De vagina-monologen

De riedel van het raadsel tussen de benen

Deze week begint de Nederlandse tournee van ‹De vagina-monologen›. Seksuologe Hilde van der Ploeg plaatst kanttekeningen en neemt en passant veertig jaar seksuele geschiedenis door. «Sommigen vinden dat de bedoeling van seks intimiteit is. Voor anderen is seks gewoon een broodje dat je gaat halen; gewoon lekker en verder niets.»

Dat de vagina voor zowel mannen als vrouwen een bijzonder gebied is, blijkt wel uit het gegiechel en de commotie rond het theaterstuk De vagina-monologen. Gebaseerd op tweehonderd interviews met vrouwen over de hele wereld schreef de Amerikaanse Eve Ensler tien monologen waarin vrouwen vertellen over hun vagina. Deze week begint de Nederlandse toer, waarbij een steeds wisselend drietal bekende vrouwen de monologen voordraagt.

Hilde van der Ploeg (1959) is seksuologisch adviseur, publicist en seks- en relatietherapeut. Ze was erg verrast over de ophef die is ontstaan rond De vagina-monologen. «Ik had het idee: dit is in de jaren zestig allemaal al gebeurd. Kunstenaars die vulva’s schilderen, vrouwen die erover vertellen, workshops waarin je leert masturberen en de hele riedel van het raadsel tussen je benen; het is allemaal niks nieuws. Gezien de reacties van veel vrouwen is er blijkbaar behoefte aan. Het is alleen maar goed wanneer ze over hun vulva nadenken, zichzelf bekijken en daarmee bezig zijn.»

Eve Ensler schreef de eerste monoloog tegen het seksuele geweld tegen vrouwen in Bosnië en vulde het aan met verhalen over schaamhaar, een bevalling, klaarkomen en seksueel misbruik. In het verlengde van het succes van De vagina-monologen riep Ensler V-day uit: een dag rond Valentijnsdag om wereldwijd stil te staan bij de strijd tegen het geweld tegen vrouwen.

Hilde van der Ploeg ziet er «een groot gevaar» in dat Ensler seksueel genot koppelt aan de strijd tegen seksueel geweld: «In de jaren zeventig begonnen vrouwen samen over seks te praten en toen bleek dat velen seksueel misbruikt werden. Daar is toen van alles aan gedaan: er zijn vrouwenhuizen opgericht en verschillende vormen van hulpverlening opgezet. De jaren tachtig stonden in het teken van het gevecht tegen seksueel misbruik. Eind jaren tachtig kwam de vraag naar boven: ‹Hoe zit het eigenlijk met seksueel plezier?› Toen is het erg stil geworden aan het feministische front, er zijn weinig boeken verschenen. De ommezwaai van seksueel geweld en dat soort nare ervaringen naar seksueel plezier is groot.

Dat merk ik ook in mijn praktijk met vrouwen die misbruikt zijn. Ze kunnen dat op een gegeven moment verwerken, dat wil zeggen dat ze het een plek kunnen geven, maar om seks te zien als iets plezierigs is voor hen bijna onmogelijk. Het is net alsof dat een andere innerlijke gesteldheid vraagt. Ik heb het gevoel dat dit proces bij de hele feministische beweging moeilijk is verlopen. Ook bij individuele vrouwen die misbruikt zijn, verloopt het moeilijk. Ik denk daarom dat je als je een proces in gang wilt zetten waarbij de vrouwen hun vulva beter leren kennen en waarbij ze meer op zoek gaan naar hun eigen seksuele genot, een moeilijke weg kiest wanneer je seksueel geweld als invalshoek neemt. Het is niet handig om dat door elkaar te laten lopen.»

Slachtoffers van seksueel geweld kunnen vaak niet meer genieten van seks. Terwijl het geweld voor de aanrander of verkrachter vaak niet zoveel met seks te maken heeft. «Bij de verkrachter gaat het om een gevoel van macht. Er zijn verkrachters die zo gestoord of naïef zijn dat ze na afloop vragen: ‹Vond je het ook fijn?› Bij die categorie kan het gaan om seks, maar dan hebben ze er natuurlijk echt helemaal niets van gesnapt.»

Ook de massaverkrachtingen tijdens oor logen hebben voornamelijk met dominantie te maken. «In een oorlog valt weg wat mensen normaal gesproken in bedwang houdt: de sociale conventie. In een oorlog kunnen mannen een gevoel van macht krijgen: ze heersen over leven en dood. Dat gevoel kan bezit van ze nemen waardoor een groot ego ontstaat. Daarnaast is de verkrachter zelf vaak ook veel aangedaan. Hij zit met een enorme haat, die hij op de vrouwen uitleeft. Mannen worden ook vaak door elkaar aangezet tot groepsverkrachtingen. Als de medesoldaten het doen, worden sommigen over een streep getrokken waar ze zelf nooit overheen zouden zijn gegaan. Er spelen een heleboel factoren mee die maken dat mannen dingen doen die ze in vredestijd nooit zouden doen, die maken dat er een soort beest in hen bovenkomt. Dat heeft allemaal meer met macht dan met seks te maken.»

Macht en seks zijn meestal op een meer subtiele manier met elkaar verweven. Zo ook in het Turkse dorpje Sirt, waar de vrouwen vorige maand een heuse seksstaking hielden. De waterleiding in het dorp was al tijden kapot, zodat de vrouwen kilometers moesten lopen om water te halen. Geïnspireerd door het verhaal van de Griekse klassieker Lysistrata, waarin vrouwen seks weigeren tot de oorlog tussen Athene en Sparta voorbij is, weerden de vrouwen hun mannen uit bed. Met succes: op aandringen van de mannen stelt de Turkse overheid acht kilometer aan pijpen beschikbaar om de waterleiding te maken.

«Als ik zoiets lees, denk ik niet: nou, nou, wat zijn we toch weer geëmancipeerd. Zo'n staking zegt veel over de beleving van de vrouwelijke seksualiteit daar. Het betekent dat ze zelf geen enkel plezier aan de seks beleven. In zekere zin is het alleen maar toe te juichen als vrouwen gezamenlijk in actie komen om iets te bereiken, maar als ze seks als middel inzetten, vind ik het vooral triest.»

Dat de vrouwen langer zonder seks kunnen dan de mannen heeft volgens Van der Ploeg ook vooral te maken met het feit dat ze het als een soort verplichting zien. «Het is net als vroeger, toen de vrouwelijke seksualiteit nauwelijks ontwikkeld was. Seks was voornamelijk neuken. Meisjes masturbeerden veel minder. In het voorbeeld van het Turkse dorp is het duidelijk dat ze er zelf weinig genot van hebben, anders zou het eerder een straf voor ze zijn.

Seks is voor hen duidelijk een ruilmiddel. Wat de vrouwen terug willen voor de seks heeft niks te maken met intimiteit, met gevoel van man of vrouw zijn. Een waterleiding heeft geen link met seks.

Maar als het over seks als ruilmiddel gaat, is er duidelijk een glijdende schaal. Want wanneer is er sprake van een ruil? Bij de hoeren, dan is het duidelijk. De vrouw zit er niet voor haar seksuele plezier, maar voor het geld. Iets anders is het als een meisje graag gestreeld en aangeraakt wil worden, en dat gebeurt tijdens de seks. Er zit dan wel iets van een ruil in, want het gaat haar niet puur om de seksuele bevrediging maar om andere aspecten. Of hier sprake is van een ruilmiddel, daar valt over te twisten. Hetzelfde geldt voor een man die vrijt omdat hij zich daardoor heel erg man voelt. Het gaat het hem niet om de seks zelf. Is er dan sprake van een ruil?

Sowieso is het concept van een ruilmiddel nog niet zo simpel. Want wat is de betekenis en de bedoeling van seks? Ik denk dat dat per individu verschilt. Sommigen vinden dat de bedoeling van seks intimiteit is. Seks is dan een methode of middel om die te ervaren. Voor anderen is seks gewoon een broodje dat je gaat halen; gewoon lekker en verder niets. Seks voor de seks dus. Iedereen geeft daaraan zijn eigen invulling.»

De seksuele revolutie van de jaren zestig en zeventig heeft haar uitwerking niet gemist. Terwijl de seks vroeger voornamelijk gericht was op het mannelijk genot, komt tegenwoordig ook de vrouw steeds meer aan haar trekken. «Ik geef voorlichting aan jongeren en krijg veel brieven. Ik vind het opvallend dat jongens vaak vragen: hoe moet ik een meisje vingeren, hoe moet ik haar beffen, hoe kan ik het voor haar plezierig maken? Daaraan lees ik duidelijk af dat er heel wat veranderd is, ook in de mentaliteit van de jongens.»

Nog lang niet alle vrouwen zijn tevreden. Feministe Ariane Amsberg stelde dat de behoefte aan seks met vrouwen de achilleshiel van mannen is en dat vrouwen veel te weinig met die macht doen. Ze stelde voor om spaarzaam te zijn met seks om de man te dwingen meer zijn best te doen om vrouwen tot een orgasme te brengen of in elk geval beter te zijn dan de concurrent: de vibrator met hulpstukken. Niet echt een emanci patoire gedachte, als je het Van der Ploeg vraagt.

«Het is het eeuwenoude liedje op een nieuw melodietje. De achterliggende gedachte is nog steeds hetzelfde: de vrouw heeft iets dat de man wil — een verleidelijk lichaam — en om dat te krijgen, moet hij haar iets bieden. Ditmaal een orgasme.»

In haar boek Blikken zonder blozen: De seksuele revolutie van de kijklustige vrouw, dat in 1995 verscheen, gaat Hilde van der Ploeg in op de traditionele verhoudingen tussen de actieve, machtige man (het subject) en de passieve vrouw (het object). Ware seksuele emancipatie is volgens haar pas mogelijk wanneer vrouwen en mannen de keuze hebben zowel de rol van subject als die van object te spelen.

Hilde van der Ploeg: «Ik heb het boek geschreven in een periode dat de mannelijke strippers opkwamen. Toen leek het alsof die rollen gingen wisselen, maar ik vind niet dat er de laatste jaren veel verandering is opgetreden. Ik merk in mijn therapieën dat het per stel verschilt hoe mensen met seks omgaan. Sommigen zijn heel ouderwets, met een ouderwets script. De man doet al het werk, hij moet de vrouw tot een orgasme brengen, en als zij er niet van geniet, doet hij iets fout. Ze zijn vaak heel neukgericht. Maar ik zie ook stellen waarbij het meer in samenspraak is, waarbij beide partijen zeggen wat ze lekker vinden.»

Het algemene beeld van gemeenschap is iets waarbij de man de vrouw binnendringt. Zoals schrijfster A. Dworkin het verwoordt: «Lichamelijk is de vrouw tijdens de geslachtsdaad een in bezit genomen ruimte, letterlijk een bezet gebied: bezet, zelfs wanneer er geen sprake is van verzet of dwang; zelfs wanneer de bezette persoon zei: ja graag, ja snel, ja meer.»

Het is maar hoe je het bekijkt, zegt Hilde van der Ploeg. Een erecte penis is in onze cultuur een teken van macht, maar hij heeft bijna geen spieren. Terwijl de vagina zeer sterk gespierd is.

Van der Ploeg: «Ik denk dat veel mannen zich lekkerder voelen bij het beeld dat zij de vrouw binnendringen dan bij het idee dat ze door een vagina omhuld of zelf opgeslokt worden. Dan zit de activiteit bij de vrouw. Omhullen is neutraal, het kan zelfs iets aardigs zijn. Maar als je praat over opslokken of naar binnen zuigen, dan ligt daar dezelfde toon in als wanneer je het hebt over stoten of penetreren. Het is een soort van agressie. Veel mannen geven de voorkeur aan bewoordingen waarbij de activiteit of agressie bij de man ligt. Maar je hebt ook mannen die niks lekkerder vinden dan het idee opgezogen te worden en die een dominante vrouw ontzettend spannend vinden.»

De vagina-monologen gaat op 4 september in première in de Kleine Komedie in Amsterdam. Aldaar t/m 22 september, daarna tournee door het land. Speellijsten: 020-4211221 of: www.devaginamonologen.nl