Economie

De rek is eruit

Nu Donald Trump dan echt ingezworen wordt, dringt de vraag zich op: volgt op de politieke omwenteling ook een economische omwenteling?

Het einde van het kapitalisme werd sinds Marx al vele malen voorspeld, maar er zijn nu wel degelijk aanwijzingen dat het soort kapitalisme waarin we zijn opgegroeid niet veel ouder zal worden dan zeventig jaar. Door de verschuiving van industrieel naar financieel kapitalisme, en de sterke afhankelijkheid van de groei van handel en van schuld, is de rek eruit.

Sinds de oprichting in 1948 van de GATT (de voorloper van de Wereldhandelsorganisatie) tot aan de crisis van 2008 zijn talloze handelsbarrières geslecht. De omvang van de wereldhandel nam vooral sinds de jaren tachtig enorm toe. ‘Aziatische Tijgers’ en vervolgens China industrialiseerden en begonnen de westerse wereld te voorzien van steeds meer, steeds betere en steeds goedkopere consumentenproducten. De levensstandaarden in het Westen stegen daardoor enorm, terwijl de industrie er wegtrok. De financiering leidde tot groeiende dollarreserves in het Oosten en groeiende private schulden in het Westen.

Een andere prijs die het Westen voor zijn consumptie betaalde was groeiende ongelijkheid. We kregen meer gadgets, maar het gemiddelde reële loon is in Nederland al sinds de eeuwwisseling niet meer toegenomen, en steeg in Amerika al veertig jaar niet. In het industrieel kapitalisme van kort na de oorlog werd inkomensgroei breed gespreid, en ze hield gelijke tred met welvaartsgroei. Het financieel kapitalisme dat in de jaren zeventig opkwam werd echter gedreven door met schuld gefinancierde consumptie. Hierdoor verdiende een kleine groep gelieerd aan de financiële sector een steeds groter deel van het bbp, en ze vergaarde steeds meer politieke macht. De rest consumeerde door steeds meer schulden op te bouwen. Ze werd steeds minder vertegenwoordigd in de politiek, die op de structuren van het industrieel kapitalisme geënt is.

China hoeft onze schuld niet meer, en is dollars gaan uitgeven

Die groeiende ongelijkheid is best te verdragen zolang we allemaal meer spullen krijgen. Maar als dat stopt, vertaalt de onvrede zich via het democratisch proces in nieuwe politieke verhoudingen waarin de financiële elite niet automatisch meer domineert. Voor tientallen miljoenen Amerikanen werd dat punt bereikt in 2008, toen de schuldkraan werd dichtgedraaid. Occupy Wall Street bleek geen blijvertje, en het duurde nog een volle presidentstermijn voor de politieke slag ook gemaakt werd. Nu is het dan zo ver. Voor miljoenen Fransen, die al jaren langs de zijlijn staan, is het in 2017 ook wel duidelijk, net als voor de Italianen die Renzi wegstuurden. En ook in Nederland zijn veel kiezers klaar met de globalisering-cum-financialisering die veel rijkdom bracht maar nu teleurstelt. Ze willen verandering, maar noch de oude leiders, noch de nieuwe schreeuwers bieden een reëel alternatief.

De officiële lijn van Obama, Cameron, Renzi, Hollande en Rutte en andere leiders van het oude model is dat een omwenteling niet eens nodig is. Voorzover ze nog in functie zijn luidt hun boodschap: heb geduld, het oude model gaat weer werken of doet dat al, binnenkort echt voor iedereen.

Maar dat kan niet meer. Globalisering en schuldgroei staan niet langer ten dienste van de westerse consument. De handel, die na de crisis van 2008 inklapte, is nooit meer helemaal hersteld. China blijft niet altijd de sweatshop of the world en is begonnen meer te produceren voor de eigen markt, zoals recent onderzoek van Groningse collega’s laat zien. Dat is heel normaal: ook Japan, Korea, Maleisië en andere Tijger-economieën ontgroeiden die fase, waarna hun rol door het volgende Aziatische exportwonder werd overgenomen. Maar China was de grootste, en ditmaal staat er geen opvolger klaar. De Chinese dollarreserves, die na de crisis verviervoudigden tot 2014, dalen nu al twee jaar. China hoeft onze schuld niet meer, en is begonnen dollars uit te geven. Het land koopt land, havens en vliegvelden ten behoeve van de eigen economie en de eigen invloedssfeer. Het Westen moet een nieuw antwoord vinden op de vraag hoe het consumptieniveaus kan vasthouden terwijl de productiecapaciteit is afgekalfd.

Het schuldgedreven groeimodel van het Westen is voorbij. De private schuldgroei, die sinds de jaren tachtig de motor van het groeimodel was, staat al zes jaar stil. Er zijn nog her en der bubbels – door het ecb-opkoopprogramma, of de Amsterdamse huizenmarkt – maar het grote plaatje is duidelijk: het is over. Daarmee is een nieuwe fase in de geschiedenis van het kapitalisme aangebroken. De globalisering is echt niet voorbij en het kapitalisme ook niet. Wat wel voorbij is, is de tijd dat het Westen er slapend rijk van werd. En dat wordt zwaar wennen.