Hoofdcommentaar

De puinhopen van Potter

Alsof de verpletterende nederlaag bij het Nederlandse referendum nog niet genoeg is geweest, be ginnen de puinhopen zich ook buiten de landsgrenzen te verspreiden. Zelfs de Benelux, ooit een oase van eensgezindheid, is in ongerede geraakt. De lont is aangestoken door de Belgische minis ter van Buitenlandse Zaken, Karel De Gucht, die premier Balkenende afhandelt als een «stijfburgerlijke Harry Potter» zonder een «spoortje charisma». De reactie daarop is desondanks pas echt potsierlijk. In plaats van de schouders op te halen – een uiting van charisma en zelfvertrouwen – gedraagt de Nederlandse regering zich als een gekwetst ventje op het schoolplein en dreigt Balkenende zelfs zijn grote broer erbij te roepen: het volk, dat zich democratisch heeft uitgesproken en nu zijn centen uit Brussel wil terugzien. Een zotte redenering.

Het zou geestig zijn, als het geen symbool was van de desintegratieverschijnselen die ook de rest van Europa nu beheersen. Europa is de komende jaren terminaal. Het nee-kamp denkt dat een comateuze toestand verhelderend is. Menige verslagen ja-stemmer hoopt op reanimatie uit Groot-Brittannië, dat over drie weken het voorzitterschap overneemt.

De wederopstanding zal echter niet zomaar uit Londen komen. De regering-Blair heeft deze week een referendum in eigen land naar de prullenbak verwezen, althans tot nader order uitgesteld. Het grondwettelijk verdrag is «dood», aldus minister Jack Straw van Buitenlandse Zaken. De Europese «politieke dinosaurussen» hebben volgens hem «meer en meer het contact met het volk verloren». De as Berlijn-Frankrijk, bedoeld om de ratificatie en referenda in de rest van Europa gewoon door te laten gaan, biedt wat hem betreft geen soelaas. Premier Tony Blair nam dinsdag via de Financial Times wat gas terug. Gewoon «doorploegen» is zinloos, er zijn niettemin «kansen op een nieuw sociaal model voor de hedendaagse wereld» mits Engeland niet «arrogant» wordt en gaat doen alsof het wel even de «leiding» op zich neemt. Maar ook Blair kon niet verhelen dat onze «kloof» een exportproduct is geworden.

Zo is het. De houding van het kabinet- Balkenende jegens de uitslag van het referendum illustreert dat. Het is om gek van te worden. Waaraan lag het dat bijna tweederde van de kiezers, ondanks de overheidscampagne, «nee» stemde? De bewindslieden wisten het onmiddellijk: aan het hoge tempo en het vage einddoel van de Europese integratie. Aan de slechte communicatie en de navenante campagne. Kortom, aan alles en iedereen behalve aan de regering zelf. Het was immers de Tweede Kamer die de volksraadpleging wilde, niet het kabinet. Daarop had de ministerraad zijn strategie ook afgestemd, al wisten Balkenende cum suis die tot een week voor het moment suprème verdraaid goed geheim te houden. Sterker, ook na het referendum bleef draaien en schmieren het parool. In allerijl trok het kabinet het voorstel tot ratificatie eigenhandig in, zonder dat er enig politiek oordeel in het parlement aan te pas kon komen. Een ellendig staaltje tapijtvegen.

En nu maar hopen dat de verslagen politici, politieke partijen en maatschappelijke organisaties con amore op tournee gaan om in dorpen of steden een «brede maatschappelijke discussie» te voeren over aard en wezen van het nieuwe Europa? Samen met de SP (volgens de altijd voorzichtige politieke barometer van Interview/NSS intussen goed voor 18 zetels), ChristenUnie (op naar 5), Geert Wilders (gegroeid naar 5) en Peter R. de Vries (1)?

Dat wordt dus niets. Want PvdA-leider Wouter Bos heeft alle reden in paniek te blijven nu zijn kiezers voor hem op de vlucht zijn geslagen. Ook VVD-chef Jozias van Aartsen, die in de laatste benevelde dagen van de campagne zichzelf én de loyaliteit van de liberale kiezers ondermijnde, is het spoor bijster als hij denkt de onmiskenbare inbraak in zijn electoraat al zwierend met één hand in de zak ongedaan te kunnen maken. Zeker wie het persoonlijke in de politiek aanvaardt en voorstellen voor gekozen premiers en meer omarmt, zoals Van Aartsen trots doet, mag zichzelf niet buiten beschouwing laten als het fout gaat.

Mede daarom is het zo opmerkelijk dat niemand een relatie heeft willen leggen tussen de uitkomst van het referendum en de persoonlijke verantwoordelijkheden voor het verdrag en de campagne. Minister Bot besteedt een halve dag aan demarches bij de Belgische ambassade. Staatssecretaris Nicolaï heeft zijn verdriet er gewoon ’s nachts even uitgedanst.

Ook directeur-generaal Gerard van der Wulp van de Rijksvoorlichtingsdienst (RVD) heeft gekozen voor de ambtelijke continuïteit. Zijn status is hoger dan bijna alle voorgangers bij de RVD en weerspiegelt zijn hiërarchische positie ten opzichte van de andere overheidsvoorlichters. Niettemin was Van der Wulp tijdens de eurocampagne amper zichtbaar (voor de kijkers, de mystery man schuin achter de schouder van de premier), sterker, het leeuwendeel van zijn werk was uitbesteed aan een leuk betaalde buitenstaander. Een gotspe.

De vraag «wie is er schuldig» is meestal gemakzuchtig (nieuwe bezems vegen niet per definitie schoner) of byzantijns (de tsaar wordt omringd door kwaadsappige adviseurs). Maar in een politieke democratie is zo’n simpele kwestie op gezette tijden wel degelijk louterend. Als Blair gelijk heeft met zijn conclusie dat Europa nu een «collectief leiderschap» nodig heeft om te voorkomen dat het sociale nee-kamp en het nationale nee-kamp vanaf de randen het ja-nee-geen-mening-midden vermorzelen, dan is het van belang te weten wie er mede verantwoordelijk is voor de ondergang van het huidige leiderschap.

Nieuwe verkiezingen zijn heus niet nodig. Een paar wissels in het politieke personeel kunnen al helpen. Zo niet, dan heeft Bos over anderhalf jaar een probleem in de PvdA, Van Aartsen een probleem met de kiezers en Bal kenende een probleem met zichzelf.