Opwinding over een multifunctioneel gebedshuis

De scheiding van kerk, eh… moskee en staat

Een artikel in De Groene Amsterdammer vorige zomer over subsidie aan twee Amsterdamse moskeeën leidt tot ophef. De scheiding van kerk en staat zou in het geding zijn. Anti-islamsentiment? Over het gesubsidieerde Leger des Heils hoor je niemand.

Medium verbinding11 small

Op 29 juni 2011 publiceerde De Groene Amsterdammer een artikel van Robbert van Lanschot over De Verbinding in de Amsterdamse Transvaalbuurt, een gebouw waar vooral de moslimbevolking van die buurt gebruik van maakt. Het artikel zette een reeks gebeurtenissen in werking die het best omschreven kan worden als een storm in een glas water, maar dan wel een die exemplarisch is voor hoe populisme zich manifesteert in alledaags bestuur. Een storm bovendien met reële negatieve gevolgen voor de gebruikers van het pand.

Hoe zat het ook alweer? Het artikel van Van Lanschot komt uit zijn boek Café Mogadishu dat dan al geruime tijd op de markt is. Het beschrijft de vermeende misstanden omtrent het gebouw in de Amsterdamse Joubertstraat. De Verbinding is een spiksplinternieuw gebouw ontworpen door een gerenommeerde architect, waarin onder meer twee moskeegemeenschappen zijn gevestigd, een Turkse en een Marokkaanse. Volgens Van Lanschot is er van alles mis met dat gebouw. Hij heeft drie klachten. De moskeebesturen hebben misbruik gemaakt van hun machtspositie om de deelraad Amsterdam-Oost onder druk te zetten. De deelraad heeft oneigenlijk gebruik gemaakt van Europese subsidies. En de moskeeverenigingen doen helemaal geen sociaal nuttig werk, zoals ze zeggen te doen, maar indoctrineren de allochtone kinderen met religieuze onzin. De kop van het artikel, Eigenlijk meer een madrassa, verwijst naar dat laatste verwijt.

Laten we beginnen met Van Lanschots verwijt dat de moskeebesturen de deelraad onder druk hebben gezet. Letterlijk schrijft hij dat zij ‘het stadsdeelbestuur bij de strot’ hadden. Wat is het geval? De Joubertstraat is een plein in een arme Amsterdamse buurt. In een oud en leegstaand schoolgebouw vestigen zich in de jaren tachtig twee moskeegemeenschappen. Het gebouw is een soort kraakpand, er zit een alternatief advocatenkantoor in, alle regels wat betreft veilige huisvesting worden er overtreden. De moskeeën betalen dan ook nauwelijks huur. In 1998 vindt het stadsdeel de boel te gevaarlijk worden en besluit dat er wat aan gedaan moet worden. Opknappen blijkt al gauw te duur, er zijn problemen met de fundering. Er zit niet veel anders op dan het gebouw te slopen en opnieuw te bouwen.

Medium verbinding small
Medium verbinding1 small

Nu is Nederland een land met regels en wetten, ook wat betreft huurbescherming en stadsvernieuwing, je kunt bewoners niet zomaar uit een gebouw zetten. Bedoelt Van Lanschot dát wanneer hij zegt dat de moskeeën het stadsdeelbestuur bij de strot hebben? Nee, volgens hem durft het stadsdeel de confrontatie niet aan omdat de Transvaalbuurt een ‘moslimwijk’ is. De echte reden is veeleer dat het stadsdeel vindt dat een moskee wel in een ‘moslimwijk’ past. Maar het stadsdeel wil daarnaast ook ruimte voor een multicultureel centrum, een theehuis en een plek waar jongeren bij slecht weer bijeen kunnen komen.

Het stadsdeel doet een aanvraag voor een Europese subsidie. Maar Europa subsidieert geen religieuze instellingen. Het potje waar het geld wordt aangevraagd subsidieert sociaal-­economische projecten in sociaal zwakke buurten. Omdat de Europese subsidie ruim een kwart van de totale begroting van het nieuwe gebouw beslaat, moet een overeenkomstig deel een sociaal-economische functie krijgen. Nou, denkt men bij het stadsdeel, dat past mooi. De moskeegemeenschappen doen immers nuttig sociaal werk. Het moet alleen juridisch rond gemaakt worden, maar dat is eenvoudig, daarvoor hoeven de stichtingen enkel gesplitst te worden in een religieus deel en een welzijnsdeel. Zo komen er stichtingen die de gebedsruimtes exploiteren en sociaal-culturele stichtingen die buurtversterkende activiteiten gaan organiseren.

In 2009 verrijst er in de arme Transvaalbuurt een representatief gebouw met een opvallende voorgevel ontworpen door een gerenommeerde architect. Op de begane grond komen twee ruimtes die de gelovigen met eigen geld en inzet tot gebedsruimte inrichten. Op de twee etages daarboven zijn computerzalen en andere lokalen voor sociale cursussen en activiteiten. De naam, De Verbinding, verwijst naar het samengaan van functies, maar je kunt het ook uitleggen als een ontkenning dat er moskeeën in gevestigd zijn. Dat is de tweede klacht van Van Lanschot: Europa is om de tuin geleid, want onder het mom van huiswerkondersteuning en naai­cursussen worden er moskeeën gesubsidieerd.

Nu kun je je inderdaad afvragen of het verstandig is om de moskeeën op te zadelen met een verplichting twee soorten activiteiten te splitsen die in de ogen van de betrokkenen in elkaars verlengde liggen. Het is alsof je een kerkgenootschap vraagt een aparte stichting op te richten alvorens een inzameling te houden voor ontwikkelingswerk in Afrika. Het stadsdeel doet dan ook moeite de zaak juridisch goed te regelen. Het komt een prestatieovereenkomst overeen met de inmiddels opgerichte sociaal-culturele stichtingen die uit de moskeegemeenschappen zijn voortgekomen. Ook schakelt het stadsdeel een particulier bedrijf in dat zich heeft gespecialiseerd in het ondersteunen van buurtwerk, het Bureau voor Maatschappelijke Ontwikkeling, ook wel Projectbureau bmo, dat de moskeegemeenschappen helpt bij het opzetten van activiteiten als computercursussen, sollicitatietrainingen, mantelzorg en conversatie­lessen voor inburgeraars. Ook wordt duidelijk dat er andere instellingen van het gebouw gebruik gaan maken, zoals een bureau dat er inburgeringscursussen geeft. De sociaal-culturele stichtingen van de moskeegemeenschappen worden de hoofdhuurders, maar ze moeten de etages delen met anderen.

Medium verbinding2 small
Medium verbinding3 small

Uiteindelijk kun je zeggen dat de constructie heel behoorlijk werkt. In 2010 maken acht­honderd mensen gebruik van de niet-religieuze activiteiten in De Verbinding.

Van Lanschot heeft nog een derde klacht, namelijk dat er onder het mom van sociale activiteiten aan religieuze indoctrinatie wordt gedaan. Zo beschrijft hij zijn eenmalige deelname aan een les normen en waarden. Hij beschrijft hoe een imam de jongens toespreekt in het Turks. Een van de jongens is zo vriendelijk voor de journalist te vertalen. De imam vertelt wat er volgens hem in de koran staat en dat het onfatsoenlijk en tegen de koran is om te spugen op straat. Het is deze ervaring die Van Lanschot tot de conclusie brengt dat De Verbinding ‘meer een madrassa’ is. Het is zijn manier om te zeggen dat hier lessen in sociaal wenselijk gedrag op religieuze grondslag worden gegeven.

Het heikele punt is echter niet zozeer dat deze lessen überhaupt worden gegeven, maar dat ze plaatsvinden in een zaal bestemd voor sociaal werk. Nu beseffen de moskeegemeenschappen ook dat dit strikt genomen tegen de afspraak is. Anders dan Van Lanschot schrijft, vragen ze er bij het stadsdeel vooraf toestemming voor en die krijgen ze ook, maar alleen buiten kantooruren. Tijdens kantooruren moet de ruimte beschikbaar zijn voor andere activiteiten. Als blijkt dat de imam zich daar niet aan houdt en zijn versie van ‘fatsoen moet je doen’ ook wel eens doordeweeks in een leegstaand zaaltje verkondigt, steekt het stadsdeel daar een stokje voor. Als het artikel in De Groene Amsterdammer verschijnt, is hier al een einde aan gekomen.

Bij de PVV blijken ze dit elitaire weekblad ook te lezen. Kort nadat het artikel is verschenen, stelt de partij kritische vragen in het Europees Parlement. En daarmee begint de ellende voor de moskeegemeenschappen. Het Europees Bureau voor Fraudebestrijding begint een vooronderzoek naar de juiste besteding van subsidiegelden, een onderzoek dat overigens nog geen gevolg heeft gekregen. Er ontstaat ophef in de deelraad als blijkt dat de voorzitter van de Turkse moskeestichting ook bestuurslid is van de Turkse welzijnsstichting. En passant blijkt er nog iets met de huurprijs te zijn. Die ligt iets onder de zeer ruime bandbreedte die de gemeente voor dit soort gebouwen hanteert. Bij de nieuwbouw is afgesproken dat de stichtingen weliswaar meer huur moeten gaan betalen dan in het veredelde kraakpand, maar ook dat de huurverhoging niet exorbitant mag zijn. Alle partijen hebben toen voor een huurprijs van 75 euro per vierkante meter getekend. Maar hoewel drie juridische diensten – die van het stadsdeel, de Centrale Stad, en een onafhankelijk kantoor – tot de conclusie komen dat die afspraak niet van de ene op de andere dag kan worden opengebroken, leggen bestuurders en politici zich daar niet zomaar bij neer. De scheiding van kerk en staat is in het geding, roept vrijwel elke partij in de deelraad. De gemeente subsidieert indirect een religieuze instelling.

Medium verbinding4 small
Medium verbinding5 small

De scheiding van kerk en staat, dat wordt vanaf nu het hete hangijzer. Het gaat als een soort mantra alle discussies beheersen. Andere principes, zoals een overheid die zich aan haar afspraken houdt, worden eraan ondergeschikt gemaakt. Het maakt de werkelijke kwesties onzichtbaar en irrelevant. Het gaat er vanaf nu nauwelijks meer over dat een Marokkaanse imam tijdens kantooruren over de koran heeft gesproken en dat een bestuurslid van de Turkse gebedspoot ook bestuurslid van de welzijnspoot was – aberraties die inmiddels zijn terug­gedraaid. Vanaf nu gaat het in hoofdzaak om een principiële kwestie, de scheiding van kerk en staat, zodat de indruk ontstaat dat de Amsterdamse overheid haar neutraliteit in religieuze zaken heeft verkwanseld. Dat de hele zaak in feite draait om nogal onschuldige afwijkingen van de regels raakt volledig buiten beeld.

Bij het centrale bestuur van Amsterdam schrikken ze zich een hoedje. In de tijd dat Job Cohen burgemeester was heeft de raad van de Centrale Stad een nota over de scheiding van kerk en staat geproduceerd waarin nog residuen te vinden zijn van hoe er vroeger, voor de opkomst van het anti-islamitische populisme, over kerk en staat werd gedacht. Toen kon je bijvoorbeeld vanuit sociaal-democratische idealen vinden dat emancipatie gebaat is bij maatschappelijke zichtbaarheid en gelijkwaardigheid en dat een overheid daarin een rol kan spelen door organisaties van minderheden te ondersteunen, ook als het om religieuze organisaties gaat. Toen kon je vanuit christen-democratische waarden vinden dat religieuze organisaties een onderdeel zijn van het zo belangrijk gevonden maatschappelijke middenveld. Hoewel dat laatste argument in de overwegend links-liberale Amsterdamse raad wellicht geen grote rol heeft gespeeld, laat de nota van de Centrale Stad de mogelijkheid open om een religieuze groep te ondersteunen als dat de maatschappelijke gelijkheid van bevolkingsgroepen kan vergroten.

Medium verbinding6 small
Medium verbinding7 small

Maar de raad volgt onder burgemeester Eberhard van der Laan een andere koers, eentje die sterk de indruk wekt dat die is ingegeven door de angst voor het populisme en de vrees te worden uitgemaakt voor moslimvriendje. Het gemeentebestuur trekt zich dan ook niets aan van de eigen nota en laat onderzoeken of elders in de stad nog sprake is van indirecte subsidie aan religieuze instellingen, met als doel die onmiddellijk te laten stopzetten. Dat de raad dat in de meeste gevallen helemaal niet kan omdat ze geen partij is in de contracten die veelal tussen stadsdelen en religieuze organisaties zijn getekend, wordt een praktisch detail van ondergeschikt belang gevonden.

In stadsdeel Oost stuurt de verantwoordelijke bestuurder, Lieke Thesingh van GroenLinks, ondertussen een brief naar De Verbinding waarin per 1 april 2014 de huur wordt opgezegd. Dat is juridisch gezien de eerst mogelijke datum. Bovendien is het gebouw vanaf die datum vrij van Europese voorwaarden. De oriëntaals gedecoreerde gebedshuizen zou je vanaf dat moment ongestraft kunnen verkopen aan een hip eettentje, gesteld dat daar in de Transvaalbuurt behoefte aan zou zijn.

Medium verbinding8 small
Medium verbinding9 small

De brief slaat in als een bom. De moskeegemeenschappen reageren met ongerustheid, onbegrip, woede en frustratie. Wat men daar niet weet is dat deze brief wonderwel past in een nieuw beleid om op het welzijnswerk te bezuinigen. Het stadsdeel heeft al bij veel welzijnsorganisaties de huur opgezegd met als doel opnieuw over het huurcontract te onderhandelen. Gebouwen moeten multifunctioneel worden, meer clubs onder één dak, dat levert wellicht geld op. Maar daar zijn de moskeegangers niet van op de hoogte. Zij lezen alleen maar dat zij het gebouw uit moeten. Een gebouw waar zij zelf veel in hebben geïnvesteerd. Het interieur van de gebedsruimtes hebben ze zelf bekostigd. Het tegelwerk, de tapijten, het stucwerk, de kroonluchters – allemaal eigen werk. Dat, zo lezen zij, zijn ze over twee jaar kwijt.

Op 15 februari 2012, acht uur ’s avonds, krijgt men de kans alle emoties te uiten als de deelraad over de kwestie vergadert. De publieke tribune zit stampvol, een groot aantal betrokkenen heeft zich aangemeld als inspreker. Alle sprekers – oudere mannen, jonge mannen, jonge vrouwen – krijgen twee minuten. Ze lezen hun verklaringen voor, beheerst maar geëmotioneerd. Men heeft het over de grote inzet van vrijwilligers, de onbetrouwbaarheid van het stadsdeel, de onrust onder ouderen voor wie De Verbinding een buurthuis is, de groeiende overlast als de boel wordt gesloten. Een 31-jarige vrouw vertelt dat ze hier in de buurt is geboren, dat de moskee haar geholpen heeft haar achterstand in de Nederlandse taal in te halen, dat ze daar nu om elf uur ’s avonds veilig over straat durft te lopen. De raadsleden zijn zichtbaar onder de indruk.

Maar als de raadsleden zelf aan het woord komen, verzandt ook deze discussie al gauw in een ellenlang geneuzel over de scheiding van kerk en staat. Het publiek luistert urenlang met toenemende vervreemding naar een abstract vertoog gevoerd op basis van modieuze slogans die volstrekt voorbijgaan aan de complexe realiteit die zich niet in simplistische politieke retoriek laat vatten. Alleen Harko van den Hende van de lokale pvda doet een poging om aan te tonen dat religie en politiek zich niet zo gemakkelijk laten scheiden. Hij haalt het voorbeeld aan van het Leger des Heils dat vele miljoenen aan subsidie krijgt. Het Leger bestaat uit een kerkbestuur enerzijds en een bestuur welzijns- en gezondheidszorg anderzijds en beide besturen kennen vrijwel dezelfde personele bezetting. Geen politicus denkt dat daardoor de scheiding van kerk en staat op het spel staat. Maar het Leger is dan ook niet islamitisch.

Medium verbinding10 small

De pvv zit niet in de raad van stadsdeel Oost. Ook de sgp vind je daar niet. Wel de meeste andere bekende partijen plus een lokale partij, MeerBelangen. Niemand heeft het over moskeeën als ‘haatpaleizen’ of ‘kazernes van de islam’. Maar het publiek ervaart in hoofdzaak de hele discussie wel degelijk als een rechtstreeks uitvloeisel van het anti-islamsentiment in de Nederlandse maatschappij en politiek. Daar redeneert men als volgt: wij worden al jaren gemaand te integreren en mee te doen. Door de vrijwilligersactiviteiten in De Verbinding leveren wij ons aandeel aan het welzijn in de buurt. We hebben een nieuw gebouw gekregen waar we aanzienlijk meer huur voor betalen dan in het oude pand. Maar nu breekt het stadsdeel zijn woord en stuurt ons de straat op. En waarom? Omdat ze in de raad te labbekakkerig zijn om de stemmingmakerij tegen moslims eens tegen te spreken. Omdat ze te laf zijn om te zeggen: we hebben een deal gesloten met de moskeeën en daar staan we voor. Omdat ze kleine foutjes die gemaakt zijn aangrijpen om een hoogdravend verhaal op te hangen over de scheiding van kerk en staat waarachter een politiek correcte versie van het anti-islampopulisme schuilgaat. Want waarom is het anders dat die scheiding zelden ter sprake komt als het om andere religieuze organisaties gaat?

Het is al na elven als de verantwoordelijke bestuurder Lieke Thesingh aan het woord komt. Zakelijk, met grote bestuurlijke ervaring, maar ook wat vermoeid zet ze alle raadsleden op hun plaats. Ze legt overtuigend uit dat er geen enkele reden is om aan te nemen dat er is gesjoemeld met Europese subsidies. Maar Thesingh kan niet verbloemen dat ze met haar brief waarin ze de huur opzegt de stichtingen feitelijk het mes op de keel zet, zo van: vergeet de getekende overeenkomsten, jullie accepteren nu een huurverhoging, anders vliegen jullie er bij de eerste de beste gelegenheid uit. Je kunt ook zeggen dat zij behendig van alle opwinding gebruik maakt om het bezuinigingsbeleid op het welzijnswerk vervroegd door te voeren.

Het heeft er kortom alle schijn van dat de commotie op een geldkwestie zal uitlopen. Twee groepen moslims, de meeste behorend tot de sociaal-economische minima, zullen naar alle waarschijnlijkheid onder politieke druk een tussentijdse en juridisch gezien twijfelachtige huurverhoging moeten accepteren. Maar daarmee is de scheiding van kerk en staat dan wel geborgd.


Oskar Verkaaik is universitair hoofddocent antropologie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij werkt aan een boek over de architectuur van religieuze minderheden in Europa