meedogenloze publicitaire reactie inzette. Het weekblad Newsweek doopte hem tot 'Doctor Strangedrug’ en de Scientology Church, de sekte van wijlen L. Ron Hubbard, die altijd wel vaart bij paranoide onderstromen in de Amerikaanse samenleving, organiseerde regelmatig menselijke blokkades op de lokaties waar Kramer zijn lezingen gaf.
'ER IS IN DE Verenigde Staten sprake van een bijna middeleeuwse angst voor nieuwe vindingen, waarbij de wereldomspannende complottheorieen je om de oren vliegen’, constateert Kramer droogjes. 'Waarschijnlijk moet je dat zien als het tegenwicht voor een al even kritiekloos enthousiasme voor de psychofarmacie. Misschien is het de enige manier om de zaken enigszins in balans te houden. Met de hervormingen in de Amerikaanse gezondheidszorg die de regering-Clinton wil doorvoeren, bestaat er onmiskenbaar een neiging om alles zo goedkoop mogelijk, dus met pillen en capsules, te willen oplossen. Je ziet bijvoorbeeld dat het belang van psychoanalyse en counseling totaal wordt ondergewaardeerd, dat het instant-resultaat met middelen als Prozac al voldoende wordt geacht. Dan heb je iets concreets, lijkt de gedachte. Ik heb altijd verkondigd dat Prozac-behandelingen niet geheel in de plaats mogen komen van de klassieke gesprekken van de psychiater met zijn patienten, dat er altijd een koppeling moet zijn. Maar dat is een weinig populair standpunt dezer dagen.
De Clinton-regering ziet geen kans verbetering te brengen in de gezondheidszorg. De kans dat een arme zwarte vrouw in de Verenigde Staten ooit in haar leven een psychiater ziet, is nog steeds uiterst miniem. Maar ook aan het Prozac-gebruik zitten grenzen. Ik denk dat die weg nu wel zo'n beetje uitgelopen is. De bestrijding van depressies etcetera komt met behulp van de neurostransmitters op dit moment niet veel verder. De beperkingen worden steeds zichtbaarder. Er zullen nieuwe wegen moeten worden ingeslagen, nieuwe modellen ontwikkeld. Je moet dan denken aan technieken als celklonen, DNA-onderzoek en computersimulatiemodellen - allemaal zaken die nu nog apart van de psychiatrie worden ontwikkeld.’
EEN VAN DE zaken die het anti-Amerikaanse Prozac-front misschien nog wel het meeste in beweging brengt, is de chemische predestinatie die in het vaarwater van de Prozac-technologie over de mensheid is afgeroepen. Jerome Kagan, een vakbroeder van Kramer, ontdekte dat zaken als sociale dominantie direct gerelateerd kunnen worden aan de hoeveelheid serotonine (een neurotransmitter) in het zenuwgestel.
Kagan observeerde daartoe een groep kinderen, waarbij het hem overduidelijk bleek dat de kinderen met het meeste initiatief, de meeste levensvreugde, kortom de gangmakers, altijd over de meeste serotonine beschikten. De introverte, verlegen kinderen, de pispaaltjes van de groep, hadden onveranderlijk het laagste serotonineniveau, een omstandigheid die dwars door alle sociale coderingen heenliep. Toen het farmaceutische concern Eli Lilly eenmaal een techniek had ontdekt waarmee het serotonineniveau met een eenvoudig hulpmiddel kunstmatig kon worden opgehoogd, was er een nieuw mensbeeld ontstaan. Sociale blokkades als verlegenheid of een ultra-melancholisch gemoed konden nu met een doktersrecept worden verjaagd.
Kramer: 'Je moet serotonine zien als de politie van het menselijk lichaam. Hoe meer politie op straat, hoe veiliger je je voelt. Meer serotonine geeft de gebruiker een groter zelfvertrouwen, en daarmee meer sociale mobiliteit. De werking van Prozac in dat serotonineproces laat zich heel goed vergelijken met de werking van een drug als XTC. Met het verschil dat XTC heel wat sneller werkt, meer een flash veroorzaakt. Maar in wezen gaat het om hetzelfde proces. Wat dat betreft had de samenleving de ontdekking van de serotonine al heel wat eerder kunnen doen als men scherper op de ontwikkelingen in het illegale drugscircuit had gelet.
Opvallend genoeg bestaat er juist in de Verenigde Staten een enorme angst voor dit soort drugs, die in schril contrast staat met de enorme vlucht die het Prozac-gebruik heeft genomen. Dat mag je gerust zien als een tweespalt in de Amerikaanse samenleving, een schizofreen trekje.’
IN EUROPA maakt Prozac ondertussen al even gemengde gevoelens los. Schrijfster Christine Kraft lanceerde onlangs nog een enorme lofzang op de depressie, die ze schilderde als een zaligmakende kans tot zelfontplooiing en als bron van alle creativiteit, die met hand en tand verdedigd diende te worden tegen een Brave-New-World-achtige samenleving van technologisch bestuurde emoties. 'De depressie is een recht waarvan we geen afstand moeten doen’, proclameerde Kraft.
Kramer: 'Dat is een totaal achterhaalde opvatting - in die lijn zou je ook de psychoanalyse moeten veroordelen. Die zorgt er als het goed is uiteindelijk ook voor dat depressies verdwijnen. Er bestaat ongetwijfeld een verband tussen creativiteit en geestelijk of lichamelijk lijden. Daar heeft Edmund Wilson heel behartenswaardige dingen over geschreven. Zelfs Aristoteles klaagde er al over dat de schrijvers en politici van zijn tijd onveranderlijk uiterst zwartgallige individuen waren.
Maar dit is in feite zeer individueel bepaald. Er zijn ook genoeg kunstenaars die geen woord kunnen schrijven of iets kunnen schilderen wanneer zij zich ongelukkig voelen. Het bejubelen van de depressie lijkt me in ieder geval een uiterst calvinistische bezigheid, erg beladen met schuld-en-boetegevoelens. Misschien had Vincent van Gogh met een Prozac-behandeling wel even mooi geschilderd, maar met behoud van zijn oor.
Er wordt in de campagne tegen Prozac altijd druk gezwaaid met Aldous Huxleys Brave New World, maar dan wordt er altijd verzwegen dat Huxley na het schrijven van dat boek wel degelijk gegrepen was door de mogelijkheid om de mensheid met behulp van drugs gelukkiger te maken, emotioneel te repareren.
Ik vind het trouwens opvallend dat de zwaarste Europese kritiek op het Prozac-gebruik komt uit Frankrijk, terwijl er geen land op de wereld is waar zoveel wordt geslikt als daar. De Fransen zijn echt farmacologische alleseters. Dat is een traditie die teruggaat tot Jean-Paul Sartre. Die besloot in de laatste jaren van zijn leven allerlei amfetamines te gaan slikken, met als motief de voltooiing van zijn werk, ook al wist hij dat het uiteindelijk zijn blindheid en daarna de dood zou versnellen.’