Portret van Ksenia Galiaeva

De schemerlamp op het bijzettafeltje

De beelden die fotografe Ksenia Galiaeva toont zijn zo vertrouwd dat haar kijker bijna niet anders kan dan zich meteen thuis te voelen in haar scènes. De foto’s tonen lome, huiselijke situaties, in zeeën van tijd. ‘Tijd is het hoofdthema van mijn werk.’

DE FOTO’S VAN Ksenia Galiaeva roepen een sentiment op van een herkenbare, vervlogen tijd. Het zijn huiselijke beelden. Alsof je naar een decor kijkt, met daarin het interieur en de gebruiksvoorwerpen uit je eigen jeugd – het eierdopje met een barst of een bord met een hoekje eruit – waarin je ouders de vertrouwde hoofdrollen spelen.
In haar laatste tentoonstelling bij Ellen de Bruijne Projects (2006) waren tableaus van foto’s over de witte wanden verspreid, op het eerste oog zonder ordening. Sommige foto’s hingen gegroepeerd, andere op rij naast elkaar. Het geheel kreeg coherentie doordat steeds dezelfde personen in beeld terugkeerden. De zomerscènes speelden zich af op het Russische platteland, in en rond een datsja, de winterscènes in een appartement in een Russische provinciestad. Het zomerhuis werd omringd door een tuin, een deel daarvan was moestuin.
De personen die terugkeerden zijn een echtpaar van rond de zestig, een glanzend bruine teckel, een jonge man en de kunstenaar zelf, wier gelaatstrekken gelijkenissen vertonen met de oudere vrouw. In de foto’s struint het gezelschap samen of individueel door de moestuin, ze bereiden maaltijden in een keuken, hangen op een sofa voor een flikkerende beeldbuis of verplaatsen zich in de auto door een kaal land. De vrouw des huizes is regelmatig aan het telefoneren, het zijn kennelijk vrolijke conversaties want ze lacht er ontspannen bij. Soms zit ze heel sereen op de sofa, verdiept in een boek. Ze doet geen enkele moeite zich flatteus naar de camera te richten, ze lijkt zich niet van de camera bewust of zich er in ieder geval niet aan te storen. We zien iedere welving van een onderkin en haar melkwitte dijen wanneer ze naar de waterlijn van een blauw meer loopt. De oudere man doet evenmin aan poseren, in een gedateerd model zwembroek scharrelt hij door de tuin en moestuin, zakt in jolige stemming diep weg in een te zacht opgepompte rubberboot. De reebruine teckel wijkt niet van zijn zijde.
Uit de fotoreeks van huiselijke taferelen spreekt een intimiteit die door jaren van gewoonte moet zijn gegroeid. Want schaamteloos rondbanjeren in verbleekte badkleding is een fysieke vorm van nabijheid zoals alleen gezinsleden die onderling van elkaar gedogen.

DE NESTWARMTE WORDT bijna voelbaar in de foto van de woonkamerscène. Het oudere echtpaar en een jonge vrouw zitten in stilte bijeen, de donkere kamer wordt verlicht door een paar schemerlampen. Ze zijn ieder op hun eigen sofa neergestreken.
Op de vloer liggen tapijten, over vaders bank zijn twee bruin gekleurde dekens gedrapeerd. Moeder doet iets met een afwasteiltje, misschien dopt ze alvast de boontjes voor morgen. De lichtkegel van een schemerlamp valt precies op vader en kleurt niet alleen zijn gelaat maar ook het schilderijtje aan de wand. De jonge vrouw klemt het fototoestel in haar hand en maakt met gestrekte arm een foto van zichzelf en haar gezelschap. Je kunt de klok bijna horen tikken.
‘De hoofdpersonen zijn mijn ouders, hun hond en mijn echtgenoot’, vertelt Galiaeva (1976, Pskov, Rusland) wanneer ik haar een paar maanden later in haar atelier bezoek. Haar werkruimte is gelegen aan een Amsterdamse kade. Twee keer per jaar, in de zomervakantie en rond de kerstdagen, reist Galiaeva samen met haar man naar Rusland om haar ouders te bezoeken. Tijdens die verblijven pakt Galiaeva zo nu en dan de camera op en maakt ze aaneengesloten series. Na de eerste tien opnamen slaan haar ouders geen acht meer op de camera en gaan ze door met hun bezigheden. Ksenia Galiaeva: ‘Toch zijn mijn ouders in de foto’s meer fictieve personages dan echte mensen en in zekere zin zijn de foto’s karakterschetsen. Mijn personages doen geen onverwachte dingen, iets wat buiten hun karakter valt.’ In sommige van de fotoreeksen is de fotograaf voor een deel zichtbaar, soms zijn het haar knieën, dan weer eens haar voeten.
‘Wanneer ik op dat moment toevallig in kleermakerszit op de grond zit, dan blijf ik zo zitten en maak ik mijn foto’s vanuit dat lage standpunt en altijd uit de hand.’ Op sommige foto’s zie je de gefotografeerde persoon iets in de richting van de camera zeggen. ‘We keuvelen gewoon door tijdens de fotosessies’, lacht Galiaeva.
Niet alleen in de letterlijke conversaties met de personen in de foto’s, maar juist ook uit het ontspannen zwijgen in de andere foto’s voel je een intieme familiesfeer. Galiaeva’s ouders vervullen met verve de rollen van het archetype vader en het archetype moeder waardoor je jezelf als toeschouwer aan de rommelig gedekte tafel thuis waant, terwijl vader de zoveelste fles wijn ontkurkt en moeder in een luchthartig telefoongesprek is verwikkeld. Het zijn niet alleen de familieleden en het natuurlijke licht die de geborgen atmosfeer in de foto’s bepalen. Galiaeva laat het oog van haar camera liefdevol over de huiselijke attributen glijden: het bonte ratjetoe aan drink- en wijnglazen op tafel, het pluizige kleed op de vloer, de schemerlamp op het bijzettafeltje die niet alleen licht geeft maar ook een schaduw op de wand werpt.

ALS DE EADWEARD MUYBRIDGE van het nonspektakel fotografeert Galiaeva al jarenlang haar familieleven in Rusland en al die duizenden foto’s bewaart ze in archiefdozen. Edward Muybridge was de eerste fotograaf die beweging wist vast te leggen. Zoals een animator zijn stripfiguren met duizenden opeenvolgende tekeningen tot leven wekt, zo registreerde Muybridge iedere beenbuiging van een galopperend paard. Wanneer je al die foto’s achter elkaar legt, zie je in slowmotion een paard galopperen en kun je precies je vinger leggen op het moment dat alle vier de paardenhoeven van de aarde loskomen. Net zo precies legt Galiaeva een beweging vast, alleen is die niet zo spectaculair: het verglijden van de onbeduidende tussentijd.
Boat is een fotoreeks waarin de ouders in de weer zijn met een pomp en een rubberboot. Eigenlijk is het alleen moeder die in de weer is, vader hangt in de half opgeblazen boot en je hoort hem vanuit zijn comfortabele positie instructies geven. Eén foto volstaat niet, Galiaeva toont ons de gebeurtenis in twaalf foto’s die onderling niet veel van elkaar verschillen. Ze zijn steeds vanuit hetzelfde standpunt genomen en ook de gezichtsexpressie van de modellen verandert niet noemenswaardig, al kijkt vader steeds joliger en lacht moeder steeds iets minder hard mee. Doordat er in plaats van slechts één foto twaalf foto’s aan zijn gewijd, krijg je als toeschouwer een realistischer indruk van tijdsverloop en rolverdeling, de interactie tussen de ouders. Galiaeva: ‘Tijd en continuïteit zijn de hoofdthema’s in mijn werk. Het idee dat het leven zo snel voorbij gaat geeft mij een paniekerig gevoel, maar werkt ook als de motor achter mijn ondernemingen. Je zou mijn foto’s als vanitas kunnen beschouwen, maar dan zonder de gebruikelijke attributen.’
GALIAEVA’S WERK DOET denken aan cijfertekeningen die uit genummerde stippen bestaan. Het kind wordt geacht die stippen door middel van lijnen met elkaar te verbinden, van stip 1 naar stip 2 enzovoort, zo leert het tegelijkertijd cijfers herkennen en tellen. Als alle stippen in de goede volgorde met elkaar verbonden zijn, is er een tekening ontstaan, bijvoorbeeld de omtrek van een beer op een fietsje. Met haar verhalende fotoreeksen trekt Galiaeva als het ware lineaire strepen door de tijd en laat op die manier een ‘tekening’ ontstaan.
Terwijl Galiaeva me op Russische chocola trakteert en nog tientallen foto’s laat zien, dringt zich steeds een passage aan me op uit Pascal Merciers Nachttrein naar Lissabon: ‘Van de duizenden ervaringen die wij opdoen, brengen we er hooguit één ter sprake, en dan ook die ene alleen maar toevallig en zonder de zorgvuldigheid die de ervaring verdient. Tussen al die verzwegen ervaringen zitten diegene verborgen die ons leven ongemerkt zijn vorm, kleur en melodie geven.’
Door alle op het oog onbeduidende momenten vast te leggen, toont Galiaeva ons iets van de kleur, vorm en melodie van een gemiddeld familieleven. Zoals ze zegt: een vanitas maar zonder de gebruikelijke attributen. Daar moet iets van ‘heimweemoed’ aan ten grondslag liggen. ‘Hoewel ik geen optimist ben, maak ik vooral gebruik van feel good-momenten: situaties die ik me graag wil blijven herinneren en waarmee ik mijn herinneringen kan sturen. Ik heb er trouwens nog steeds moeite mee om mezelf als fotograaf te beschouwen. Fotograferen is nooit echt een keuze geweest; ik wilde altijd boekillustrator worden, of schilder. Tijdens mijn studie aan de Academy for Art and Design in ’s-Hertogenbosch kreeg ik een oude Zenit cadeau. De foto’s die ik toen maakte illustreerden de verhalen over mijn datsja voor iedereen die vragen had over het “exotische” Rusland.’
In haar atelier heeft Galiaeva een eigen doka ingericht waar ze haar kleurenprints afdrukt. Meestal fotografeert ze op diafilm. Omdat ze de diafilm als een normale negatieffilm ontwikkelt – een techniek beter bekend als cross over – levert dat overdreven verzadigde kleuren op. Er is veel vermiljoenrood in haar foto’s, net als marineblauw. Het gras, de moestuin en het struikgewas in haar Rusland zijn beduidend groener dan menig grasperk in Nederland. Galiaeva’s intense kleurenstaalkaart is een welkom effect, want kennen we onze beste herinneringen ook niet meer kleur toe? Zoals Nabokov in zijn laatste Russische roman The Gift schrijft: ‘Awakening early in the morning he knew what kind of a day it would be by looking at a chink in the shutter, which showed a blue that was bluer than blue and was hardly inferior in blueness to my present remembrance of it.’

Ksenia Galiaeva heeft een solo-expositie op Art Amsterdam, 13 t/m 17 mei in de Rai. Haar eerste fotoboek, Dacha, verschijnt in september