De Spaanse minister heeft de Jaguar niet gezien

Barcelona – Een van de meest fascinerende kanten aan de stroom corruptiezaken waar de Spanjaarden de laatste tijd mee worden overspoeld, is de afwezigheid van scrupules bij de hoofdrolspelers. Dat gaat soms onwaarschijnlijk ver. Zelfs wie met de hand in de kassa wordt betrapt, krijgt het nog voor elkaar om met een stalen gezicht de vermoorde onschuld uit te hangen. Waar haalt u het lef vandaan om de eerbaarheid van betrokkene in twijfel te trekken?

Weet u wat? Onze partij zal alles en iedereen voor de rechter slepen die het waagt ons publiekelijk in verband te brengen met envelopjes, smeergeld of illegale partijfinanciering. ‘Letterlijk alle media en iedereen.’ Zulke dreigende taal komt uitgerekend van de partij die in de meeste corruptieschandalen verwikkeld is, de rechtse Volkspartij van premier Rajoy. Toch houdt Rajoy vol dat zijn partij per definitie ‘onverenigbaar’ is met corruptie.

Eigenlijk is dat best knap, zo’n hoog niveau van schaamteloosheid. Ik kan in ieder geval maar twee manieren bedenken om dat peil te bereiken. Ofwel we hebben te maken met buitengewoon begaafde acteurs, of ze geloven écht dat ze in hun volste recht staan om naar believen te zwendelen en sjoemelen met overheidsgeld.

Neem Ana Mato, minister van Gezondheidszorg. Zij en haar (ex-)echtgenoot, ook lid van de Volkspartij, hebben volgens onderzoeksrechter Ruz meer dan een half miljoen euro aan smeergeld ontvangen van het maffiose Gürtel-­netwerk. Ook kreeg het echtpaar auto’s ter waarde van 83.000 euro en voor een halve ton aan reizen en feestjes cadeau. Dat was natuurlijk allemaal laster en Ana kon zich de Jaguar in de garage trouwens niet eens herinneren

Ook bij Ana Mato dus geen spoortje schuldbesef, net als bij al die andere Spaanse politici die vaak op de meest verrassende manieren aan een veroordeling ontsnappen. Volgens de gepensioneerde bankdirecteur Manuel Puerto heeft hun minachting voor het afleggen van democratische verantwoording vaak ook een religieus-ideologische oorzaak. Puerto was oprichter van een van de eerste Spaanse investeringsbanken en heeft decennia verkeerd in kringen van de financiële elite en de daarmee verbonden politici. In een recent boek stelt hij vast dat die kringen voor een groot deel beheerst worden door twee ultraconservatieve religieuze clubjes: Opus Dei en de Legionairs van Christus. Hun leden hoeven alleen tegenover God verantwoording af te leggen. In de top van de Volkspartij zijn ze rijkelijk vertegenwoordigd. Ana Mato behoort er ook toe.