De Spaanse regering vervangt corruptiebestrijders

Madrid – Een nieuwe regering, dat betekent in Spanje ook een nieuwe top van het Openbaar Ministerie. Het moment bij uitstek, zo bleek onlangs, om een serie hoofdofficieren te vervangen die het de regeringspartij Partido Popular (PP, Volkspartij) moeilijk hebben gemaakt door corruptie aan te pakken.

De belangrijkste wisseling betreft de hoofdofficier voor anticorruptie. De corruptiebestrijding wordt voortaan ter hand genomen door de enige van de zeven kandidaten die daar geen ervaring mee heeft. Wel kneep hij een oogje toe bij de vervolging van de voormalige PP-presidente van de regio Madrid. Die parkeerde haar auto op de busbaan in de Gran Vía, een van de voornaamste wegen door centrum Madrid. De regiopresidente sloeg op de vlucht toen twee agenten haar wilden beboeten. De toenmalige hoofdofficier koos er echter voor haar geen burgerlijke ongehoorzaamheid aan te wrijven.

Nu, als hoofd corruptiebestrijding, zal hij met tal van andere PP-politici in aanraking komen. Er zijn nogal wat corruptievervolgingen aan de gang: tegen de penningmeester van de PP, bijvoorbeeld. Ook de hoofdofficier van Murcia moest het veld ruimen. Hij startte een onderzoek op naar de regiopresident van PP-huize. Die wordt beschuldigd van ambtsmisbruik, fraude en verduistering van gemeenschapsgeld – een vertrouwd rijtje in Spanje. Deze keer was het dubieus bekostigde bouwwerk een theater in een dorp van krap dertienduizend zielen.

Na zijn ontslag deed de hoofdofficier een boekje open over wat corruptiestrijders allemaal meemaken. Wie corruptie bevecht, krijgt te maken met intimidaties. Hij vertelde dat er wordt ingebroken bij officieren van justitie, die dan bij thuiskomst ‘een visitekaartje vinden’ van de verdachten. Vaak ook worden er lastercampagnes gestart tegen de openbaar aanklagers.

Het aanstellen van de nieuwe hoofdofficieren van justitie is in Spanje een driekoppige beslissing: de procureur-generaal, de regering en het parlement moeten ermee akkoord gaan. Toen de zittende procureur-generaal weigerde sommige van de officieren te ontslaan, werd ze zelf vervangen door de minister van Justitie. De nieuwe procureur-generaal ‘hield zich aan de opdracht om enkele personen uit de top van het Openbaar Ministerie te vervangen die het minst aangenaam waren voor de regering’, zo merkte de centrum-linkse krant El País fijntjes op.