De raf is dood, leve de raf

W. Landgraber, E. Sieker, G. Wisnewski, Operation Raf: Was geschah wirklich in Bad Kleinen. Knaur, Munchen, 1994. ID-Archiv, Bad Kleinen: Der Tod des Wolfgang Grams. ID-Archiv, Amsterdam, 1994. H. Losch, Bad Kleinen: Ein Medienskandal und seine Folgen, Mit einem Vorwort von Alexander von Stahl. Ullstein Report, Frankfurt, 1994.
Ze weigerde het geweld af te zweren. Toch werd Irmgard Moller vrijgelaten. Een gevangen Raf-lid baart de Duitse staat kennelijk meer zorgen dan een vrijgelaten. Maar een dode Raf-terrorist is een ander verhaal. De strijd gaat door.

HAAR VRIJLATING lijkt een tactische zet in de 25-jarige strijd tussen de Rote Armee Fraktion en de Duitse staat. Het imperialistische Vernichtungsapparat, zoals de Rote Armee Fraktion (Raf) haar tegenstander al jaren noemt, liet donderdag plotseling het voormalige Raf-lid Irmgard Moller vrij.
Op 8 juni 1972 werd zij in Offenbach gearresteerd, enkele weken na een aanslag op de Amerikaanse basis Heidelberg van waaruit het Amerikaanse leger de bombardementen op Vietnam coordineerde. Ze kreeg levenslang. In oktober 1972 overleefde zij in Stammheim als enige de vermeende zelfmoordactie waarbij de geinterneerde Raf-leiding - Baader, Meinhof en Ensslin - om het leven kwam. Mollers teksten verbonden sindsdien oude met nieuwe sympathisanten.
In 1992 diende zij haar eerste vrijlatingsverzoek in. Justitie greep alles aan om dit te blokkeren. Maar ondanks Mollers weigering geweld af te zweren, stapte de ‘levende legende van het linksradicale verzet’ vorige week de vrijheid in. Het Openbaar Ministerie had er opeens geen bezwaar meer tegen. De Raf verliest hiermee haar laatste bekende Stammheimer, die vanuit het gevang tot brede steun onder links kon oproepen. Eenmaal in vrijheid wordt Moller slechts een van de vele Raf-leden die zich voor gevangen Genossen inzet. De overgebleven toonaangevende gevangenen, zoals Brigitte Mohnhaupt, Helmut Pohl en Karl-Heinz Dellwo, gelden als weinig charismatische Betonkopfe. Hun appel zal de Duitse activist niet meer de straat op krijgen. De Raf bloedt dood.
Vorige week liep eveneens in Frankfurt het proces tegen Birgit Hogefeld. Zij bekent zich tot de huidige Raf-groep, die vanaf 1984 nieuwe aanhang verwierf met aanslagen uit naam van streng geisoleerde Raf-gevangenen. In juni vorig jaar werd Hogefeld in Bad Kleinen gearresteerd. Eenmaal in detentie ontbrak haar naam onder de verklaring voor vrijlating van Moller. Het kan justitie ook uit haar briefwisseling met de overige Raf-gevangenen niet zijn ontgaan dat er tussen de illegalen en de meeste gevangenen geen overeenstemming meer bestaat. De laatste teksten zijn regelrechte scheldkanonnades.
Toen Hogefeld in juni vorig jaar in Bad Kleinen werd gearresteerd, was het Raf-kader juist verdiept in een ideologische herorientatie. Ook met betrekking tot de rol van de gevangenen. In april 1992 schreef de groep dat ze voorlopig zou afzien van aanslagen op leidende politici. In ruil daarvoor dienden alle langgestrafte en zieke Raf-leden vrij te komen. Een aanslag op een gevangeniscomplex in maart 1993 zette die eisen kracht bij.
Drie gevangenen uit Celle probeerden vervolgens, met goedkeuring van de Raf, in het geheim politici te bewegen hun invloed aan te wenden voor de vroegtijdige vrijlating van alle Raf-leden. Daartoe boden zij een definitieve wapenstilstand aan. Hun medegevangenen waren van de gesprekken niet op de hoogte. Het 'Celle-initiatief’ lekte echter uit naar Brigitte Mohnhaupt. De woordvoerster wijst al jaren iedere verzoening met de staat af en verwijt de Celle-gevangenen en de Raf dat 'ons leven en onze strijd achter onze rug wordt beeindigd’. De gevangenen zegden het vertrouwen in de Raf-guerrilla’s openlijk op.
Daarmee is de Raf in een ordinaire richtingenstrijd beland. Aan de ene kant degenen die, ondanks vrijwel unanieme afwijzing in die Linke van de 'nekschotpolitiek’, vasthouden aan revolutionair geweld tegen personen. Ze willen aanslagen tijdelijk opschorten, maar het middel blijft legitiem tegenover het imperialistische systeem. Anderzijds de Raf-leden die vrijlating van de gevangenen bevechten om daarna vanuit een brede Bewegung von unten nieuwe revolutionaire praxis te bedrijven. De oude Raf-guerrillavorm zal mogelijk verdwijnen. 'Niemand was en is bereid zelf gewapend te strijden’, verduidelijkte de Raf in november 1993. Hogefeld moet kort voor haar arrestatie gezegd hebben: 'Wij recruteren niet meer.’
De kring waaruit de Raf kon recruteren, is inmiddels geslonken. Hogefelds arrestatie had verstrekkende gevolgen voor de Raf: op haar tas vond justitie vingerafdrukken van drie tot dan toe onbekende personen. Tientallen mensen zijn inmiddels gearresteerd, verhoord, enkelen vastgehouden. Bovendien maakte infiltrant Klaus Steinmetz, die justitie naar Hogefeld en Grams leidde, een lange lijst van personen die de Raf actief ondersteunen. Ook zij zijn verhoord.
Paradoxaal, en morbide, is dat de onopgehelderde dood van Grams tijdens de arrestatie in Bad Kleinen voor de Raf momenteel waarschijnlijk de belangrijkste aanleiding voor recrutering en sympathisantenacties is. Want de wijze waarop anti-terreureenheden daarbij toesloegen, de leugens en verdraaiingen van het Bundeskriminalamt daarna, en de tijdelijke blindheid van de politici uit de regeringsfracties wakkerden de strijdlust aan bij degenen die in het linksextreme spectrum toch al weinig op hadden met de Duitse rechtsstaat. 'Nadat Helmut Kohl die zomer had gezegd trots te zijn op justitie, ben ik ervan overtuigd geraakt dat dit een politieke halszaak is geworden’, zegt Andreas Gross, advocaat van de familie Grams. 'Kohl mocht later niet op die woorden gepakt worden. Ik merk nog steeds dat niet alles naar buiten mag komen.’
De betrokken diensten erkenden zeventien 'erhebliche Fehler’. De officiele versie luidt: GSG-9 militairen overmeesterden Hogefeld en Steinmetz. Grams ontsnapte naar het perron, en schoot GSG-9 lid Michael Newrzella dood. Neergeschoten door agenten viel Grams daarna op de spoorlijn. Daar pleegde hij zelfmoord. Twee getuigen, een kioskhoudster en een anonieme agent, zagen echter twee agenten 'aus nachster Nahe’ gericht op Grams schieten. De conclusie van de onderzoekscommissie luidde evenwel: zelfmoord.
In de dagen erna bleken talloze getuigenverklaringen en onderbouwingen onjuist of gemanipuleerd ten bate van de conclusies. En dat terwijl minister van Binnenlandse Zaken Kanther het tussenrapport onder parlementaire druk al had moeten aanscherpen. Sindsdien heeft een schare van onderzoekers de feiten opnieuw gewogen. De sporenvernietiging in het BKA-laboratorium, het verdwijnen van bebloede GSG-9 kleding, en de wel zeer gerichte reiniging van Grams’ handen en hoofd is zo volledig dat toeval uitgesloten lijkt. Dat agenten die betrokken zijn geweest bij de schietpartij daarna zelf het onderzoek konden doen, is ongelooflijk maar waar. De videoband waarop de arrestatie is gefilmd, werd per ongeluk gewist.
Het meest kritische onderzoek naar die dag is Operation RAF: Was geschah wirklich in Bad Kleinen van Landgraber, Sieker en Wisnewski. Zij diepen ongekend veel nieuwe details op, beschikken over ongekuiste versies van de rapporten, en lieten onafhankelijke medici onderzoeken herhalen. Zo ontdekten de auteurs de diepe kras in Grams’ rechterhand. Onderzoek bewees dat zijn wapen hardhandig uit zijn hand is gewrikt; de pistoolhaan schuurde de huid. De verklaring dat het pistool na zelfdoding uit zijn hand viel, klopt dus niet. Evenmin geloofwaardig is het dat de ene agent het wapen links zag liggen, een andere rechts. Onduidelijk is ook hoe Grams schiethand onder zijn lichaam kon komen. De auteurs noemen moord als doodsoorzaak. Hun aanbeveling is bescheiden: heropen het onderzoek.
Ronduit onthutsend is de verklaring van procureur-generaal Alexander von Stahl in Bad Kleinen: Ein Medienskandal und seine Folgen. Ondanks hun goede voorbereiding, moed, intelligentie, koelbloedigheid en fysieke kracht misten de troepen uiteindelijk 'het geluk’. De media destilleerden uit de arrestatiepoging een legende, maakten van 'achtenswaardige politiebeambten potentiele moordenaars’. 'In het begin past meestal niets bij elkaar - mist trekt pas langzaam op.’
Sinds Bad Kleinen pleegde de Raf geen aanslag meer. Toch laten de teksten doorschemeren dat enkelen vasthouden aan de gewapende strijd. Of dat onder de vlag van de Raf zou gaan of niet, was hen 'vollig egal’. De dood van Grams zou een reactie krijgen, waarschuwde het BKA. Maar de Raf zelf zwijgt.
Verwijzend naar oude Raf-parolen distantieerden de 'anti-imperialistische cellen’ zich in mei 1992 van het staakt-het-vuren van de Raf. De nieuwe groep baseert zich op 'de politieke inhoud van de gewapende acties van de Rote Armee Fraktion’. Ze volgt de lijn van de gevangen Raf-leden. Inmiddels pleegde ze verschillende aanslagen. De groep verklaart nu een overgangsfase afgerond te hebben. Onder een andere noemer komen er binnenkort nieuwe aanslagen.