Megawati onder vuur

De reformatie van de Reformasi

Een vrouw is president van het grootste moslimland ter wereld. Dat is het enige positieve aan de benoeming van Megawati, stellen critici in Nederland. Onder Megawati wordt Indonesië opnieuw bestuurd door het leger en oud-getrouwen van Soeharto.

In de zomer van 1996 bestormden legereenheden het hoofdkwartier van de Partai Demokrasi Indonesia (PDI) in Jakarta. Er hadden wekenlang protesten plaatsgevonden door linkse aanhangers van Megawati, de dochter van de eerste president van de republiek, Soekarno, omdat ze op slinkse wijze op een partijcongres in Medan was afgezet. President Soeharto vond Megawati iets te populair worden. Soeharto’s manoeuvre werkte averechts en maakte haar een heldin van het volk, en daarmee een natuurlijke kandidaat voor het presidentschap. Bij de bestorming vielen vijf doden, raakten 149 aanhangers gewond en «verdwenen» 23 personen. De roep om een gedegen onderzoek klonk nog jaren, maar Megawati — die zelf niet aanwezig was bij de aanval — zweeg. Tot nu toe heeft geen enkele verantwoordelijke ervoor terechtgestaan.
Megawati’s zwijgzaamheid blijkt nu goud waard. Op 23 juli werd ze de vijfde president van Indonesië. Abdurrahman Wahid weigerde aanvankelijk af te treden, omdat zijn afzetting onrechtmatig zou zijn, maar zag zijn «decreet» om het parlement op non-actief te stellen vernietigd worden door het Hoog Gerechtshof. Om de uitspraak van de rechter te onderstrepen, stuurde het leger maar liefst honderd tanks naar het presidentieel paleis die hun lopen richtten op Wahid.
De machtsverhoudingen lijken ineens weer glashelder. «Megawati is een marionet van het leger», stelt Reza Muharam daarom met zekerheid vast. Hij is coördinator van het recentelijk opgerichte Indonesia House in Amsterdam, een solidariteitscentrum van drie Indonesische mensenrechtenorganisaties. «De oude krachten van Soeharto en het leger staan weer in het centrum van de macht. De laatste drie jaar is haar partij, de pdi-p, vol gestroomd met generaals en corrupte Golkar-leden. Ik ben bang dat het leger nu groen licht krijgt om haar geweldspolitiek op te schroeven, zoals in Atjeh, Papoea en de Molukken.»
Onder Soeharto speelden het leger en de politie een maatschappelijke sleutelrol om de dictator in het zadel te houden en zichzelf te verrijken. Samen met de rechterlijke macht wordt het leger gezien als het meest corrupte instituut van het land. Het leger wordt ook verantwoordelijk gehouden voor bloedbaden zoals dat bij de afscheiding van Oost-Timor. Met de val van Soeharto en de implosie van de economie in 1997 verloren de militairen niet alleen prestige, maar ook veel kapitaal.
Wahid probeerde tijdens zijn regeerperiode die macht verder in te palmen door regelmatig hoge militairen en politiecommandanten te ontslaan. Daarnaast startte de nagenoeg blinde president gesprekken met de onafhankelijkheidsstrijders van het Gam (Gerakan Aceh Merdeka), de OPM (Organisasi Papua Merdeka) en zelfs de RMS (Republik Maluku Selatan) in de hoop met overleg een einde te maken aan de voortdurende bloedige conflicten. Door op deze manier de nadruk te leggen op de «verscheidenheid» in plaats van de «eenheid» van de 210 miljoen inwoners tellende archipel, streek hij tegen de haren van de gewapende krachten in. Waarschijnlijk is hem dat, in combinatie met zijn steeds minder geloofwaardige uitspraken en slechte gezondheid, fataal geworden.
President Megawati benadrukte tijdens haar eerste, uiterst korte speech voornamelijk de eenheid van het land en liet gevoelige termen als corruptiebestrijding en gerechtelijke hervormingen tactisch achterwege. Ze staat niet te boek als een intellectuele hoogvlieger en is zelden betrapt op een politieke uitspraak met visie. Van verschillende kanten wordt er echter op gewezen dat de zwijgzame Megawati vooral niet onderschat moet worden. Tijdens haar vice-presidentschap had zij onder meer tot taak de onrust op de Molukken te beteugelen. De achterliggende gedachte was toen al dat zij wellicht rust kon brengen, door haar goede contacten met het TNI, het Indonesische leger, te gebruiken. Inmiddels gaat het geweld door en zijn er, volgens de laatste cijfers van de UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de VN, meer dan driehonderdduizend Molukkers op de vlucht. «Veel mensen zien Megawati als prominent democratisch figuur, maar ze heeft zich weinig gevoelig getoond voor schendingen van mensenrechten. Gezien de huidige machtsbasis van Megawati verwacht ik een verslechtering van de mensenrechtensituatie voor de komende jaren. De tragiek is dat ze nu in principe van dezelfde machten afhankelijk is die haar vader ten val brachten in 1965», aldus Muharam.
Buitenlandse regeringen en bedrijven reageerden opvallend snel en positief op de benoeming van Megawati. De roepia werd voor het eerst sinds tijden weer iets meer waard. Waarschijnlijk krijgt de nieuwe president voorlopig het voordeel van de twijfel en kan ze door haar geliefde achternaam nog steeds rekenen op brede steun onder de bevolking. Het enige wat buitenlandse investeerders echt interesseert is immers stabiliteit. Wahids beleid is wat dat betreft weinig succesvol geweest. Het grootste euvel is dat hij de economie niet uit het slop heeft weten te trekken. Prettige bijkomstigheid is dat hij in de 29 landen die hij in recordtempo bezocht flink wat geld heeft losgepeuterd.
Twee jaar geleden zorgden stemmen van voornamelijk arbeiders en armen ervoor dat Megawati’s partij de grootste in het parlement werd. Dat ze toen niet president werd, kwam vooral door tegenstand van Hamzah Haz, partijleider van de islamitische PPP, qua zetels de derde partij. Haz beargumenteerde dat een vrouw toch echt niet het grootste islamitische land ter wereld kon leiden. Haz blijkt een opportunist, gezien het feit dat hij vorige week werd benoemd tot vice-president.
De kabinetsformatie is inmiddels een week uitgesteld, dus over de precies te varen koers is nog weinig met zekerheid te zeggen. Er circuleren drie lijsten met namen, waaruit zou blijken dat Megawati in elk geval geen zakenkabinet bij elkaar haalt, iets wat Indonesië-kenner Henk Schulte-Nordholt onlangs in Nova nog opperde. Alle grote partijen (de zogenaamde Orde Baru-partijen, die onder Soeharto de semi-democratische volksvertegenwoordiging vormden: Golkar, PPP, pdi-p en de generaals) krijgen ministeries toebedeeld.
Al staat de partij nog wel zo bekend, in werkelijkheid is Megawati’s pdi-p geen linkse democratische partij meer. Oude bondgenoten en zakenpartners van Soeharto zijn massaal overgestapt. Zo is vice-voorzitter van de pdi-p Theo Sjafei een oud-generaal die vooral te boek staat als hardliner, niet als democraat. Het is zeer de vraag wat er terecht zal komen van de Reformasi (hervormingen), waar studenten in 1997 zo hard voor demonstreerden. De politieke lezing zal waarschijnlijk een conservatieve reformatie van die Reformasi zijn.
Een teken aan de wand is wellicht de recente benoeming van Eurico Guterres tot leider van de gewapende militia, de politieke knokploeg van de pdi-p. Ook de tweede partij Golkar en andere hebben overigens zulke «pressiegroepen». Guterres staat bekend als de meest notoire paramilitair tijdens het losmakingsproces van Oost-Timor en zou de aanslag op een UNHCR-kantoor hebben geleid. Alhoewel er een VN-aanklacht tegen hem loopt voor het begaan van oorlogsmisdaden, bekleedt hij nu een belangrijke positie binnen de grootste regeringspartij. Hij zou vorige week al op de technische universiteit van Bandung studenten die zich verzetten tegen wat ze de constitutionele staatsgreep van Megawati noemen, ernstig hebben bedreigd.
De benoeming van Guterres en de geheime voorbereiding met generaals en zaken tycoons van die «onwettige staatsgreep» is volgens diverse analisten geregisseerd door de man van Megawati, Taufik Kiemas. Deze miljonair is oliebaron en zou het echte brein achter de nieuwe machthebber zijn. Ook wordt hij gezien als een van de architecten van de val van Soeharto. Een scherpe kijk op de wederwaardigheden van Megawati’s man komt van Ibrahim Isa. Hij was vertrouweling van de oude Soekarno — «Ik ben niet per se pro-Mega, hoor» — en werkte vanaf 1950 veel met hem samen, als secretaris-generaal van de Afro-Aziatische conferentie. Tijdens vergaderingen op het paleis in Jakarta herinnert Isa zich de kleine Megawati nog als «een meisje dat goed kon dansen». Door de staatsgreep in 1965 kon Isa niet meer terug naar zijn land. Hij woont in de Bijlmer. Isa: «Kiemas wil zijn positie misbruiken, dat is zeker. Als student was hij lid van een studenten organisatie die tegen Soeharto was, maar later is hij zaken gaan doen met Soeharto’s familie-imperium. Soeharto heeft hem een belangrijke olieconcessie gegeven. Nu hangt het ervan af hoe sterk Megawati is tegenover haar man.»
Isa schrijft stapels politieke analyses, die hij publiceert op internet en in zijn eerste boek Suara seorang eksil (De stem van een banneling). «Megawati is en blijft een strijdster voor democratie, maar de val van Wahid laat zien dat een echte voorvechter van Reformasi te veel vijanden maakt. Daar staat tegenover dat het leger ook niet meer door en door slecht is. Ook daar zijn democratische krachten actief. Van belang is ook dat de politie niet meer onder het leger valt en daarom een andere rol speelt. Het hangt er ook sterk vanaf of Megawati bijvoorbeeld een generaal tot procureur-generaal benoemt. Als dat zo is, zijn we terug bij af en kunnen we een echte hervorming van het gerechtelijk systeem wel vergeten. Helemaal terug naar de oude tijd kan niet. Soeharto had alle touwtjes in handen, Megawati heeft een alliantie gesloten met Golkar en het leger. Dat is dus gedeelde macht.»
Een andere hoofdrolspeler achter de schermen is de belangrijkste zakenpartner van Kiemas, Arifin Panigoro, tevens oliebaron en voormalig zakenvriend van Soeharto. Ook hij adviseert Megawati.
De toonaangevende Indonesië-expert op het gebied van corruptie, George Aditjondro, professor aan de Nieuw-Zeelandse universiteit van New Castle, is minder voorzichtig dan Isa en stelt dat Megawati eigenlijk niks zelf doet. «Ze is ervan overtuigd dat het presidentschap haar geboorterecht is en zal die rol ook met gratie vervullen, maar anderen, zoals Kiemas en Panigoro, regeren in werkelijkheid voor haar», verklaarde Aditjondro tegen Associated Press. Dat belooft een slecht vooruitzicht voor het verloop van de rechtszaken tegen oorlogsmisdaden en corruptie. «Waarschijnlijk zullen er de komende jaren verschillende presidenten op het toneel verschijnen, terwijl de militairen en zakentycoons ervoor zorgen dat de tribunalen die corruptie en schending van mensenrechten moeten bestraffen, niet hun werk kunnen doen», voorspelt Aditjondro.
Daar ziet het Indonesia House in Amsterdam juist een rol voor zich weggelegd. Zo gaat een van de mensenrechtenorganisaties, het Indonesian Forum for Human Dignity, druk uitoefenen op het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken en de VN-mensenrechtencommissie in Genève. Ze zien in deze tijden van internationale berechting van oorlogsmisdadigers kansen liggen. «Ons doel is de straffeloosheid in Indonesië te bestrijden. Zonder berechting van misdaden tegen de mensheid, die op zo'n grote schaal zijn begaan, kan een echt democratisch proces zich niet ontwikkelen. Alleen met rechtszaken kan de macht van het leger gebroken worden. Nu is de praktijk dat er voor militairen geen straf op moord staat. Wij zijn bezig met gebruikmaking van het Nederlands recht cases voor te bereiden tegen vijf generaals.»
Materiaal genoeg, meent Muharam. «We concentreren ons op de misdaden die zijn begaan tijdens de genocide van 1965, waarbij naar schatting een miljoen vermeende communisten zijn vermoord; de inval en bezetting van Oost-Timor tussen 1975 en 1999; de Tanjung Priok-moorden uit 1984, toen zo'n vijfhonderd vredig demonstrerende moslims zijn doodgeschoten; de militaire operaties in Atjeh tussen 1989 en 1999, en de moordpartijen van Chinezen in mei 1998.» Generaal Wiranto, door Wahid ontslagen wegens zijn betrokkenheid bij misdaden op Oost-Timor — tegenwoordig zingt hij dangdut-hits (Indonesische popmuziek) — staat boven aan de lijst van de mensenrechtenorganisaties.
Muharam vindt dat Nederland een actievere rol moet spelen en wijst daarbij op de vele verbanden tussen Nederland en Indonesië. «De Nederlandse overheid is medeverantwoordelijk voor het instandhouden van de Soeharto-krachten. Zoveel Nederlandse bedrijven doen direct of indirect nog zaken met de Soeharto’s. Moreel kan dat echt niet meer. Hoe zit het bijvoorbeeld met die miljard dollars van Soeharto die bij de Indoverbank terecht zijn gekomen, waarbij de Nederlandse Bank een oogje heeft dichtgeknepen? De vorige procureur-generaal Marzuki Darusman zei wel veel, maar heeft werkelijk niemand kunnen berechten. Daarvoor moet er internationaal meer druk worden uit geoefend.»
Op 17 augustus, de 56ste verjaardag van het uitroepen van de Republiek Indonesië door Megawati’s vader, wordt door verschillende organisaties een demonstratie gehouden op het Malieveld in Den Haag tegen het nieuwe bewind in Indonesië, met als motto «de wurgende gordel van smaragd». Het is de eerste grote demonstratie in Nederland sinds met het aftreden van president Habibi de Soeharto-clan de controle verloor, en het is vermoedelijk niet de laatste.